Zoëlho, op naar een bewuste levensstijl.

Gal

 

Laatste bijwerking : 2021.11.19

 

Synthese :          

 

Gal (basische vloeistof) wordt gevormd in de lever en uitgescheiden/gestockeerd in de galblaas (1L/dag). De galblaas is een peervormig orgaan aan de rechterzijde van de buik, net onder de lever. De lever stimuleert de galproductie. Een goed werkende lever is dan ook belangrijk wil men galproblemen vermijden.

 

Gal bestaat naast cholesterol, bilirubine en calcium, uit lipotrofe stoffen als taurine maar ook uit fosfolipiden als choline en lecithine.

 

Lipotrofe stoffen gaan leververvetting tegen maar lipotrofe stoffen zijn vooral belangrijk voor de gezondheid omdat zij de immuniteit stimuleren : de productie van antistoffen door de thymus, de activiteit van fagocyten...

 

Gal dat vloeit uit de lever wordt in de galblaas tot 20x sterker geconcentreerd. Na het wegnemen van de galblaas, vloeit enkel nog gewone galvloeistof door tot in de dunne darm. Dat heeft daar gevolgen : onvolledige vetvertering, tekort aan essentiële vetzuren en aan vetoplosbare vitaminen (ADEK), opgeblazenheid, rechter schouder pijn, onvolledige eliminatie van toxines, onvoldoende omzetting van het schildklierhormoon T4 naar T3 (met risico op hypothyroïdie), constipatie/diarree...

 

Het betreft hier een "exocriene" secretie (tegengesteld aan de "hormonale"), daar de gal niet langs het bloed passeert maar rechtstreeks via een leiding, de hoofdgalweg. Deze weg wordt afgesloten via een ringvormige sluitspier, de sfincter van Oddi. Zolang deze sfincter gesloten blijft, wordt de gal, welke constant door de lever wordt aangemaakt, hierin opgestapeld. Wanneer de voedingsprop het duodenum bereikt gaan de aanwezige vetten, in contact met de darmwand, de vrijstelling van het hormoon cholecystokinine stimuleren. Dit hormoon gaat de opening van de sfincter van Oddi bevelen, alsook het samentrekken van de spieren gelegen in de galblaaswand, waardoor haar inhoud naar buiten in de darm wordt gestuwd.

 

De hoeveelheid galzouten wordt in stand gehouden door de enterohepatische circulatie (dunne darm/lever via leverpoortader). Hierbij spelen diverse eiwitten een rol : samen met glycine zorgt taurine ervoor dat de overtollige cholesterol in de galblaas wordt afgevoerd onder de vorm van galzouten. Dit proces wordt echter sterk verstoord door het gebruik van de pil bij vrouwen, en bij vegetariërs omdat taurine enkel voorkomt in dierlijke levensmiddelen zoals vlees, gevogelte en vis.

 

De galzouten worden dus 6 à 12 x per dag hergebruikt na resorptie uit de darm en keren terug naar de lever via de portale circulatie. Slechts een kleine hoeveelheid galzouten wordt niet heropgenomen en wordt uitgescheiden via de nieren (enige manier om cholesterol uit te scheiden!). Indien deze heropname van de galzouten mank zou lopen, kunnen er problemen ontstaan bij de afbraak van vetten (galzouten zijn de enige weg), de assimilatie van vit K, de stimulatie van de peristaltische beweging, of bij het vrijkomen van pancreas-enzymen.

 

Rol in het organisme :          

 

De galblaasbuis komt uit de galblaas en verenigt zich met de afvoergang uit de lever, de leverbuis genoemd. Deze afvoergangen vormen vervolgens samen de galbuis, die uitmondt in de twaalfvingerige darm (duodenum) (bovenste deel van de dunne darm, het eerste stuk darm na de maag). Met de hulp van lipasen (vrijgesteld door de pancreas) vergemakkelijken de galzouten de afbraak van de opgenomen vetten in de darm : decompositie van macromoleculen in enkelvoudige vetzuren (VZ) en glycerol (door Hydrolyse). Organische moleculen worden op deze wijze omgezet in voor het organisme bruikbare elementen. De kleine moleculen kunnen door de darmwand heen naar de bloedbaan en uiteindelijk in de cel.

 

De hoofdbestanddelen van gal zijn : galzouten (74%), Bilirubine en cholesterol (6%).  Het bevat geen enzymen. De gal is in staat de aanwezige triglyceriden in emulsie te brengen en hen vervolgens als kleine druppeltjes (micellen) te verspreiden. Deze oppervlaktevergroting laat het lipase enzym toe haar afbraakwerk efficiënter te verrichten. Deze micellen worden ook gebruikt voor het transport en de gelijktijdige opname van vetoplosbare vitaminen. Galstenen ontstaan wanneer de verhouding tussen deze bestanddelen uit balans is.

 

De meeste galstenen worden gevormd in de lever en verstoppen de galkanalen in de lever. Ongeveer 20% van de bevolking ontwikkelt in haar leven galstenen in de galblaas. Ook na operatieve verwijdering van de galblaas kunnen deze klachten blijven bestaan ten gevolge van galstenen in de lever-galwegen en onvoldoende aanwezigheid van bijvoorbeeld taurine.

 

Voor een maximale secretie van gal en van maagsappen zit het organisme best in een parasympathische modus gekenmerkt door rust en kalmte (ontbreken van enige druk, storend geluid of bruuske bewegingen).

 

Pathologie :          

 

    • Galkolieken : pijnlijke crisissen samen met verteringsproblemen en opgeblazen gevoel ; uitgezonderd bij duidelijke medische redenen is geen behandeling aangewezen.

 

    • Galstenen (bestaan uit overwegend cholesterol met daarnaast bilirubine en calcium in varierende verhoudingen) :

 

      • Cholesterol is onoplosbaar in water, maar wordt normaal vloeibaar gehouden door de oplossende kracht van galzouten en van lecithine.

 

      • Galzouten zorgen in aanwezigheid van geschikte enzymen (lipase...) voor de vertering van micellen (kleine vetdruppels) en triglyceriden met vrijstelling van monoacylglycerol en vetzuren.

 

      • Bilirubine (gele kleurstof) is het afbraakproduct van hemoglobine (rode bloedcellen).

 

---> Het risico wordt groter met de leeftijd, het komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen en treft vaker mensen met overgewicht of een verstoorde vetstofwisseling (dyslipidemie). Indien de voeding te weinig vet bevat, verzamelen zich in de galblaas residuen die tot galstenen kunnen leiden (vegetariërs lopen een hoger risico op galstenen).

 

Deze galstenen kunnen lange tijd geen enkel nadeel veroorzaken (asymptomatisch). Maar in de meeste gevallen gaat de patiënt met de tijd bepaalde symptomen vertonen gaande van verteringsstoornissen met flatulentie tot het optreden van een galcrisis, dikwijls gepaard gaande met nausea, soms met braken, en met steeds pijnlijkere crisissen, in het algemeen in het bovenste gedeelte van de buik of in het rechtse gedeelte ervan. De pijn kan uitstralen naar de rug, tussen de schouderbladen. Rechtopstaand of neergelegen zoekt de persoon ononderbroken naar de meest confortabele positie om de pijnen te milderen. Sommige personen hebben een of twee crisissen, maar blijven vervolgens jaren symptoomvrij. Worden de crisissen echter frequenter en bewees een echografie de aanwezigheid van galstenen, dan is het aanbevolen de galblaas te verwijderen. In geval van complicaties (acute cholecystitis = zelden optredende bacteriële infectie van de galblaas, gepaard gaande met vergelijkbare symptomen als bij galkolieken, doch hier meestal met koorts en verkrampt stilzitten) moet een arts geraadpleegd worden.

 

Opgelet : andere oorzaken met vergelijkbare symptomen : maagzweer, maagperforatie (bloed in braaksel), gastro-oesofageale reflux, buikpathologie, ... (zie "Maag- en darmstoornissen")

 

In andere gevallen gaat het over een klein galsteentje dat zich een weg baant naar de uitgang en daar de galblaasweg gaat verstoppen. Daar de galblaas zich niet meer kan ledigen en anderzijds de lever continu gal blijft produceren, kan de gal terugvloeien naar de bloedcirculatie en geelzucht (icterus) veroorzaken. De opstapeling van gal in het bloed dient absoluut vermeden en vormt een chirurgische urgentie.

 

 In beide gevallen bestaat de chirurgische ingreep in het verwijderen van de galblaas, mét de galstenen erin (meestal via laparoscopie). Hierna gaat de galblaasweg zich meestal uitzetten om zo de functie van de galblaas over te nemen, om het opslaan van gal gedeeltelijk mogelijk te maken. Wegens de verloren of onvoldoende synchronisatie tussen voedingspassage en galvrijstelling, treden bij de patiënt achteraf stoornissen op zoals diarree, opgeblazen gevoel, flatulentie, ... De laag-geconcentreerde galvloeistof niet instaat is om de vetten volledig te verteren en kan er diarree alsook een acuut tekort aan de vetoplosbare vitaminen A,D, E en K ontstaan. Daarnaast komt het zuur-base evenwicht in het gedrang en wordt de darm gevoeliger voor indringers, waaronder de darmschimmel Candida albicans die aan de basis ligt van verschillende chronische ziektes.

 

 

    • Galdystonie :

 

Naast galstenen, kan ook galmodder (sludge) de oorzaak zijn van galdystonie, galstoornissen tengevolge van het slecht functioneren van de galblaas : het slecht of traag ledigen kan leiden tot trage en moeilijke vertering, tot opgeblazen buik en nausea. De persoon zal meestal meer en meer voedingsmiddelen moeten mijden omdat hij ze niet meer kan verteren. Deze patiënten klagen dikwijls van "leverpijnen", alhoewel de lever hier niets mee te maken heeft.

 

Praktisch :          

 

    • preventie :

      • opgelet bij : vrouwelijk geslacht, zwangerschap, oestrogeensuppletie bij de menopauze, zwaarlijvigheid, vermageren met yo-yo effect, familiale voorgeschiedenis van galstenen, bepaalde ziekten, bepaalde farmaca, ...

 

      • er is een relatie tussen ziekten van gal en lever en psyche : ergernis en woede, langdurig leed, zware zorgen en diepe krenkingen kunnen tot plotse pijn en galontstekingen leiden.

 

 

      • gezond en evenwichtig eten :

        • vermijden van enkelvoudige suikers en verzadigde vetten

        • beperken van alcoholinname

        • vezelrijke voeding.

 

 

 

    • voeding :

      • verteringsstoornissen : elkeen zal wel weten welke specifieke voedingsmiddelen (of gerechten) bij hen een "levercrisis" kan uitlokken.

      • kies voor kleine frequente maaltijden : hierdoor zal de galblaas zich regelmatiger samentrekken en zijn inhoud uitscheiden.

 

      • steen- en moddervorming :

      • mijd vette voeding : vetrijke en/of te zware maaltijden, ook alcohol.

        • slagroom, chocoladevla, moeilijk verteerbare sauzen, ...

      • opteer voor de goede vetten (vette vis, olijfolie, amandelen, ...)

      • verkies planaardig voedsel : de aanwezige vezels en proteïnen beschermen ons tegen galstenen.

 

      • vermageren indien nodig, maar traag : te rap vermageren doet het cholesterolgehalte in de galblaas stijgen en te weinig eten beperkt haar activiteit waardoor afvalstoffen zich kunnen opstapelen in de galblaas (dus ook geen maaltijd overslaan).

 

    • chirurgische ingreep :

      • met de klassieke chirurgie.

 

      • met laparoscopie (meestal via 3 gaatjes in de buikwand)

        • hierbij is het opblazen van de buikruimte wel nodig om de organen visueel te kunnen onderscheiden.

        • bij hemorragie, kan het operatiegebied onderlopen, wat dikwijls de chirurg verplicht de ingreep op de klassieke manier verder uit te voeren.

 

          

 

 ZOELHO (c) 2006 - 2024, Paul Van Herzele PharmD        Laatste versie : 27-mei-24                     

DisclaimerDisclaimer

 

De lezer dient steeds in acht te houden dat de beschreven curatieve eigenschappen in geen enkel geval het medisch advies vervangen, welke steeds onmisbaar is bij het stellen van een diagnose en bij bepaling van de ernst van de aandoening. Wel wordt de gebruiker gestimuleerd beslissingen met betrekking tot zijn gezondheid te nemen, op basis van eigen research, steeds in samenspraak met een professionele gezondheidswerker.

 

In alle gevallen valt het gebruik van dit programma enkel onder de controle, het beheer, de risico's en de verantwoordelijkheden van de gebruiker.