Zoëlho, op naar een bewuste levensstijl.

Leververvetting

 

           Laatste bijwerking : 2023-04-02

 

 

Metabool geassocieerde steatotische leverziekte (MASLD, voorheen NAFLD).

 

De lever is de chemische fabriek van ons lichaam. Dit orgaan zorgt voor de opname van voedingsstoffen en het omzetten ervan naar bouwstenen voor ons lichaam. De lever zorgt ervoor dat andere organen tijdig van suikers, eiwitten en vetten worden voorzien. Hij maakt ook gal aan om bijvoorbeeld vetten te verteren. Daarnaast werkt onze lever als een zuiveringsstation voor ons lichaam. Zo maakt hij giftige stoffen in het lichaam onschadelijk, zoals alcohol. De lever zorgt ook voor de stolling van het bloed. Zo voorkomt de lever mee dat er klonters of bloedingen ontstaan.

 

Deel uitmakend van vele biochemische sleuteltaken is de lever voor het goed functioneren van het organisme onmisbaar. De lever als immuunorgaan speelt ook een voorname rol bij de organisatie van onze immuunverdediging (poortwachtfunctie). Het is dus niet verwonderlijk dat de lever betrokken is bij een groot aantal pathologieën zoals obesitas, diabetes en insulineresistentie. Is de lever ziek, dan is heel het lichaam ziek.

 

De lever bevat 2 delen : de levercellen (hepatocyten) en de galkanalen. De eersten leveren energie aan het organisme en helpen enzymatisch het bloed af van verontreinigende stoffen zoals  bacteriën, voedingstoxines, alcohol, microben, dode cellen, ammoniak, resten van geneesmiddelen, pesticiden en van gebruikte hormonen. De tweede zorgen voor de evacuatie van deze afvalstoffen met het galvocht. Maar gal speelt ook een belangrijke rol in de vertering : galzouten zorgen voor de vertering/splitsing van voedingsvetten zodat ze door de darm kunnen worden opgenomen. Gal en lever zijn dus sterk betrokken bij het verteringsproces.

 

Ontgifting, vetzuursynthese, productie van galzouten (cholesterol), beheer van het energie-metabolisme (glykemie) en het vetmetabolisme (conversie tot ketonlichamen), metabolisme van endocriene hormonen, gedeeltelijke activatie van vitamine D, vitamine A opslag, bescherming tegen infecties... maken deel uit van de lange lijst van belangrijke functies die door de lever worden verzekerd. Omdat de lever ook cholesterol gebruikt voor het aanmaken van galzouten, zal een goede galproductie ook bijdragen tot het beheersen van de cholesterolemie.

 

De werking van de lever heeft een belangrijke impact op de metabolisatiesnelheid : de rol van de lever in de behandeling van vetten en de eliminatie van afvalstoffen hangt in sterke mate af van het verteringssysteem. Daar voor de vertering van voedsel veel energie nodig is, zal een goed werkende lever een goede vertering bevorderen en zal een goede vertering op zijn beurt meer energie aanmaken. Dit verband wijst duidelijk op de metabole link tussen lever en energieniveau's.

Overzicht inhoud :

Rol van de lever in het vetmetabolisme

 

Regulatie van het vetmetabolisme in de lever

 

Verstoring van het vetmetabolisme in de lever

 

Schade door leververvetting

 

Praktisch

 

Inhoud :

Rol van de lever in het vetmetabolisme :             

 

De lever is de chemische fabriek van ons lichaam. Dit orgaan zorgt voor de opname van voedingsstoffen en het omzetten ervan naar bouwstenen voor ons lichaam (suikers, eiwitten en vetten). Hij maakt ook gal aan om bijvoorbeeld vetten te verteren.

 

De lever is de belangrijkste plaats voor

 

    • de novo synthese van

 

      • vetzuren uit AcetylCoA : de lever verestert de voltooide vetzuren tot triglyceriden die samen met apoproteïnen B100, C en E verpakt worden in VLDL

 

      • cholesterol uit AcetylCoA : de novo aangemaakte voedingscholesterol wordt door de lever verpakt in LDL, dat naast cholesterolesters ook het apoproteïne B100 bevat ; LDL brengt cholesterol naar de meeste lichaamscellen (zie ook : "Cholesterol, het transport")

 

    • de cholesterolexcretie via de galzouten (taurine, glycine...)

 

    • de afbraak van vetzuren (bèta-oxidatie tot AcetylCoA) bij vasten :

 

      • condensatie van AcetylCoA in het mitochondrium leidt tot de vorming van ketonlichamen die in het bloed gebracht worden en dienen als energieleverancier voor de meeste weefsels, de hersenen inbegrepen.

 

Normaal zijn opbouw (lipogenese) en afbraak van VZ (lipolyse) in evenwicht :

 

    • de opbouw van TAG is in balans met de afbraak van TAG.

 

Regulatie van het vetmetabolisme in de lever :              

 

De opbouw en afbraak van vetzuren is afhankelijk van de concentratie van malonyl-CoA of van de voldoende aanwezigheid van de enzymen acetylCoA carboxylase / biotine (opbouw) en de palmitoyltransferase / carnitine (afbraak).

 

 

Opbouw :

 

Glucose ---> citraat-pyruvaat cyclus ---> AcetylCoA

 

AcetylCoA + CO2 + ATP ---> AcetylCoA carboxylase  ---> malonyl-CoA + ADP + PI

 

(deze stap is irreversibel)

 

        • citraat activeert het enzym AcetylCoA carboxylase

 

Malonyl-CoA + NADPH (vooral uit de PPP shunt)---> vetacyl-CoA + NADP+

 

indien defecten in verdere reacties (bv. tekort aan NADPH uit PPP shunt) inhibeert malonyl-CoA :

 

        • zijn eigen synthese : remt het enzym AcetylCoA carboxylase

 

        • het enzym palmitoyltransferase (betrokken bij de lipolyse)

 

 

Afbraak :

 

TAG ---> afsplitsing van glycerol ---> VZ (acylgroep) ---> + CoASH  ---> AcylCoA

 

AcylCoA ---> palmitoyltransferase/carnitine  ---> AcetylCoA  ---> FAD/NAD+/CoASH ---> Krebscyclus ---> ATP

 

        • het enzym palmitoyltransferase remt het enzym AcetylCoA carboxylase (lipogenese)

 

 

De controle van het vetzuurmetabolisme in de lever vereist beslissende keuzes tussen metabole hoofdroutes :

 

zal

 

 

of zal

 

 

 

zal

 

      •  AcetylCoA  ---> malonyl-CoA ---> VZ ? (lipogenese)

 

of zullen

 

 

 

Beïnvloeding van de metabole routes gebeurt via

 

    • productiestimulatie of niet-productie : fosforylatie/defosforylatie van sleutelenzymen.

 

 

(zie ook : Regulatie van de vetzuurstofwisseling)

(zie ook : Regulatie van de suikerstofwisseling)

 

Verstoring van het vetmetabolisme in de lever :              

 

Verschillende effecten spelen een rol in een verhoogde TAG-afzetting in de lever (= leververvetting of steatose indien er accumulatie is van lipiden die 5% van het gewicht van de lever overschrijdt : reversibele leverstaat zonder ontstekingsverschijnselen of leverschade) :

 

 

    • door een verlaagde snelheid van de lipolyse (bèta-oxidatie van vetzuren) in de mitochondria van de spiercellen bv. door verlaagde carnitine...

 

 evenwicht biotine/carnitine.

 

    • door een verlaagde secretie van TAG door de lever

 

 

 

ANDERE

 

      • door mobilisatie van TAG uit adiposecellen : na Hydrolyse zijn verhoogde VVZ in het bloed de precursors voor de aanmaak van TAG in de lever.

 

vorming van VLDL in de lever moet gelijke tred houden met het aanbod VVZ.

 

      • door het hydrolyseren buiten de lever van chylomicronen gevuld met TAG uit de voeding via het lipoproteïne-lipase waardoor TAG ontstaan, wat op termijn leidt tot NASH (Non alcoholic steatohepatitis, of NAFLD - Non-Alcoholic Fatty Liver Disease), de stille doder. In vergelijking met steatose is NASH een ernstigere leveraandoening gepaard gaande met inflammatie en schade

 

NASH verhoogt het cardiovasculair- en type 2-diabetesrisico en kan verder evolueren naar andere leverziekten zoals cirrose, leverfalen en leverkanker. Bijna twee derde van de mensen met diabetes type 2 heeft al een ernstige vorm van littekenweefsel in de lever,

 

      • door alcohol : de lever kan maximaal gemiddeld 2.4g alcohol per dag afbreken. Daar boven verwerkt de lever alcohol zoals suiker tot vet (TAG) : met dus eerst een leververvetting en vervolgens, tgv de ontsteking, het ontstaan van levercirrose (leverfalen).

 

Daarnaast werkt alcohol ook als remmer van de hersynthese van glycogeen (opslag van suikers in de lever) na een belangrijke inspanning. De inname van alcohol na een sportieve inspanning (dus wanneer de suikerreserves uitgeput zijn) is dus verre van gezond.

 

      • door een tekort aan choline : choline is nodig om vet uit de lever te krijgen (choline is nodig voor de vorming van fosfatidylcholine, een belangrijke component van VLDL).

       

      • door teveel dierlijke eiwitten : dus matig met vlees.

       

      • door een belemmering van de eiwitsynthese door antibiotica, zware metalen en organische koolwaterstoffen.

 

Dus niet alleen teveel vetten en koolhydraten (en alcohol) maar ook teveel eiwitten kunnen leiden tot leververvetting.

 

Schade door leververvetting :              

 

Als er schade is aan de lever door alcohol, vervetting, een virus of een genetische ziekte, dan krijg je eerst een leverontsteking. Is de schade nog groter, dan ontstaat er littekenweefsel. Afhankelijk van de oorzaak kan je het probleem wegnemen door te stoppen met alcohol drinken, gewicht te verliezen of medicatie te nemen en dan zal de lever langzaam terug gezond worden. Enkel in de derde fase, als er littekenweefsel is over de hele lever, is er levercirrose en kan het probleem niet meer opgelost worden.

 

Vervetting van de lever is op dit moment de meest voorkomende leverziekte: twintig tot vijfentwintig procent van de Belgen loopt rond met leververvetting, maar het merendeel is zich daar niet van bewust. De lever geeft maar heel beperkt signalen als er iets mis is, omdat er geen zenuwen in zitten. Je kan met een groot leverprobleem rondlopen zonder dat je er iets van voelt.

 

 

Symptomen van leverlijden :

 

    • plotse gewichtstoename of verlies

    • vermoeidheid

    • gemakkelijk blauwe plekken : leverlijden zal ook zijn impact hebben op de vorming door de lever van bestanddelen die noodzakelijk zijn voor een adequate bloedstolling...

    • geelzucht : ten gevolge van bilirubine-opstapeling (product van de afbraak van rode bloedcellen)

    • vochtretentie : levercirrose zorgt voor inflammatie die op haar beurt de normale bloedcirculatie verstoort, met portale hypertensie als gevolg. Hierdoor stijgt ook de druk in de venen, waardoor vocht tussen de weefsels gaat accumuleren in de buik, benen en voeten (oedeem).

    • donkere urine : door uitscheiding via de nieren van het teveel aan bilirubine

    • onverklaarbare koorts : wijst op leverlijden door een virale infectie (Hepatitis A, B of C)

    • ...

    • energietekort, brain fog, moeilijk afvallen, vitaminetekort, slecht slapen en acné

    • hormonaal onevenwicht en fertiliteitsproblemen bij vrouwen.

    • ...

 

Als de lever slecht werkt en onvoldoende gal produceert :,

 

    • zullen afvalstoffen in het bloed er slecht uit verwijderd worden, wat her risico op een lange lijst van ziekten doet stijgen zoals allergieën, astma, auto-immuunziekten, depressie, kanker, hartziekten, obesitas, chronische vermoeidheid...).

    • zal het cholesterolgehalte stijgen.

    • zal de vertering verstoord worden, met symptomen zoals buikpijn, misselijkheid, migraine-aanvallen na het eten, kleverig mond, slechte adem, gele verkleuring van het oogwit, van de huid, oogwallen en slapeloosheid.

    • zal het galvocht stagneren in de galblaas met risico op aandikken, op steenvorming (galstenen), misschien tot blokkeren van de galwegen en verder tot het operatief verwijderen van de galblaas.

 

De mate van leverschade hangt af van het evenwicht tussen de vorming van littekenweefsel en de regeneratie van nieuwe levercellen. Als men niet ingrijpt dan kan de leververvetting (omkeerbaar) op zijn beurt een ontsteking van de lever veroorzaken. De chronische leverontsteking veroorzaakt littekens. Wordt de littekenvorming te belangrijk (fibrosis) dan gaat dit wegen op de leverfunctie. Door al dat bindweefsel krimpt de lever, wordt hij hobbelig en kan hij dus zijn functie niet meer goed vervullen. Vergevorderde gevallen van fibrosis kunnen tot cirrose (onomkeerbaar) leiden, en verder tot leverkanker. Mensen met levercirrose ontwikkelen tekorten van allerlei bouwstenen, ze nemen minder voedingstoffen op, hun gal hoopt op en hun lichaam verwerkt medicijnen niet meer op dezelfde manier.

 

    • Chronische consumptie van alcohol, obstructie van de galwegen, leverstuwing, tekort aan choline, overmatig gebruik van fructose (bv. in vruchtsappen)  en geraffineerde zetmeelhoudende voedingsmiddelen met hoge GI (glycemische index) (waaruit de lever endogeen fructose kan vormen via de polyol-pathway ) ... : kunnen leiden tot de ontwikkeling van leververvetting ten gevolge van de afzetting van een overmaat TAG in de lever ; de schade resulteert meestal in hepatitis en eventueel cirrose (met vochtretentie, spiermassaverlies, darmbloedingen, gewichtsverlies). Door een beperking van de hoeveelheid fructose die kinderen dagelijks opnemen kan leververvetting worden tegengegaan .

 

    • Leververvetting doet de hoeveelheid ER (vooral het ruwe ER, dat betrokken is bij de eiwitsynthese) dalen en beschadigt ook de mitochondria. Deze celschade wordt veroorzaakt door chronische verhoogde concentraties van acetaldehyde in de levercellen, welke daar inflammatie-reacties (hepatitis) induceren die op termijn kunnen leiden tot leverinsufficiëntie (cirrose).

 

    • Alcoholoxidatie in de lever doet de AcCoA concentratie stijgen en remt de vetzuuroxidatie (afbraak). Het extra AcCoA zal zich omzetten in vetzuren. Samen met een concentratieverhoging van Glycerol 3-P door een gedaalde concentratieverhouding NAD+/NADH wordt acylCoA tot TAG veresterd.

 

    • De verhoogde snelheid van de lipogenese (zie hoger) en de stijgende vrijstelling van VLDL kan hypertriglyceridemie veroorzaken.

 

  1.  

    • Patiënten met leververvetting vertonen een verlaagde opslagcapaciteit voor biotine, een belangrijke speler in het metabolisme van zowel Koolhydraten, Vetzuren als Eiwitten.

    • Bij leverschade zal de ontgifting van toxische stoffen uit de darm (normaal voor ontgifting door de lever via leverpoortader (die de lever van bloed voorziet uit de darmen) en vervolgens naar de systemische circulatie voor eliminatie) bij levercirrose via een shunt rechtstreeks in de systemische circulatie gebeuren.

 

 

 

Steeds meer mensen sterven aan leverziekten. In 10 jaar tijd (1998-2008) werden 60 procent meer beschadigde, uitgeputte en verziekte levers vastgesteld. De oorzaak daarvan zijn het overmatige alcoholgebruik, overgewicht en de toename van het aantal gevallen van hepatitis C. De lever, die giftige stoffen zoals alcohol neutraliseert, kan zwaar aangetast worden door overmatige alcoholconsumptie, wat tot geelzucht, coma, cirrose en zelfs de dood kan lijden De Morgen, 2010 01/09 . Maar ook het overmatig gebruik van paracetamol kan de oorzaak zijn... . Reden waarom het FDA op 14/01/2014 het voorschrijven en afleveren van paracetamol > 325mg/dosis liet stoppen .

 

Voorzichtigheid is zeker geboden bij patiënten bij wie de drempel voor levertoxiciteit door paracetamol is verlaagd: kinderen, zeer magere volwassenen (<50 kg), hoogbejaarde personen en personen met volgende risicofactoren: alcoholisme, chronische ondervoeding, lever- of nierinsufficientie [Folia Pharmacotherapeutica 04 2011]. 

 

Het is bekend dat psoriasispatiënten gemakkelijker leverproblemen krijgen. Dat is toe te schrijven aan een verhoogde productie van inflammatoire cytokines (TNF-alfa, IL-1, IL-6 etc.) en een verminderde productie van ontstekingsremmende cytokines en adiponectine. In een Nederlands cohortonderzoek bij 2292 patiënten bedroeg de prevalentie van NAFLD 46% bij de 118 patiënten met psoriasis en 33% bij de 2174 gezonde controlepersonen (p < 0,005). Na correctie voor een reeks variabelen was het risico van NAFLD 70% hoger bij oudere patiënten met psoriasis dan bij oudere patiënten zonder psoriasis. Dit risico was onafhankelijk van roken, alcoholgebruik en gelijktijdig optredend metabool syndroom. .

 

Patiënten met hepatische steatose zijn vaak asymptomatisch aangezien er een lange latentieperiode verloopt, waarin geen leversymptomen te zien zijn. Pas daarna komen de eerste symptomen : een pijnlijke lever, geelzucht, tekenen van hyperoestrogenisme en hyperandrogenisme, verhoogde GGT-waarden, een stijgend gemiddeld celvolume (MCV), trombopenie van het beenmerg... Het vaststellen van de het MCV, van de GGT en de alkalische fosfatase is de beste combinatie om bij een routine-onderzoek een overbelaste lever te identificeren. Zie ook : "Nutribalans : Andere revelante biochemische parameters in het bloed".

 

Het is belangrijk te onderlijnen dat het herstel van een overbelaste lever best mogelijk is, als deze tenminste op tijd wordt vastgesteld. De patiënt moet elke overdaad mijden, opdat we de leverletsels zien herstellen.

 

 

 

Praktisch :             

 

Alhoewel geen specifieke marker beschikbaar is laten de leverfunctietesten toe een duidelijk inzicht te vormen over de leververvetting. Deze testen zijn ook een voorspellende maat voor het cardiovasculair risico, voor het uitputtingsrisico van de bêta-cellen in de pancreas en voor het risico op diabetes (voor zover deze nog niet optrad), alsook voor het risico op vroegtijdig overlijden, minder tengevolge van de leveraantasting zelf doch eerder omdat deze aandoening vooral optreedt bij patiënten met reeds bestaande cardiovasculaire risicofactoren. Zie ook : "Nutribalans".

 

Een biopsie zal in de toekomst niet meer nodig zijn voor de diagnose van een niet alcoholische leververvetting (NASH). Volgens een studie gepubliceerd in Radiology zou een diagnose ook mogelijk zijn met de combinatie van functionele magnetische resonantie-beeldtechniek (fMRI) met een speciale contraststof. Bij leververvetting is de absorptie van contraststof door de levercellen eerder zwak ten gevolge van de fibrose van de hepatocyten, en zelfs onmogelijk door hun volumetoename (ballooning). Terwijl de contraststof in gezonde levercellen duidelijk zichtbaar is.

 

Bij obesitas met hoog abdominaal vet is een gradueel gewichtsverlies te verkiezen, daar een te snelle vermagering de stress thv de lever verhoogt en de verdere ontwikkeling van NASH juist zal bevorderen. Lichaamsgewichtreductie met 8 tot 10% is meestal voldoende om de leverfunctie te verbeteren, door het toepassen van hygiëne- en dieetregels, waaronder fysische oefeningen, met verlaging van de insulineresistentie en het cardiovasculair risico als gevolg.

 

Eiwitrijke diëten (30% energie afkomstig van eiwitten, 40% van koolhydraten, 30% van vetten) met een gunstige vetzuursamenstelling verminderden aanzienlijk het vetgehalte in de lever bij patiënten met type 2-diabetes en vetleverziekte, onafhankelijk van de oorsprong van de eiwitten of veranderingen in het lichaamsgewicht .

 

Patiënten met metabool geassocieerde steatotische leverziekte (MASLD, voorheen NAFLD) zonder cirrose die dagelijks een lage dosis aspirine innamen in een dubbelblinde gerandomiseerde studie toonden significante afnames van het levervetgehalte gedurende zes maanden vergeleken met vergelijkbare patiënten die placebo innamen .

 

 

Voedingssupplementen :

 

    • Omega3-VZ verlagen de plasmaconcentratie van triglyceriden.

 

 

    • Vitamine E kan sommige symptomen van NASH verbeteren (wat wijst op een invloed van vit E op leverziekten)

 

    • Vitamine B12 treedt op als coënzym bij de metabolisatie van vetten en koolhydraten

 

    • Vitamine B3 (niacine) maakt deel uit van de enzymcomplexen NAD en NADP. Betrokken bij de cellulaire energieproductie helpen deze enzymen bij het versnellen van de bepaalde biochemische reacties

 

    • Vitaminen B6, B9 en B12 zijn cofactoren tijdens de methylcyclus bij de ontgifting

 

    • De lipotrope stoffen vitamine E, (fosfatidyl)choline, inositol (door het verminderen van de opstapeling van vetten en door het temperen van de cholesterolsynthese), betaïne, methionine, cysteïne als NAC (aminozuren rijk aan zwavel, interessant voor het metabolisme van vetten en in de ontgifting van zware metalen, alcohol, farmaca...), lecithine, taurine... kunnen de lever beschermen tegen vervetting.

 

    • De probiotica Lactobacillus subtilis en Streptococcus faecium zouden de waarden van de leverenzymen significant verbeteren Dr. Ki-Tae Suk, Sacred Heart Hospital and Hallym University in Chuncheon (South Korea), at the Annual meeting of the American Association for the Study of Liver Disease, 2011 .

 

    • Alfa R-liponzuur (natuurlijke vorm van liponzuur): beschermt de lever omdat alfa R-liponzuur

      • zowel water- als vetoplosbaar is,

      • andere antioxidantia helpt regeneren

      • de vorming van glutathion in het organisme stimuleert (belangrijk voor de ontgifting)

      • de leverenzymen terug naar hun normaal niveau brengt.

 

 

Fytotherapie :

 

    • Cynara scolymus (bladeren en hart van Artisjok) : door het bevorderen en het stimuleren van de productie en de evacuatie van de gal die de lever helpen de vetten beter te verteren en de cholesterol te controleren.

 

    • Chelidonium majus (Stinkende gouwe) vertoont een antispasmotische werking op de galkanalen en de ingewanden terwijl het tegelijkertijd de werking van de lever positief beïnvloedt.

     

    • Zuurbes (Berberis vulgaris) : berberine verbetert/voorkomt NASH .

 

    • Silybum marianum (extract van Mariadistel) wordt gebruikt als bijkomende bescherming bij medicatie die leverproblemen kan geven...; silymarine, bevat o.a. flavonoïdes (zie : "Polyfenolen"), welke een dosis afhankelijke invloed uitoefent op de galsecretie.

 

    • Curcuma longa (extract van Kurkuma), bevat curcumine, een sterke antioxidant die een adequate bescherming biedt, in het bijzonder ter hoogte van de lever, tegen de schade berokkend door vrije radicalen.

 

    • Fumaria officinalis (Duivekervel) bezit depuratieve eigenschappen, activeert en bevordert de verteringsfuncties, waarvan vooral de werking van de lever en de galblaas.

 

    • Daucus carota (Wortelen) : het sap van wortelen is een van de beste leverontgifters. Te gebruiken als een kuur tot anderhalve liter per dag. De kuur regelmatig een week of langer onderbreken : 3 weken kuur + 1 week stoppen. In de lente te gebruiken met het sap van Brandnetel, Paardenbloem, Rammenas, Rode biet, Waterkers... : helpen de lever draineren.

 

    • Desmodium adscendens : bij icterus met geelzucht, asthenie, vermoeidheid, nausea, veranderde biologische parameters zoals transaminasen, bilirubine... : virale hepatitis (A en B), leverontaarding door chemotherapieën, hepatitis die optreedt bij infecties door CMV (cytomegalovirus) en VIH (AIDS), hepatitis door alcohol...

 

 

Bewegen :

 

    • Steatose kan door leefstijlaanpassingen verholpen worden : regelmatig aeroob bewegen (aeroob : lage intensiteit, lange inspanning)  samen met een vetarm maar vezelrijk dieet kan de evolutie tot leververvetting (steatose) omkeren .

    • Tournée minérale... : minder of geen alcoholconsumptie

 

         

 

 

 ZOELHO (c) 2006 - 2024, Paul Van Herzele PharmD        Laatste versie : 27-mei-24                     

DisclaimerDisclaimer

 

De lezer dient steeds in acht te houden dat de beschreven curatieve eigenschappen in geen enkel geval het medisch advies vervangen, welke steeds onmisbaar is bij het stellen van een diagnose en bij bepaling van de ernst van de aandoening. Wel wordt de gebruiker gestimuleerd beslissingen met betrekking tot zijn gezondheid te nemen, op basis van eigen research, steeds in samenspraak met een professionele gezondheidswerker.

 

In alle gevallen valt het gebruik van dit programma enkel onder de controle, het beheer, de risico's en de verantwoordelijkheden van de gebruiker.