Zoëlho, op naar een bewuste levensstijl.

Het immuunsysteem

 

          Laatste bijwerking : 2026-02-19

 

 

= afweersysteem.

 

De eerste levensjaren, ook wel "de eerste 1000 dagen" genoemd, zijn bepalend, niet enkel voor de psychomotorische ontwikkeling, maar ook voor het immuunsysteem van het kind. Bij de geboorte geniet de zuigeling van een initiële bescherming via maternale antilichamen (AL), die geleidelijk verdwijnen tussen de leeftijd van 3 en 6 maanden. Het kind moet dan zijn eigen immuunsysteem opbouwen. Elke blootstelling aan een ziekteverwekker stelt het immuunsysteem in staat om te oefenen en zelf antilichamen aan te maken. Veelvoorkomende infecties spelen een essentiële rol in de training van het immuunsysteem.

 

We hebben hiervoor een gebalanceerd contact nodig met de natuur en biodiversiteit. Blootstelling aan natuurlijke omgevingen met diverse micro-organismen is cruciaal voor het immuunsysteem. Wanneer jonge kinderen met deze microben in contact komen door buiten te spelen (planten, bodem...), weten we dat het immuunsysteem van deze kinderen beter gereguleerd is. Als ons systeem het contact met diverse omgevingen mist, kan het niet goed functioneren. En dat kan leiden tot een verhoogd risico op allergieën of ontstekingen.

 

 

In ideale toestand is het immuunsysteem in evenwicht :

 

    • is het systeem te actief dan produceert het antilichamen tegen onschadelijke stoffen (wat gebeurt bij allergie-reactie) of gaat het zelfs weefsels in het eigen lichaam aanvallen (auto-immuunziekte).

    • een onvoldoende actief afweersysteem zet dan weer de deur open voor de ontwikkeling infecties en tumoren.

 

Om dat evenwicht te bewaren is in het organisme een complex netwerk actief van regulerende cellen. Die moeten ervoor zorgen dat het afweersysteem actief en selectief genoeg is zodat vreemde stoffen (de "Eigen verstoorde" en de "Niet Eigen") tijdig herkend en opgeruimd worden, zonder daarbij uit de pas te lopen.

 

 

OVERZICHT van het HUMAAN IMMUUNSYSTEEM

 

 

* 1. Het organisme beschikt over een reeks natuurlijke obstakels om de toegang van vreemde stoffen te verhinderen vooraleer zij de organen of de weefsels bereiken.

 

Eerste verdedigingslijn

 

Zo bezitten de pH van de huid, het oorsmeer, het maagzuur, de verschillende mucosa thv het luchtwegen-, darm- en vaginaal stelsel, de hoestreflex, de enzymen in het traanvocht en in het speeksel, een eerste barrière-functie voor het behoud van de gezondheid van de huid, de intestinale flora en van de mucosa van het ademhalings- en het voortplantingssysteem. Het beschermt ons zo "passief" tegen darminfecties, bronchitis, faryngitis, sinusitis, allergie, huid- en slijmvliesschimmels...  De vreemde stof wordt via de nieren, het zweet, de galfunctie of via de intestinale weg verwijderd.

 

 

Tweede verdedigingslijn : dit immuunsysteem is aangeboren (aspecifieke afweer). Het maakt gebruik van :

 

      • het granulo-monocytaire systeem : met monocyten, granulocyten (fagocytose), NK-cellen (antivirus), eosinofielen (doden van wormen), mestcellen (vrijstellen histamine), dendritische cellen (antigeenpresentatie : zie ook "Immuunrespons").

      • het complementsysteem : systeem van factoren (plasma-eiwitten) in het bloedserum die de werking van antilichamen ondersteunt ; aspecifiek bindt het complement zich op het AG-AL complex en versterkt de vernietigende kracht van antilichamen (het complement hoeft niet geleerd te worden hoe er moet worden omgegaan met pathogenen, het werkt direct vanaf de geboorte).

 

 

* 2. Doch eenmaal dat de vreemde stof een indringer wordt, wordt overgeschakeld naar een "actieve" verdediging :

 

De aanwezigheid van een indringer ter hoogte van de weefsels veroorzaakt de vrijlating van histamine, serotonine en bradykinine wat leidt tot vasodilatatie wat de toegang vergemakkelijkt van verdedigingscellen (witte bloedcellen) op de plaats van de reactie. Het verdedigingsysteem bezit de capaciteit potentieel gevaarlijke indringers zoals bacteriën of virussen te herkennen, te vernietigen en het eerste contact met hen te onthouden, voor latere directe herkenning.

 

 

Dit immuunsysteem is aangeleerd (verworven/adaptieve/specifieke afweer). Het maakt gebruik van :

 

Lymfocyten T en B. T-cellen zijn betrokken bij celgemedieerde immuniteit en richten zich op geïnfecteerde of vreemde cellen. B-cellen produceren antilichamen en zijn verantwoordelijk voor humorale immuniteit. 

 

 

 

Specifieke antigenen veroorzaken immuunreacties, waaronder ontstekingen, opsonisatie en vernietiging van ziekteverwekkers.

 

 

Worden proteïnen als "Niet-Eigen" antigenen (AG) beschouwd dan gaat het organisme hiertegen antilichamen (AL) produceren : dit zijn eiwitten (gammaglobulinen), die "immunoglobulinen" worden genoemd. Zij worden geproduceerd door de witte bloedcellen (WBC).

 

Noot :

 

Alle immuuncellen zijn afkomstig van hematopoëtische stamcellen, die differentiëren tot myeloïde en lymfoïde voorlopercellen.

 

 

Deze hematopoëtische stamcellen zijn pluripotente cellen die zich delen om twee meer gespecialiseerde soorten stamcellen te produceren:

 

 

Rijpe T- en B-lymfocyten circuleren tussen het bloed en de perifere lymfoïde weefsels. Na contact met antigeen differentiëren B-cellen zich tot antilichaamafscheidende plasmacellen, terwijl T-cellen zich differentiëren tot effector-T-cellen met verschillende functies. Een derde lijn van lymfoïde-achtige cellen, de natuurlijke killercellen (NK), is afkomstig van dezelfde voorlopercel, maar mist de antigeenspecificiteit die kenmerkend is voor de adaptieve immuunrespons.

 

Antilichamen zijn eiwitten (gammaglobulinen of Ig), die "immunoglobulinen" worden genoemd. Zij worden geproduceerd door B-lymfocyten (witte bloedcellen of WBC) en o.a. zijn betrokken bij 2 immuunreactie-types :

 

1. De intolerantie-reactie berust op een niet-allergische vrijmaking van immunoglobulinen. Het afweersysteem van niet allergische individuen schakelt vooral immunoglobulinen in van het type G of IgG.

 

2. Bij een allergische reactie komen farmacologisch actieve producten vrij (mediatoren) die verantwoordelijk zijn voor de symptomen en de klachten. Bij allergie is er meestal sprake van reversibele weefselbeschadiging. Er is alleen sprake van allergie wanneer het immuunsysteem op hol slaat bij een contact met een allergeen en IgE antilichamen produceert. Grootste verschil daarbij is dat IgE specifiek gericht is tegen een bepaalde stof en IgG niet. Bovendien is IgE vaak gericht tegen op zich onschadelijke stoffen als pollen en mijten.

 

Verder behoren ook de bloedstolling (bloedplaatjes, aangeboren immuniteit) en de auto-immuniteit tot het verdedigingssysteem van het organisme. Is de verdediging onvoldoende dan ontstaat immunodeficiëntie, keert het organisme zich tegen "Eigen" antigenen dan ontstaan auto-immuunziekten.

 

Het immuunsysteem gebruikt de bloedbaan en het lymfesysteem voor de productie en het vervoer/afvoer van verdedigingselementen (witte bloedcellen, antigenen, antilichamen, cytokines, lymfokines, AG-AL complexen...) tussen de weefsels en de bloedcirculatie.

 

De goede werking van het immuunsysteem is daarom afhankelijk van de werking van het hart- en vatenstelsel en van het lymfesysteem, én van de goede werking van het zenuw- (psyche, stress!) en hormonenstelsel (cortisol, T3, T4, hGH (groeihormoon), oestrogeen, testosteron...).

 

Overzicht inhoud :

 

De fenomenen waarbij het immuunsysteem is betrokken :

 

Inflammatie-reactie : een geval apart!

 

Immuunrespons

 

Intolerantie

 

Allergische reactie

 

Bloedstolling

 

Autoimmuniteit

 

 

 

 

 

 

 

 ZOELHO (c) 2006 - 2026, Paul Van Herzele PharmD        Laatste versie : 04-mrt-26                     

DisclaimerDisclaimer

 

De lezer dient steeds in acht te houden dat de beschreven curatieve eigenschappen in geen enkel geval het medisch advies vervangen, welke steeds onmisbaar is bij het stellen van een diagnose en bij bepaling van de ernst van de aandoening. Wel wordt de gebruiker gestimuleerd beslissingen met betrekking tot zijn gezondheid te nemen, op basis van eigen research, steeds in samenspraak met een professionele gezondheidswerker.

 

In alle gevallen valt het gebruik van dit programma enkel onder de controle, het beheer, de risico's en de verantwoordelijkheden van de gebruiker.