Zoëlho, op naar een bewuste levensstijl.

Cortisol

 

          Laatste bijwerking : 2023-12-22

 

 

Glucocorticosteroïd, afgeleide van pregnenolon, uit de bijnierschors (cortex).

 

 

Cholesterol  >  Pregnenolon  >  Progesteron  >  Cortisol (of hydrocortisone)

 

 

 

 

Cortisol wordt gesynthetiseerd in de bijnierschors samen met aldosteron en uitgescheiden in de bloedbaan bij stress-situaties. Cortisol (katabool) is zoals het groeihormoon (anabool) een antistress-hormoon.

 

Cortisol draagt bij tot het opheffen van inflammatiehaarden en laat de vrijstelling van onze energiereserves op het juiste ogenblik toe, zodat wij er indien nodig gebruik kunnen van maken (vecht/vlucht-reactie). Daarom de gelijktijdige stijging van de glucosespiegel in het bloed. Door de afscheiding van cortisol kan het organisme zich aanpassen aan een potentieel gevaarlijke situatie.

 

Het stresshormoon maakt ons klaar voor een vechten-of-vluchtenreactie: er worden suiker en vet “vrijgesteld”, zodat die door de spieren kunnen worden verbrand en omgezet in energie. Als het vet en suiker niet worden gebruikt, komt er niet méér vet bij. Maar cortisol zorgt er wel voor dat de vrijgekomen suiker moeilijker opnieuw wordt opgenomen. Daardoor heb je op lange termijn een verhoogd risico op suikerziekte. Bij langdurig verhoogde cortisol, onder meer door chronische stress, zien we daarnaast ook vetopstapeling op de verkeerde plaatsen – vooral rond de buik – en verminderde spiermassa.

 

Cortison is een synthetische cortisolvariant met dezelfde effecten op het organisme als cortisol maar met een meer uitgesproken werking.

 

Enzymen genaamd reductasen reguleren de omzetting van cortisol en cortison in hun respectievelijke metabolieten. Ontsteking, obesitas, insuline- en leptineresistentie en andere factoren die verband houden met een slechte gezondheid versnellen deze conversies.

 

Overzicht inhoud :

 

Metabolisme

 

Situering

 

Rol in het organisme

 

Controle van cortisol

 

Rol van de glucocorticoïden in het algemeen

 

Praktisch

 

Inhoud :

Metabolisme :      

 

Het glucocorticosteroïd cortisol maakt deel uit van het hypothalamus-hypofyse-bijnierschorssysteem (HPA-as). Dit wil zeggen dat een afwijkende werking van een van de onderdelen van deze as onvermijdelijk de andere onderdelen beïnvloedt. In de behandeling van chronische inflammatietoestanden (IBD, Crohn...) moet dan ook deze as in zijn geheel geïntegreerd worden.

 

Cortisol wordt in de bijnierschors gevormd uit cholesterol (cholesterol > progesteron > cortisol) onder invloed van ACTH (corticotropine), waarvan de afgifte door de hypofyse op zijn beurt weer door CRH (Corticotrophin Releasing Hormone) wordt gestimuleerd. De secretie van deze hormonen volgt een 24 uur-ritme (sterke secretie 's morgens/zwakke 's nachts)  (zie ook : "Bioritme"). Het geheel wordt  geregeld via een systeem van servoregulatie voor het herstellen van de homeostase.

 

* Bij acute stress (fysisch, emotioneel...) wanneer een onmiddellijke vrijstelling nodig is, kan de vrijstelling de homeostase van het organisme verstoren : in deze gevallen wordt het controle-mechanisme voor terugkoppeling tijdelijk uitgeschakeld. Stress kan dus een verhoging van de cortisolconcentratie uitlokken maar kan ook de door stress veroorzaakte afgifte van CRH en ACTH onderdrukken (negatieve terugkoppeling).

 

Een ander gevolg van adrenale overstimulatie is hypothyroïdie : wanneer de cortisolspiegels in het organisme hoog zijn, gaat een natuurlijk mechanisme de schildklierwerking verlagen ("downregulation" met veel T4, heel weinig actief T3). De correctie van de adrenale functie brengt meestal de schildklierfunctie terug in balans.

 

* Doch bij langdurige nood aan glucose (bv. tgv een ketogeen dieet) zal het organisme meer cortisol vrijstellen om de aanmaak van glucose door de lever te stimuleren. Deze toename van cortisol kan bijdragen tot chronische ontsteking en celschade.

 

* Chronische stress of een chronische ontstekingstoestand kan de bijnier uitputten. Een chronische ontstekingstoestand ligt aan de basis van bijna elke aandoening, van diabetes tot kanker.

 

Cortisol beteugelt alzo de fysiologische reacties op stress, infectie, ontsteking en weefselbeschadiging.

 

 

Noot :

Voor de activatie van de hormoonproductie hebben de bijnieren vitamine C nodig : vitamine C kan door stimulatie van de cortisolproductie het lichamelijk prestatievermogen verhogen en de genezende krachten van het lichaam na operaties en ernstig letsel verbeteren.

 

Situering :      

 

Bijniermerg (medulla adrenes) : (overheersend bij acute stress)

 

 

 

Bijnierschors (corticalis) : (overheersend bij chronische stress)

 

    • aldosteron : regulatie van de zoutafscheiding door de nieren, regulatie kalium- en natriumgehalte, speelt een rol bij de koolhydraatstofwisseling

    • cortisol : stimuleert de aanmaak en opslag van glucose uit spiereiwitten (hyperglycemiërend : zij is een bron van energie!), werkt ontstekingsremmend

 

Cortisol induceert het enzym PNMT (Fenylethanolamine N-methyltransferase) dat de omzetting van noradrenaline naar adrenaline stuurt. Bij een overproductie van cortisol (bij acute stress, overmaat suiker...) zal dus de medullaire noradrenaline/adrenaline verhouding dalen (en omgekeerd). Dit betekent dat noradrenaline en eveneens dopamine zullen dalen en adrenaline stijgen. Dit is o.a. belangrijk bij de ziekte van Parkinson.

 

Rol in het organisme :      

 

    • mobilisatie van glucose uit eiwitten (proteïnen) : in geval van stress zal er van de verbranding van vetten (traag) overgeschakeld worden naar de verbranding van suiker (snel). Hierdoor is veel meer suiker nodig dan normaal en ontstaat er na een tijdje een groot suikertekort. Dan wordt voor de energievoorziening van de cel overgestapt naar de verbranding van eiwitten :

 

      • elk aminozuur dat een deaminering ondergaat kan worden omgevormd in een suiker via de gluconeogenese : de vorming van suiker uit eiwitten en vetten onder invloed van het hormoon cortisol uit de bijnierschors.

 

Deze weg voorziet sommige organen, zoals de hersenen die geen vetten of proteïnen kunnen verbruiken, altijd in glucose, zelfs wanneer er sprake is van schaarste aan glycogeen en wanneer de melkzuur-(lactaat)-spiegel stijgt.

 

Het hormoon glucagon signaleert een te laag glucose gehalte in het bloed, laat de glycolyse stoppen en activeert de gluconeogenese.

 

Zie ook : "Het ketogeen dieet".

 

      • door een gebrek aan bepaalde aminozuren kunnen er een heleboel functies in het lichaam mank lopen :

 

        • te zwakke aanmaak van slaaphormoon (melatonine) waardoor het slaappatroon kan verstoord raken

        • te lage productie van groeihormoon waardoor men veel meer last krijgt met spier- of gewrichtspijnen

        • een tekort aan antioxidantia (vb glutathion)

        • onvoldoende aminozuren om verteringsenzymen te maken met verteringsproblemen als gevolg : zo kan je door gewoon te eten het suikertekort en het eiwittentekort ook niet meer voldoende aanvullen en kunnen parasieten zoals bacteriën, gisten (vb. Candida), virussen of mycoplasma's woekeren

        • tekort aan bouwstoffen zodat de darmwand niet voldoende vernieuwd kan worden (om de 2 dagen), wat kan leiden tot het "Leaky Gut Syndrome" (zie ook "Maag- en darmproblemen")

        • een tekort aan serotonine kan leiden tot depressie

        • een tekort aan carnitine zal de verbranding van vetten nog trager doen verlopen

        • de ontgifting van bepaalde stoffen in de voeding kan mank lopen waardoor er een overgevoeligheid voor deze stoffen kan ontstaan (MCS: Multiple Chemical Sensitivity Syndrome)

        • ...

 

    • immunosuppressieve werking door inhibitie van de transcriptiefactor NF-kB (NF-kappaB) : onder invloed van stress wordt NF-kB geactiveerd. NF-kB zou  vervolgens de productie en secretie van ontstekingsmediatoren zoals cytokines stimuleren. De gestegen cortisolspiegel zou dan de ontstekingsreactie snel beëindigen. Bij bijnieruitputting echter zijn de cortisolspiegels chronisch laag. Door een gebrekkige onderdrukking van de activatie van NF-kB kan dan een excessieve immuunreactie tgv een (fysische of psychische) stress optreden.

 

 

      • cortisol piekt vroeg in de morgen (zie "Bioritme")

        • ---> verhoogt de insuline-resistentie van de cellen

          • ---> verhoogt nog meer de insuline-secretie

            • ---> de aanwezige insuline laat toe meer gluciden op te nemen met het ontbijt

              • ---> verlaging van de insuline-resistentie

                • ---> meer gluciden kunnen zo 's morgens opgenomen worden dan op andere momenten van de dag mogelijk is.

 

    • werkzaam als anti-allergeen door inhibitie van de productie van interleukinen en van interferon.

 

    • noodzakelijk bij de bestrijding van shock-toestanden : dit omdat cortisol de bloedstolling versterkt door middel van een verhoging van het aantal RBC.

 

    • stabilisator van de hartfunctie en de bloedsomloop, verhoogt de bloeddruk : cortisol heeft een invloed op de veranderingen in de concentratiegraad van de mineralen kalium en natrium : deze laatsten staan in voor de instandhouding van de spiertonus (ook deze van de bloedvaten)... Cortisol regelt naar behoeven de uitscheiding van kalium vanuit de cellen in de bloedbaan en zorgt, als tegengewicht, voor de opname van natrium uit de bloedbaan naar de cellen, dit om de osmotische druk op peil te houden.

 

    • actie op het immuunsysteem : remmer van cellulaire woekeringen (kankerachtige weefseldegeneratie).

 

 

Bij extreme belastingen kan de cortisolspiegel oplopen tot het tienvoudige van zijn uitgangswaarde ; een verhoogde cortisolspiegel leidt verder tot een verhoogde productie door de lever van cholesterol (... als antioxidant bij verhoogde stress-situaties en voor het terug aanmaken van cortisol). Gelijktijdig zorgt het organisme ervoor dat de afbraak van cortisol wordt afgeremd, waardoor het langer effect kan hebben. Extra cortisol toedienen bij extreme belastingen is daarom overbodig . Beperkte voeding kan op dat moment helpen het genezingsproces te versnellen door het activeren van het natuurlijk opruim- en recycleersysteem (een te rijke voeding zou dit natuurlijk proces eerder verstoren).

 

Zo dient een natuurlijke post-operatieve stijging van cholesterol dan ook voor de verhoogde cortisolproductie en daarmee de vorming van energieleverende stoffen, waardoor de genezing wordt bespoedigd en de hart- en bloedcirculatie wordt gestabiliseerd.

 

Controle van cortisol :      

 

Gezien het belang van cortisol voor het organisme, staat haar productie onder strenge controle van de hypofyse.

 

Na stimulatie door CRH scheidt de hypofyse het hormoon ACTH af dat de cortisolproductie stimuleert : als het cortisolgehalte te laag is, stelt de hypofyse ACTH vrij en gaat het gehalte cortisol omhoog,  of andersom (negatieve feedback).

 

Een stoornis in de biosynthese van cortisol (of van glucocorticosteroïden in het algemeen) :

 

      • kan het gevolg zijn van :

        • bijnierzwakte door herhaalde infecties (TBC, cytomegalovirus...) of chronische ontstekingstoestanden

        • auto-immuunreactie

        • genetische afwijking (= primaire cortisoldeficiëntie of ziekte van Addison : hoge ACTH-waarden)

        • hypofyse-problemen met te lage ACTH-aanmaak (= secondaire cortisoldeficiëntie : lage ACTH waarden)

        • burnout-syndroom

 

      • klachten van cortisoltekort zijn dezelfde als bij ACTH-tekort : bloeddruk ↓, duizelig, malaise, energie , hypoglykemie, bloedarmoede, verhoogde eosinofielen, spierzwakte, verstoring van de vocht/elektrolytenbalans, zwakte, misselijkheid, verhoogde lichaamstemperatuur, weinig energie, gewichtsverlies, buikpijn, depressie, overdreven emotie, drang naar zoet of zout, verlaging van de immuniteit met (steeds terugkerende) infecties, auto-immuunziekten, allergie, eczeem...

 

      • ITT-test (Insuline Tolerantie Test) biedt uitsluitsel over de verhouding ACTH/cortisol en over de goede werking van de bijnier en de hypofyse . Een compensatie met ACTH wijst op een onvoldoende aanmaak van cortisol door de bijnierschors (zie : Activiteit en kenmerken van hypofyse-hormonen").

 

      • kan leiden tot overmatige vorming van androgenen (metabolieten van progesteron) met een virilisatie als gevolg. Klinisch treden dus bij meisjes masculinisatie en bij jongens voortijdige virilisatie en groeistilstand op. Door een negatief feedback mechanisme (minder cortisol > meer ACTH > nog sterkere activiteit van bijnierschors > nog meer deviatie van biosynthese naar androgenen toe) kan dit hormonaal onevenwicht enorme proporties aannemen.

 

Overmatige productie van cortisol (vb. ziekte van Cushing) daarentegen kan veroorzaakt worden door een tumor van de bijnier (die cortisol vormt) of van de hypofyse (die ACTH vormt) ; hierbij treden verschijnselen op welke identiek zijn aan de nevenverschijnselen bij systemische corticotherapie en overdosering : ontstekingsreacties, overmatige beharing van het gelaat, acne en depressie, hypertensie, prikkelbaarheid, hypercholesterolemie, snelle en oncontroleerbare gewichtstoename, centrale obesitas (buik), vetmassa hoog op de rug (bisonnek), een rond, rood en vol gezicht en striae (paarse huidstrepen), osteoporose met verhoogde breekbaarheid, spieratrofie vooral thv onderste ledematen (vooral de dijen), menstruatieklachten, verminderd libido/impotentie, abnormale vergroting van de borsten (bij de man = gynecomastie)... De symptomen kunnen verschillen van persoon tot persoon.

 

Rol van de glucocorticoïden (algemeen):      

 

    • stimuleren de eigen aanmaak van glucose via de gluconeogenese en remmen de werking van insuline door het verminderen van het glucosegebruik door de spiercellen : zij spelen dus een rol in het in stand houden van het glycemisch evenwicht.

 

    • remmen de proteïneopbouw en versnellen de botafbraak : vandaar het optreden van osteoporose (met ontkalking en verhoogde urinaire calciumspiegels, eventueel nierstenen) bij gebruik van glucocorticoïden in hoge doses.

 

    • versterken de lipolyse en spelen hierdoor ook in rol in de vethuishouding.

 

    • oefenen een anti-inflammatoir effect uit door inhibitie van de synthese van prostaglandines en leukotriënen.

 

 

    • versterken de effecten van noradrenaline op de gladde spiercellen van de vaten, en dragen alzo bij tot het ondersteunen van een voldoende hoge bloeddruk.

 

Praktisch      

 

* Hoge cortisolspiegels zorgen voor :

 

    • bloedsuiker ↑ (waardoor visceraal vet ↑ met verhoogd risico op insulineresistentie en diabetes), spierweefsel ↓, beenderen ↓, vet ↓ (remmen de lipogenese), honger ↑, SIgA ↓ (gelinkt aan LGS), Th2  ↑ (met verhoging van de antilichamen-aanmaak) , hypofyse ↓ (hormonen...), hippocampus ↓ (korttermijn geheugen), frontale lob activiteit ↓ (verlies van geheugen, concentratie, depressie) ...

 

* De cortisolbepaling in het speeksel of in de urine komt overeen met een momentopname en kan nuttig zijn om het cortisolverloop gedurende de dag te evalueren in vergelijking met een normaal bioritme. De bepaling ervan in de haren geeft een duidelijk beeld van de stressimpact op lange termijn : een hoog cortisolgehalte in de haren is een biomarker van chronische stress en dus ook van een verhoogd risico op hartlijden/myocardinfarct.

 

Cortisolwaarden (speeksel):

    • 's morgens bij het opstaan : idealiter > 5000pg/ml

    • minstens 2 uren later : > 3000pg/ml (indien lagere waarden : verhoogd risico op bijnieruitputting).

 

De cortisolspiegel reguleren met magnesium en vitamine B-complexNiacinamide is een vereiste cofactor om cortisol om te zetten in de inactieve (en veel minder gevaarlijke) vorm van cortison.

 

* De bijnieren produceren gelijktijdig ook andere hormonen waaronder DHEA. DHEA en cortisol zijn beiden antistress-hormonen. Normaal bewaakt DHEA de cortisolspiegel. Bij chronische stress echter kunnen tekorten ontstaan aan zowel cortisol als aan DHEA, wat zich uit in de vorm van totale uitputting (burn-out). Zie ook : "Autonome regelsystemen".

 

De cortisolwaarden kunnen worden opgesplitst in 3 verschillende fasen :

 

    1. Activatie

      • cortisol is verhoogd

      • DHEA is normaal of verhoogd

    2. Adaptatie

      • cortisol is normaal of hoog

      • DHEA daalt

    3. Uitputting

      • cortisol is verlaagd

      • DHEA blijft laag

 

Wanneer de cortisolwaarden wijzen op een uitputting dan dienen de bijnieren en de HHB-as ondersteund worden (hypothalamus-hypofyse-bijnieren). Indien nodig is ook het gelijktijdig behandelen aanbevolen met cortisol (katabole activiteit) én met DHEA (anabole activiteit), zodat de negatieve effecten van cortisol geneutraliseerd worden. Pas daarna kan men acetylcholine en dopamine activeren.

 

Daarnaast wezen recente studies ook uit dat hoe hoger de cortisolspiegel in de urine bij ouderen, hoe groter de kans te sterven aan hart- en vaatziekten Nicole Vogelzangs (VUmc, nl), Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism 2010 Nov; doi:10.1210/jc.2010-0192 .

 

 

 

 

 

 ZOELHO (c) 2006 - 2024, Paul Van Herzele PharmD        Laatste versie : 23-feb-24                     

DisclaimerDisclaimer

 

De lezer dient steeds in acht te houden dat de beschreven curatieve eigenschappen in geen enkel geval het medisch advies vervangen, welke steeds onmisbaar is bij het stellen van een diagnose en bij bepaling van de ernst van de aandoening. Wel wordt de gebruiker gestimuleerd beslissingen met betrekking tot zijn gezondheid te nemen, op basis van eigen research, steeds in samenspraak met een professionele gezondheidswerker.

 

In alle gevallen valt het gebruik van dit programma enkel onder de controle, het beheer, de risico's en de verantwoordelijkheden van de gebruiker.