Zoëlho, op naar een bewuste levensstijl.

Depressie

 

           Laatste bijwerking : 2022.7.1

 

 

"Van het ogenblik dat een mens twijfelt aan de zin van het leven is hij ziek" (S. Freud).

 

Depressies zijn psychische symptomen van kwetsbare mensen die onder druk staan. Depressie is een reactie op leefomstandigheden en hangt niet zozeer samen met iemand's persoonlijkheid. Zijn welvaartspeil kan alleen worden volgehouden door een hoge economische druk. Vooral kwetsbare mensen staan bloot aan die druk.

 

Depressie is niet de vergrotende trap van een depressieve stemming (pijnlijke gebeurtenis die droevig stemt). De gedeprimeerde is droevig, soms heel droevig. Depressie is een ziektetoestand gekenmerkt door een tonusdaling op psychisch (gemoedsstoornis, afwezigheid van plezier) en fysisch vlak (moeheid). Depressieve mensen zijn niet zozeer droevig maar veeleer angstig, snel geïrriteerd en apathisch. Depressie veroorzaakt een breuk in het verband tussen rede en emotie : droombeelden stoppen, het voorstellingsvermogen verstomt. De patiënt voelt zich moe, slaapt niet goed, en ziet zijn libido verdwijnen. Hij verliest de capaciteit plezier te beleven, op alle domeinen. Zelfs geuren verliezen hun ware betekenis. Alles wordt teveel. Hij functioneert enkel nog dankzij zijn wilskracht, hij put zich uit om vooruit te komen... Hij voelt zich waardeloos en schuldig aan zijn probleem. Sociale isolatie en zelfmoordgedachten zijn het gevolg.

 

Depressie is een veel voorkomende aandoening. Zij kan opduiken bij iedere persoon, ongeacht de leeftijd, het milieu of de levensstijl. Een man op 10 en 1 vrouw op 5 krijgen met depressie te maken gedurende hun leven (onze cultuur laat vrouwen impliciet toe hun gevoelens te uiten). Elke jongere generatie meldt echter meer depressieklachten. Omdat wij leven in een maatschappij die zich slecht in zijn vel voelt ? Wordt depressie de ziekte van morgen? Vandaag kan iedereen dezelfde angst voelen, dezelfde onrust voor de toekomst of dezelfde paniek... Door onze moderne communicatietechnieken (Twitter, Facebook...) zijn we immers overgestapt van het standaardiseren van opinies (dankzij de vrije pers) naar het synchroniseren van emoties... . Met vervolgens het optreden van "fomo" (fear of missing out), de angst iets te missen... Niet iets echt levensnoodzakelijk, maar de schrik een gebeurtenis, uitnodiging of informatie te missen. Fomo wordt veroorzaakt door het "fantastisch en gelukkig" leven van anderen op Facebook, Twitter, Instagram, blogs en Internet, in sterk contrast met onze eigen frustraties, beproevingen en mislukkingen. Ziek door zich te spiegelen aan anderen...

 

Tenslotte is heel onze cultuur gericht op het uiterlijk. Er is een enorme spirituele armoede. Vroeger was het belangrijkste van een mens zijn geestelijke leven, zijn ziel, hoe iemand in het leven stond. Nu verzorgen we alleen nog maar ons lichaam, de buitenkant..

 

Nochtans mogen niet alle negatieve emoties als een ziektetoestand beschouwd worden.

 

Depressie is omgeven met veel vooroordelen en misverstanden : sommige stellen depressie voor als een modeverschijnsel, een ingebeelde ziekte, anderen brengen geen begrip op voor de patiënten waardoor deze nog meer geïsoleerd geraken, nog anderen zijn er van overtuigd dat depressie alleen voorkomt bij zwakken of dat het toch niet mogelijk is een depressie te overwinnen, of dat, in het tegendeel, het voldoende was te "willen" om er uit te geraken.

 

Doch echte depressie is een gevaarlijke en soms dodelijke ziekte. Het is echter geen op zichzelf staande ziekte, maar vindt zijn oorzaken in beleefde ervaringen. Veel wetenschappers zijn ervan overtuigd dat de oorzaak in een complexe interactie tussen het biologische en het psychologische moet liggen. Tot slot komt bij depressie een zeer hoge co-morbiditeit voor : depressie gaat dikwijls gepaard met andere verondersteld apart voorkomende storingen zoals angst en het verlies van lichamelijke genotsbeleving.

Overzicht inhoud :

Emotionele communicatie

 

Emotiebeheer

 

Depressieve toestanden

 

Types depressie

 

Fysiologische symptomen

 

Link met andere pathologieën

 

Oorzaken

 

Klassieke behandeling

 

Actuele situatie

 

Nieuwe benaderingen

 

Preventie van depressie en depressieve gevoelens

 

Inhoud :

Emotionele communicatie :            

 

Het menselijk brein omvat twee grote delen : enerzijds een cognitief brein, zelfbewust, rationeel en gericht naar de buitenwereld ; anderzijds een emotioneel brein (= limbisch systeem, zie : "Autonome regelsystemen") : onbewust, eerst gericht op overleven en vooral op overleven van het eigen lichaam. Dankzij de evolutie weet het emotioneel brein (ook buikgevoel of intuïtie genoemd) dat we moeten vluchten/opletten voor spinnen, slangen, hoogte/diepte... : de amygdala (deel van het emotioneel brein) neemt de overhand bij het eerste teken van gevaar, milliseconden voor de neocortex (het denkend cognitief gedeelte van het brein) van enig gevaar bewust is. Zaken als pistool, hamburgers, roken, niet beschermde sex... waarvoor de evolutie ons niet beschermt  via het emotioneel brein, kunnen we enkel via de rede (via het cognitief brein) als schadelijk, weinig schadelijk, of niet schadelijk gaan beschouwen.

 

    • Bij de controle van het fysiologisch evenwicht ontvangt en beantwoordt het emotioneel brein constant informatiestromen uit verschillende lichaamsdelen over ademhaling, bloeddruk, hartritme, eetlust, slaap, hormonensecretie, libido, functioneren van het immuunsysteem. Haar rol bestaat er dus in de evenwichtstoestand te verzekeren en te onderhouden (homeostase). Vanuit dit oogpunt zijn onze emoties enkel de bewuste ervaring van een breed geheel van fysiologische reacties die constant de activiteit van de biologische systemen bewaken en bijstellen volgens de influx van gegevens afkomstig van de binnen- en buitenwereld.

 

    • Het cognitief brein staat voor opmerkzaamheid, concentratie, inhibitie van de impulsen en instincten en voor het sociaal en moreel gedrag. Het functioneert als een emotie-beheerder die ons helpt deze op een zo verstandig mogelijke manier te gebruiken. Het controleert de mogelijkheid emotionele reacties te temperen vooraleer deze buitensporig worden. Het cognitief brein is de redelijkheid zelve.

    

De twee breinen, het emotionele en het cognitieve, ontvangen beiden informatie uit de omgeving waarna zij de reactie hierop en het toe te passen gedrag gaan betwisten of samen versterken. Het resultaat van deze interactie bepaalt wat wij ervaren. Samenwerking leidt tot interne harmonie, competitie maakt ongelukkig.

 

Het hoogste doel is het bereiken van een perfecte harmonie tussen het emotionele brein, dat de richting aangeeft en energie geeft, en het cognitieve brein dat de uitwerking ervan organiseert.

 

Doch hoe meer mogelijkheden het leven biedt, hoe moeilijker het is om keuzes te maken (keuzestress). Door de toenemende individualisering dient men steeds meer te steunen op eigen ideeën, op eigen waarden, eigen verwachtingen en doelen, dient men steeds opnieuw eigen keuzes te maken. Dit vereist een bepaald inzicht en beheer van zijn emoties en vormt de "emotionele intelligentie", onmisbaar voor de persoonlijke ontwikkeling.

 

Steeds keuzes moeten maken is een emotionele belasting en kan leiden tot angst. De kunst zijn emoties te beheersen (emotionele competentie) kan op elke leeftijd worden betracht : het is nooit te laat om dit vermogen (verder) te ontwikkelen, in relatie tot zijn medemens.

 

Emotionele competentie gaat over de manier waarop iemand met eigen gevoelens omgaat en die van anderen herkent, begrijpt, uitdrukt, beheerst en gebruikt. De manier waarop we daar echter mee omgaan is erg verschillend en hangt af van iemands temperament, karakter, opvoeding enz.

 

Volgens de wetenschappelijke literatuur zijn mensen met een hoge emotionele competentie gelukkiger, lopen ze minder risico op psychische problemen, zijn ze meer tevreden met hun sociale relaties en presteren ze beter op het werk. Samen met leeftijd is emotionele competentie de belangrijkste factor die invloed heeft op het gebruik van gezondheidszorg. Emotionele competenties hebben een even grote impact op de gezondheid als leeftijd, lichaamsgewicht, voedings- en levenswijze, beweging, roken...

 

 

Emotiebeheer :             

 

Het goed begrip van de mechanismen die de banden vormen tussen lichaam en geest (en van de werking van de hersenen) maar ook deze met het leven in groep, is essentieel. In werkelijkheid worden de beleefde emoties "sociaal" gedeeld wat onmisbaar is voor het evenwicht van het individu en voor het goed functioneren in gemeenschap. Zie ook : "Psychisch profiel".

 

Gedurende de allereerste periode van onze ontwikkeling worden wij overspoeld door emoties doch zijn we totaal onbekwaam er mee om te gaan. Het zijn onze ouders die ze voor ons ontrafelen en verwerken ; zo leren zij ons zin te geven aan emotionele ervaringen. Eenmaal groter blijven zij ons begeleiden in deze situaties. Pas bij het volwassen worden verbreden wij zelf ons netwerk en vertellen wij onze ervaringen zowel aan vrienden, liefjes of partners als aan familieleden. Met het ouder worden is het vooral de partner die optreedt als voornaamste gespreksgenoot bij het delen van onze emotionele belevenissen.

 

Ervaren en verteld sturen emoties een proces van delen en mededelen. Dit proces van sociaal delen roept empathie op, leidt tot emotionele samenhorigheid (men luistert, men voelt zich begrepen) en versterkt de sociale integratie binnen de groep waartoe men behoort.

 

Het leren herkennen en benoemen van emoties (emotionele intelligentie) is een echt leerproces, waarbij de hulp van volwassenen broodnodig is. Wanneer ouders volledig zijn benomen door materiële, psychische of relatieproblemen, moeten kinderen die hulp ontberen. Als zij dan niet kunnen terugvallen op anderen die wel emotioneel beschikbaar voor hen zijn (grootouders, vrienden, zorgfiguren...), dreigen zij een achterstand in hun gevoelsontwikkeling op te lopen. Hetzelfde probleem kan zich stellen bij kinderen met hechtingsproblemen (zie ook : "ADHD, mogelijke oorzaken, omgevingsfactoren").

 

Ook op volwassen leeftijd kan het gebeuren dat dit cognitief verwerken van emoties niet plaats heeft. Nochtans vertegenwoordigt het een fundamenteel gegeven in de zingeving van hetgeen gebeurde, in de waarde-schikking. De herinnering aan emoties wordt dan niet verzacht door de verwoording. Het niet leren verwoorden, delen, mededelen vormt de kiem van depressie.

 

In bepaalde gevallen volstaat zelfs de verwoording niet en dient, met de hulp van professionele therapeuten, gewerkt te worden aan de cognitieve reconstructie.

 

Het gebeurt ook dat een persoon zich in stilzwijgen hult omtrent een belangrijk gebeuren in zijn leven. De schande en het schuldgevoel leggen hem hier het zwijgen op (bv. bij seksueel misbruik). Doch, daar de gebeurtenis niet emotioneel wordt gedeeld, ontbreekt ook de sociale erkenning en steun die de persoon juist nodig heeft. De verstoring van zijn evenwicht zal dan niet uitgewist worden met behulp van zijn omgeving.

 

Naast het gevoel van schande en schuld bestaat dikwijls nog een andere struikelblok voor het sociaal delen van emoties. Het gaat over angst, over schrik, die opkomt wanneer het gebeurde wordt ervaren als een bedreiging voor diegene aan wie men zijn verhaal kwijt wil (bv. bij zware ziekte). Zwaar chronisch zieken praten hierdoor minder en minder met hun omgeving over hun gezondheidstoestand. Zij delen hun emoties niet meer.

 

Depressieve toestanden :             

 

Niet alle negatieve emoties mogen als een ziektetoestand worden beschouwd. Depressie bestaat beslist als geestesziekte maar, zoals schizofrenie of compulsieve obsessionele gedragsstoornissen, eerder bij 1 à 2% van de bevolking ipv bij 30%. De overdreven diagnosestelling van depressie zou voortvloeien uit de soms zeer terughoudende houding van de betrokken personen voor het delen van het uitlokkend probleem achter hun depressie. Is dit het geval dan zal de therapeut eerder beschouwen dat de depressieve episode geen normale reactie kan zijn op levensomstandigheden maar het resultaat is van een hersendysfunctie. Erkennen dat depressie een aanpassingsreactie is en een nuttige functie heeft, zou miljoenen mensen die er aan lijden, kunnen helpen de wortels van hun pijnlijke emoties te ontdekken en hun problemen op een vruchtbare manier helpen oplossen (zie ook : "Ziekte, wat is dat?").   

 

"Depressie" mag dan niet verward worden met een periode van zwaarmoedigheid, neerslachtigheid of zware stress. Maar waar begint echter de "ziekte"? In het domein van de psyche is het heel moeilijk te bepalen wat "normaal" is of niet. Uiteindelijk schijnt de pathologie minder een zaak te zijn van symptomen maar van het dagelijks lijden dat wordt ervaren. Het is dus niet de natuur zelf van de symptomen maar hun intensiteit, frequentie en duur, en vooral de persoonlijke aanpassing eraan die het terrein afbakenen tussen wat normaal is en wat niet.

 

 

Zwaarmoedigheid is een normale reactie op bepaalde gebeurtenissen in het leven, een geestesgesteldheid waar iedereen wel eens mee te maken heeft. Dit gevoel van (mineure) depressie maakt deel uit van het dagelijkse leven. Het betreft hier een universele menselijke reactie op een mislukking, een ontgoocheling of op andere tegenslagen (verdriet, rouw, jobverlies...). Werk is gunstig voor het zelfbeeld, en meteen ook de belangrijkste factor in het voorkomen van depressie.

 

In tegenstelling tot een depressie, wordt zwaarmoedigheid eerder gekenmerkt door tijdelijke symptomen, gelinkt aan een bepaald gebeuren : een verminderde interesse in het werk, slapeloosheid, vermoeidheid, afwezigheid en verstrooiing, verminderde eetlust, en prikkelbaarheid... Deze symptomen duren echter niet lang : enkele uren, enkele dagen, max. enkele weken. Zwaarmoedigheid raakt niet de gehele persoon, deze blijft reageren met enthousiasme op sommige aangename delen van het leven. Wanneer echter de symptomen van zwaarmoedigheid aanhouden, dan spreekt men pas van een (reactieve) depressie.

 

 

Neerslachtigheid (blues) : men bekijkt alles, ogenschijnlijk zonder reden, door een zwarte bril. Deze toestand gaat gepaard met lichte depressieve symptomen (droefheid, afwezigheid van verlangen en plezier voor de passies van gisteren, zelf-minachting, sociale verwaarlozing...) die echter de uitvoering van de dagelijkse activiteit niet beletten. Zij worden alleen trager verricht, met minder zin.

 

De winter, voor de natuur een rustperiode, maar voor de mens de zwaarste periode van het jaar. In de zomer vertrekt iedereen op vakantie om uit te rusten, alhoewel, volgens onze biologische klok althans, het omgekeerde beter ware. Direct gelinkt aan het tekort aan licht laat de winterblues, een (mineure) seizoensgebonden depressie (Seasonal Affective Disorder = SAD), zich het meest gevoelen naar mate de winter vordert. Hierbij komen ook opzetten de hogere gevoeligheid aan stress, het compulsief knabbelen (suikergoed...), en het gevoel van echte vermoeidheid.

 

Het (zon)licht, als voornaamste regelmechanisme van onze interne klok, regelt de bioritmes  (o.a. die van waken/slapen) en de concentratie van bepaalde hormonen. Wanneer de lichtintensiteit vermindert treden storingen op in de secretie van melatonine, het hormoon verantwoordelijk voor het optreden van moeheid, slaapstoornissen (hypersomnia, overdreven slaperigheid, vroeg gaan slapen...) en melancholie (teveel melatonine zou dan een deprimerende invloed uitoefenen). Eenmaal in de lente zet het licht en de warmte van de zon de secretie van melatonine op een laag pitje en trekt de productie van vitamine D terug op gang. Vooral ouderen (die al minder buitenkomen en waarbij sommige functies van de ogen achteruit gaan (bv. door cataract)) zijn minder gebaat met daglicht. Bij hen kan lichttherapie (met een speciale lamp, zie verder) helpen & .

 

Doch orale supplementen van vit D alleen zijn niet voldoende om het tekort aan zonlicht te compenseren. Zonlicht :

 

        • bevordert immers ook de productie van stikstofmonoxide (NO) dat een belangrijke rol speelt in het in stand houden van de bloeddruk, in de preventie van atherosclerose en in de modulatie van de functie van het immuunstelsel. Na aanmaak uit L-arginine zorgt zonlicht voor de omzetting van het niet-actieve nitraat naar het actieve nitriet. NO zorgt voor een ontspanning van de gladde spiercellen in de vaatwand waardoor de bloedcirculatie verbetert en alzo bijdraagt tot vaatwanden zonder plaquevorming.

        • houd de concentratie van SERT (serotonine-transporter proteïne) laag maar wanneer in de herfst de dagen verkorten wordt dit evenwicht verstoord bij sommige mensen, wat tot seizoensgebonden depressie kan leiden. SERT laat toe serotonine terug naar de zenuwcellen te brengen, waar het inactief wordt. Hoe hoger de SERT-waarden, hoe lager de serotonineactiviteit. Gedurende de wintermaanden vertonen patiënten met seizoensgebonden depressie hogere SERT-waarden.

 

Neerslachtigheid is dus geen depressie en zeker geen ziektetoestand maar wijst op tijdelijk aanpassingsmoeilijkheden aan een nieuwe toestand (geestelijk, lichamelijk, milieu). Neerslachtigheid is zoals koorts : koorts helpt infecties bestrijden, en het onderdrukken van koorts kan schadelijk zijn. Neerslachtigheid zou ook zo een kostbare reactie zijn. Dankzij de moeilijkheden, die ons hele denken in beslag nemen, zouden we in staat zijn de minst kostbare uitweg uit sociale dilemma's te vinden.  

 

 

Depressie (majeure) wordt omschreven als een ernstige stemmingsstoornis gekenmerkt door gevoelsstoornissen die de gemoedstoestand gaan beïnvloeden. Het is geen op zichzelf bestaande ziekte zoals een griepje maar het heeft te maken met het verleden van de persoon.

 

Deze veranderingen verstoren het denken en het gedrag : een depressie raakt de gehele persoon ; een depressie verschilt van andere mineure vormen door de aanwezigheid van onnoemelijke droefheid, van fysische en psychische vertraging, van schuldgevoelens, van verlies van eigenwaarde, van voedingsstoornissen, van fysieke pijn, van intense moeheid, en van verlies van lichamelijke genotsbeleving (libido), het symptoom dat als eerste opduikt maar als laatste verdwijnt. Antidepressiva als de SSRI gaan dit verlies nog versterken...

 

 

Verborgen depressie : gemaskeerd door o.a. alcoholisme, agressiviteit, bepaalde vormen van toxicomanie (niet alleen drugs maar ook : dwangmatig eten, sex, gokken, reizen, TV kijken, videospelletjes spelen, of ... dwangmatig werken!), slaapstoornissen (slaapapneu?), door fysische symptomen waarvoor klinisch geen andere reden dan ontmoediging kan worden gevonden, hoofdpijnen, gewrichtspijnen (rugpijn...), geheugenstoornissen, enz... Dit type depressie komt vooral voor bij mannen, zij verbergen dikwijls hun droefheid en hun nood achter een masker van woede : zij ageren met agressie om niet te moeten toegeven dat zij het moeilijk hebben met hun onaangename gevoelens. De inspanningen die het vergt om de geest chronisch van deze gevoelens af te leiden veroorzaakt een opeenhoping van spanning en leidt tot vermoeidheid en burn-out. Uiteindelijk zijn zij niet meer in staat hun omgeving echt te voelen en te ervaren. Wat op zijn beurt kan leiden tot gevoelens van isolement en relatieproblemen, met een depressie als mogelijk eindresultaat. Zou het mogelijk zijn dat mannen evenveel last zou hebben van depressies als vrouwen (1 op 5) ?

 

Vaak krijgen mensen met aanhoudende vermoeidheid cortisone voorgeschreven, een synthetische versie van het hormoon cortisol, wegens een zogenaamde ‘bijnieruitputting’. Bij patiënten met een depressie of burn-out is de koppeling tussen het brein en de bijnier verstoord. De bijnier zelf functioneert vaak prima, hij krijgt alleen niet de juiste aansturing. Dat kan door langdurige chronische stress, maar ook door inhalatiecorticosteroïden voor astma of bepaalde zalfjes. We zien het nu ook vaak bij mensen met long COVID.

 

Burn-out en depressie zijn wel heel verschillende fenomenen. Burn-out is een energiestoornis die altijd werkgerelateerd is. Terwijl depressie een stemmingsstoornis is, die met talloze facetten te maken kan hebben. Er is wel een correlatie tussen beiden : een burn-out die niet (goed) behandeld wordt, kan uitmonden in een depressie... Wat tegenwoordig het probleem nog erger maakt is dat waar vroeger de mensen met burn-out eerder de gevoeligste en reeds gekwetste mensen waren,  er nu in de maatschappij steeds meer en meer prestatiedruk komt om het slachtoffer individueel verantwoordelijk te maken voor zijn toestand Dr. Alexander Van Acker, Psychiater, in MediQuality (site geraadpleegd op 11/12/2013)..

 

Burn-out is de overtreffende trap van overspanning. Gedurende de "burn-in" periode bouwen verschillende oorzaken stress vanbinnen op en ervaar je steeds meer signalen dat het lichaam opraakt. Het kalmer aandoen is dan de enige oplossing. Het contact met de natuur, maar ook cognitieve psychotherapie (Mindfulness : zie verder) kunnen helpen. Een burn-out hangt immers nauw samen met depressiviteit. Zijn eigen limieten erkennen en aanvaarden, laten toe dezelfde uren en taken opnieuw op te pakken. Maar op een andere manier

 

 

Welbekend in de militaire psychiatrie is dat als een eenheid blijvend onder stress staat er meer en meer mensen zullen uitvallen met psychische ontreddering. Daar bestaat praktisch een lineair verband. Teruggebracht naar de civiele maatschappij wil dat zeggen dat als de druk maar hoog genoeg wordt en lang genoeg duurt, er op het einde enkel nog in feite gestoorde mensen zullen overblijven, gestoord in de zin dat die niet goed beseffen wat ze aan het doen zijn of daar niet emotioneel op kunnen reageren vanuit een deficiënte gevoeligheid.

 

Vroeger heerste er nog mededogen, paternalistisch misschien, maar met compassie. Nu is er alom onzekerheid: de politieke wereld, de bankwereld, de sociale omgeving, de cultuur, het klimaat, alles kantelt, niets is zeker.

 

Het is tenslotte soms heel moeilijk een depressie te onderscheiden van bepaalde toestanden van chronische vermoeidheid : het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS), de professionele uitputting (burn-out), bore-out, maar ook bij chronische ziekten zoals Parkinson, MS...

 

De medische wereld heeft daar snel een woord voor: depressiviteit. Maar het is niet-depressief zijn, ik probeer alleen klachten te voorkomen. Vaak doet de buitenwereld er nog een schepje bovenop door te zeggen dat patiënt niet wil beter worden of dat hij lui is. 

 

Zich focussen op cognitieve gedragstherapie (zie verder) om de patiënt anders te laten leven is wat kort door de bocht. Het lijden heeft niet met cognities te maken maar met de realiteit van het dagelijks moeten omgaan met steeds weerkerende fysieke klachten. De cognitieve gedragstherapie is een therapie die gebaseerd is op het geloof in een ‘maakbare wereld'. Vanuit zijn standpunt dat er geen reële klachten aanwezig zijn, wil de therapeut op autoritaire manier de werkelijkheid veranderen. Daar doet hij de patiënt veel onrecht mee aan Dr. Annemie Uyttersprot in MediQuality 02/02/2016 : "Chronisch ziek zijn ontneemt je de controle op je leven"..

 

Is depressie een soort van "omgekeerde stressreactie" op (chronische) stress?

 

Het CRH (corticotropin-releasing hormone, of "angsthormoon") wordt door de hypothalamus geproduceerd als antwoord op stress. Het activeert in de hypofyse de productie van ACTH, die de bijnieractiviteit gaat stimuleren om voornamelijk cortisol aan te maken. De aanhoudende secretie van CRH tegen voortdurende stress gaat uiteindelijk de hypocampus, de zetel van de emoties, rechtstreeks verstoren en zo depressie uitlokken. Het wordt hierbij geholpen door een toestand van hypothyroïdie (zie verder : "Oorzaken"). Depressie is dus geen onderdeel van een burn-out maar soms wel het gevolg ervan.

 

Bij burn-out lijkt vast te staan dat minder cortisol wordt aangemaakt (via bloed- en speekseltest) en dat de fysiologische systemen die met dit stresshormoon gelinkt zijn, verstoord geraken. Bij klinische depressie geldt het omgekeerde : daar is het cortisolniveau verhoogd. Burn-out moet dus op een andere manier behandeld worden, want antidepressiva halen het cortisolniveau nog verder naar beneden.

 

Noot :

De term burn-out werd geleend bij de luchtvaartindustrie en verwijst naar het volledig opbranden van de energiebron van een vliegtuig of raket, wat het neerstorten ervan zou kunnen veroorzaken. De term werd voor het eerst gebruikt in de jaren 70. Burn-out  wordt gekenmerkt door een geheel van symptomen die optreden wanneer sprake is van een "belangrijk persoonlijk en affectief belang" met psychologische uitputting mbt de beroepsinvulling (de andere interessegebieden blijven bewaard, in tegenstelling tot bij een depressie). Met name wanneer bij een persoon een te grote kloof ontstaat tussen zijn verwachtingen, het beeld dat zij van haar beroep heeft (bepaald door waarden en regels) en de realiteit op de werkplaats. Door deze situatie, die tot emotionele uitputting leidt, zal de persoon zijn initiële aanzet sterk in vraag stellen INRS – Thèse pour le doctorat en médecine par Clémentine Vaquin-Villeminey, Prévalence du burn-out en médecine générale (site consulté le 20/02/2013)..

 

 

Midlifecrisis : burn-out betekent letterlijk ‘opgebrand’ zijn. Het is het gevolg van chronische stress die ervoor zorgt dat onze energiehuishouding en vitale processen van herstel verstoord geraken tot onze draagkracht het begeeft. Je bent je vuur kwijt. Terwijl je bij een midlifecrisis eerder jezélf kwijt bent. Veel burn-outs zijn eigenlijk verdoken midlifecrisissen. Mensen raken opgebrand omdat ze dingen doen die eigenlijk niet bij hen passen.

 

De midlifecrisis staat eerder symbool voor de roep van ons hart die zich niet langer in de kiem laat smoren. Je krijgt het steeds moeilijker om compromissen te sluiten waarbij je (delen van) jezelf verloochent. Een midlifecrisis brengt je in een existentiële crisis en roept je op om je opnieuw te verbinden met je essentie: wie ben ik, wie wil ik zijn, wie kan ik zijn?

 

De midlife fase is, net als de pubertijd of jongvolwassenheid, een natuurlijke ontwikkelingsfase. Bij sommigen gebeurt dit geruisloos, bij anderen gaat het gepaard met een intense crisis. Het is een groeisprong en niet iedereen groeit even soepel. De midlife fase stemt tot nadenken: er is een half leven voorbij en er is nog een half leven te gaan. In het midden van het leven is er het niet-geleefde leven dat vraagt om geleefd te worden. Het klopt dat mensen met minder ego minder te bewijzen hebben. Ze leven meer van binnenuit en varen op hun innerlijk kompas. Al kan dat laatste ook maar schijn zijn. Het niet moeten bewijzen kan ook een jammerlijk wegcijferen zijn van de eigen ambities (niet ambitieus mogen zijn, de ‘doe maar gewoon’-mantra).

 

 

Postnatale depressie : postpartum-depressie is geen heldere diagnose en bestrijkt een breed spectrum, van kraambedtranen tot postpartumpsychose. Een echte psychose is gelukkig zeldzaam: ongeveer 1 op 1000 vrouwen krijgt er binnen het jaar na de bevalling mee te maken.

 

Postnatale depressie komt meer en meer voor. Depressieve gevoelens na een bevalling zijn taboe : je hoort je goed te voelen na een geboorte van een kind, zeker als dat kerngezond is. Toch is de realiteit vaak anders. De veranderde hormoonhuishouding maakt deze vrouwen extra kwetsbaar. Plus de slapeloze nachten, misschien een steeds huilende baby, de onzekerheid over borstvoeding of flesvoeding, de eenzaamheid (zeker voor vrouwen met een job buitenhuis), de moeilijkere partnerrelatie...

 

In vorige generaties kon de eigen moeder (vaak huisvrouw) invallen. Maar de grootmoeders van vandaag werken vaak zelf, zijn gescheiden of leven met een nieuwe partner en/of stiefkinderen. En zijn dus minder beschikbaar.

 

Anderzijds zijn de verwachtingen vaak hooggespannen, alles moet volgens het boekje verlopen, hulp vragen is niet aan de orde. Media en advertenties tonen perfecte vrouwen, perfecte relaties en perfecte gezinnetjes.

 

We moeten ophouden de kraamperiode te bewieroken door louter te focussen op de schattige baby. Een kind krijgen betekent dat je dingen moet opgeven, uit de hand geven of delegeren. Je moet je leven herorganiseren. En dat lukt niet zonder slag of stoot.

 

In het bijzonder in de ontwikkeling van een postnatale depressie lijkt hoe je omgaat met positieve gevoelens minstens even belangrijk en in sommige gevallen zelfs belangrijker dan hoe je omgaat met negatieve gevoelens. Verdien ik dit geluk wel? Blije gevoelens toelaten...

 

Baby blues treedt niet alleen op bij mama's. Kijk maar eens hoe sterk de band is tussen een pasgeboren baby en de moeder. Onmiddellijk na de geboorte vindt de baby enkel rust door het contact met haar huid, geur, stem... Zou die kleine baby op zijn manier al last hebben van baby blues?  Negen maand in haar buik waren alleszins voldoende voor een hechte fysische band!

 

Types depressies :             

 

Endogene depressie :

 

Dit type depressie steekt de kop op zonder reden en wordt veroorzaakt door een verstoring ter hoogte van de hersenfunctie (interne oorzaak). Deze vorm van depressie gaat dikwijls gepaard met zelfmoordneigingen, en is meestal heel ernstig.

 

Kenmerken :

      • ontbrekende uitlokkende factor

      • sterke remming van elke activiteit,

      • sterk uitgesproken symptomen (gewicht, eetlust, libido, vermoeidheid)

      • slapeloosheid midden in de nacht en 's morgens vroeg

      • depressie intenser 's morgens

      • eigenbeeld : verlies van eigenwaarde, schuldgevoelens, spijtgevoelens...

      • frequente zelfmoordneigingen

      • beperkte interactie met de omgeving

 

Dit type depressie moet medisch worden behandeld.

 

 

Niet endogene depressie :

 

Reactieve depressie :

 

Dit depressie-type slaat op een vorm van zwaarmoedigheid (een menselijke reactie op een situatie) gekenmerkt door aanhoudende fenomenen van onverschilligheid, van onmacht en van functionele inhibitie. De reactieve depressie vindt zijn oorsprong in een schokkende gebeurtenis (verlies van een naaste, scheiding, zware ziekte, bevalling, financiële problemen, professionele tegenslag...) (externe oorzaak).

 

Toestanden van zwaarmoedigheid en neerslachtigheid zijn reactieve depressie-vormen met een tijdelijk karakter.

 

Neurotische depressie :

 

Dit type ontstaat uit een neurotische reactie op een oud en niet verwerkt emotioneel gebeuren (externe oorzaak). Deze depressievorm is gekenmerkt door een diep angstgevoel. Het gedacht te lijden aan een fysische afwijking is typerend. Dit type kan evolueren naar een fobie, of naar een hysterische of obsessionele neurose.

 

Kenmerken :

      • met uitlokkende factor

      • gematigde inhibitie van bepaalde activiteiten

      • beperkte symptomatologie (gewicht, eetlust, libido, vermoeidheid)

      • inslaapproblemen

      • depressie intenser in de namiddag

      • eigenbeeld : medelijden met zichzelf

      • weinig voorkomende zelfmoordneigingen

      • onderhoud van de interactie met de omgeving

 

Dit type depressie vereist niet noodzakelijk een medicamenteuze behandeling.

 

Atypische depressie :

 

Dit chronisch depressie-type wordt specifiek gekenmerkt door reactiviteit van de stemming op positieve gebeurtenissen, door verschrikkelijke moeheid en hypersomnia. Ook hyperfagie (overdreven eetlust) kan voorkomen.

 

Slaaptekort is hier een effectief antidepressivum op korte termijn. Tegen de verwachtingen in kan slaaptekort het gemoed in een aantal gevallen verbeteren, o.a. door vermeerdering van dopamine, noradrenaline, melatonine, GABA voor in balans brengen van glutamaat/GABA (met vit B6, Mn, Taurine) en verminderen van serotonine en cortisol. Het gevolg is meer motivatie en emotionaliteit wat vooral bij atypische (of apatische) depressie heilzaam is. Eén nacht slaapgebrek kan de stemming de volgende dag verbeteren. Maar helaas zijn de therapeutische effecten van een nacht slaaptekort meestal van korte duur, en omdat chronisch slaaptekort het risico op depressie verhoogt is het therapeutische voordeel van slaapbeperking bij depressie op zijn best bescheiden te noemen .

 

Fysiologische symptomen :             

 

De symptomen van een depressie of van een depressieve toestand zijn de uiting van onevenwichten ter hoogte van minstens 3 neurotransmitters in de hersenen : serotonine, noradrenaline en dopamine. Verstoringen van de glutamaat- en GABA-niveaus spelen ook een rol . Depressie is echter niet alleen een ziekte ontstaan uit psychische onevenwichten maar is ook een systemische ziekte : 80% van alle serotonine in ons lichaam komt voor in het gastro-intestinaal stelsel. Vandaar ook de lichamelijke klachten (zie verder).

 

Een tekort aan noradrenerge (NA) en serotoninerge (HT) zenuwoverdrachten kan veroorzaakt zijn door een onvoldoende aanwezigheid van neurotransmitters, door een gevoeligheidsverlies van de post-synaptische receptoren of door een verstoring van het signaal, tengevolge van een inhibitie van de endogene feedback mechanismen.

 

    • De NA overdracht betreft een belangrijk zenuwknooppunt voor de cognitie, de stemming, de emoties, de motoriek en de arteriële bloeddruk ; haar verstoring draagt dus bij tot het ontstaan van diverse symptomen van angst, van depressieve gevoelens, en op klinisch vlak, van psychomotorische vertraging, van vermoeidheid en van apathie, door een verstoring van de waakzaamheid en de concentratie.

 

    • De HT overdracht verzekert de diverse feedback functies : haar verstoring draagt ook bij tot het opduiken van diverse depressie-symptomen : angstgevoelens, slaapstoornissen, obsessie, compulsie, voedingsstoringen, stemmingsveranderingen.

 

Tenslotte veroorzaakt een depressie ook een verstoring van het immuun afweersysteem en van de biologisch klok (waak/slaap). Of is een veranderd slaappatroon niet het gevolg maar de oorzaak? Het is bekend dat de klinische expressie van een aantal belangrijke symptomen een circadiaans ritme kan volgen. Zo ziet men bv. variaties in het humeur doorheen de dag bij patiënten met depressie. Men vermoedt dat de ontregeling van het circadiaans ritme een rol kan spelen in de etiologie van depressie. Het kan daarbij gaan om een ontregeling van de intrinsieke werking of een verstoorde respons op omgevingsstimuli.

 

Volgens de geldende criteria (DSM-V, een internationaal psychiatrisch classificatiesysteem) is er pas van een depressie sprake bij minstens 2 weken continu neerslachtigheid, waarvan de intensiteit niet met de objectieve situatie strookt.

 

Daarnaast moeten nog 5 van de volgende symptomen aanwezig zijn :

 

      • bijkomende klachten, vaak lichamelijk : droge mond, hoofdpijn, trillende handen, hartkloppingen, onverklaarbare pijn

      • ongewild gewichtsverlies door verminderde eetlust of gewichtstoename door juist veel eten

      • slapeloosheid (soms slaperigheid)

      • psychomotorische opwinding (bij jongeren) of remming (bij ouderen)

      • concentratieproblemen, verminderd denkvermogen

      • nergens nog zin hebben in of interesse hebben voor

      • vermoeidheid en energieverlies

      • gevoelens van schuld, waardeloosheid, angst en wanhoop

      • besluiteloosheid (keuzestress), kleine alledaagse bezigheden worden onoverkomelijke opdrachten

      • sterke neiging tot piekeren

      • prikkelbaarheid in de contacten met anderen

      • huilen zonder dat het oplucht, of willen huilen, maar niet kunnen

      • doffe ogen, langzamer spreken of handelen

      • zich innerlijk leeg voelen

      • geen uitweg meer zien, het leven wordt doelloos en zinloos, zodat zelfmoordgedachten de kop op steken

 

De lijst van symptomen is echter zo uitgebreid en vaag dat iedereen eigenlijk depressief moet zijn. Hou er rekening mee dat de meeste hier opgenoemde symptomen natuurlijk voorkomen (iedereen heeft er wel eens mee te maken), spontaan optreden én verdwijnen. Gebrek aan ondernemingszin en weerbaarheid heeft niets te maken met een depressie. Om duidelijkheid te scheppen volstaat dan niet het letterlijk toepassen van de DSM-IV-criteria, maar wel de kliniek : er is pas sprake van depressie wanneer een breuk bestaat met de bestaande toestand, en dat deze verandering blijft bestaan (buiten "rouwen", een natuurlijk proces dat helemaal niets te maken heeft met depressie, maar wel 4 à 6 maanden kan aanhouden).  

 

Daarnaast zijn ook fysische pijnen (o.a. frequente en intense spier-, rug-, hals- en/of hoofdpijn) veel voorkomend bij depressieve personen : de pijnkans is 2 x hoger bij depressieve patiënten dan bij niet depressieve ; de intensiteit van de pijnen is ook evenredig met de ernst van de depressie.

 

Link met andere pathologieën (co-morbiditeit) :             

 

Mensen met mentale gezondheidsproblemen lopen meer risico op fysische problemen en omgekeerd. Algemeen heeft 1 op 4 mensen last met zijn mentale gezondheid. Mensen die lijden aan een ernstige geestesziekte lopen een 2 tot 3 x hoger risico op de ontwikkeling van diabetes of andere cardiovasculaire risicofactoren. Maar ook op 25 tot 30 jaar jonger te sterven. Omgekeerd worden ook personen met lichamelijke kwalen geconfronteerd met mentale problemen : personen die aan bv. aan artritis lijden lopen een 2 x hoger risico dan de rest van de bevolking op het ontwikkelen van humeurstoornissen of angstgevoelens.

 

Een depressie verhoogt ook het risico op andere ziekten (ook ernstige). De depressieve persoon loopt een verhoogd risico te sterven aan een CVA of een myocardinfarct (MI) en op jongere leeftijd :

 

    • depressie veroorzaakt niet alleen psychisch lijden, maar ook lichamelijke klachten zoals slaapstoornissen : 30 tot 40% van de gedeprimeerde personen lijden aan slaapapneu (tegenover 5 tot 12% van de algemene bevolking) . Slaapapneu behandelen leidt tot een verbetering van de depressieve symptomen.

    • depressie veroorzaakt anhedonie (waarbij patiënten de geneugten van een lekkere maaltijd of een goede film, de liefdevolle toewijding van hun vrienden en familie, en ontelbaar veel andere dagelijkse dingen, niet langer aanzien als een beloning)...

    • depressie veroorzaakt ook het verlies van lichamelijke genotsbeleving (libido)

      • depressieve personen boeten in aan verbeeldingskracht : voor een gelukkige seksualiteitsbeleving is echter fantasie en inbeelding nodig, met erotische waangedachten. Omdat niet alleen het lichaam zich oplaadt en ophitst... Een gelukkige seksualiteitsbeleving staat voor een band, een koppeling tussen psychologisch en lichamelijk plezier. Depressieve personen slagen daar niet meer in : verbeeldingsscenario's ontbreken bij hen.

      • daarbij dragen depressie-symptomen zoals humeurschommelingen, prikkelbaarheid, vermoeidheid en verlies aan zelfvertrouwen niet bij tot een normale seksuele ontplooiing.

      • antidepressiva zoals de SSRI bevorderen de heropname van serotonine, de neurotransmitter van de verzadiging en rust, maar die ook het seksueel verlangen en het orgasme onderdrukt (met het libido dat soms blijvend weg blijft na stoppen met SSRI ).

    • depressie verhoogt het risico op hypertensie, hartvang en CVA aanzienlijk : hierbij zou vooral het gedrag van depressieve personen het risico verhogen (meer roken, minder bewegen) en verbetert stoppen met roken en bewegen de depressie (door de serotonine-productie te stimuleren )

    • depressie (en bepaalde antidepressiva) stimuleren een verhoging van het lichaamsgewicht

    • depressie versterkt de impact van hartproblemen  en van haar fysische beperkingen

    • depressie verhoogt het risico op een nieuw cardiovasculair accident

    • depressie en diabetes zijn gelinkt : een tekort aan serotonine thv de pancreas zou diabetes kunnen uitlokken (serotonine controleert de vrijstelling van insuline)

    • depressie verhoogt het risico op besmettelijke ziekten zoals hepatitis B/C en tuberculose, en andere ziekten zoals osteoporose of een verminderde longfunctie

    • depressie, Chronisch VermoeidheidsSyndroom (CVS) en stress : stress zou de gevoeligheid voor depressie en CVS verhogen

      • meer en meer studies wijzen op een link tussen het CVS en depressie : alhoewel beiden gekenmerkt worden door vermoeidheid (anergie) schijnen het tekort aan motivatie en apathie te behoren tot de typische kenmerken van depressie (bij het CVS treedt zelden verlies van interesse en motivatie op, doch eerder frustratiegevoelens als reactie op het beperkend effect (fysisch en mentaal) van CVS). Daarnaast schijnt een circulair verband te bestaan tussen beiden, daar een depressie zowel de voorloper als het gevolg van CVS kan zijn. Men denkt dat een ontregeling van het stresssysteem (HHB-as / psychosociale factoren) de basis vormt van de ontwikkeling van beide syndromen.

      • zie ook : overgevoeligheid voor externe indrukken en prikkels (zie : "Hoogsensitief persoon" en "HSP Vlaanderen")

    • depressie en hypothyroïdie zijn gelinkt (zie verder : "Oorzaken")

    • angst en depressie lokken 2 x meer (en vaak ernstiger) migraine uit dan bij niet-depressieve patiënten Lannie Ligthart, Vrije Universiteit Amsterdam, 29/10/2010 (Medi-Quality)

    • ...

 

Bij de vrouw zou het ontstaan van een depressie kunnen te maken hebben met een verlaging van de oestrogeenspiegels, wat kan leiden tot een vroegtijdige menopauze (of is het omgekeerd ?).

 

Het is hier duidelijk dat een meer holistische benadering nodig is bij patiënten met mentale problemen, waarbij zowel aandacht gaat naar hun mentale gezondheid als naar hun fysisch welzijn. Wat heel waarschijnlijk wel een rol speelt is hun levenswijze. Het is juist dat deze personen risicovoller leven en met minder zorg voor hygiëne. Velen onder hen zijn gevoeliger voor verslaving (roken, alcohol, farmaca...). Dat verklaart zeker voor een deel hun cardiovasculaire problemen. Blijft dan nog de vraag of deze problemen nu de oorzaak zijn of eerder het gevolg ervan... De levenswijze van deze patiënten staat zonder twijfel in voor een deel van het antwoord. Maar men is niet lichamelijk ziek en vervolgens geestelijk, of eerst geestelijk en dan lichamelijk. Men is steeds ziek van lichaam én van geest. Dat wordt misschien wel anders ervaren omdat het lichaam een sterke inertie vertoont ("materie"), en zich dan meestal later manifesteert dan de geest. Hartlijders (fysiologisch) zijn dikwijls ook hartpijnlijders (affectief). Dat draagt een naam : Tako-Tsubo.

 

Oorzaken van depressie :             

 

Gedurende de ontwikkeling van de hersenen bij de foetus worden zenuwcellen aangezet motorisch of sensorieel te antwoorden op signalen. Wanneer de ontwikkeling volledig is, beschikt het organisme over een voorspelbare motorische en sensoriele functie, zoals bewegen of in staat zijn de smaak van een voedingsmiddel te herkennen. Vitamine D, omega3 vetzuren (DHA), magnesium...  zijn belangrijk voor de genespressie en controleren dit ontwikkelingsproces. Zenuwgroeifactoren bepalen de interconnecties in de hersenen. Vitamine D controleert sommige van die groeifactoren. Bij hersenschade komen dezelfde factoren tussen bij het herstelproces.

 

Met de jaren stapelen hersenen herinneringen op maar lopen ook schade op. Hersenschade door emotionele trauma, door hoofdtrauma, door hoge bloeddruk, door een ongezonde manier van leven, door vermoeidheid...

 

Een depressie was initieel een verwerkingsmechanisme voor emoties. Een depressie heeft inderdaad enkele voordelen : zij trekt de aandacht (en misschien zelfs de hulp) van anderen, maar vooral, zij beweegt de persoon ertoe een beslissing te nemen die uiteindelijk wellicht positieve gevolgen heeft voor haar leven.

 

Depressie, alsook de toestanden van neerslachtigheid en zwaarmoedigheid, zijn een lichamelijke reactie, een ziekte van het lichaam. Het sleutelsymptoom hierbij is vermoeidheid.

 

Haar ontstaan is eerder multifactorieel met een samengaan van genetische en omgevingsfactoren.

 

 

Individuele factoren :

 

Het slecht beheer van emoties is een van de belangrijkste oorzaken van depressie, angstgevoelens, gewichtstoename, hypertensie... Cortisol activeert een vit B6-afhankelijk leverenzym dat de metabolisatieweg van tyrosine verplaatst van de synthese van dopamine en de catecholamines adrenaline en noradrenaline naar de synthese van fumaraat (voor de citroenzuurcyclus) = tekort aan dopamine. Ook lage tyrosine-bloedspiegels werden geassocieerd met depressieve gevoelens en libidodaling.

 

Diegenen die leerden hun stress te beheersen hebben meestal geen last van deze problemen, omdat zij diegenen zijn die leerden naar hun lichaam te luisteren, hun emoties leerden herkennen en er op een intelligente manier op te antwoorden. De capaciteit zijn emoties te controleren, zijn frustraties te beheersen en samen te werken met anderen, is dus primordiaal. Zie ook : "Psychisch profiel".

 

Onder invloed van intense stress, of wanneer emoties te overweldigend zijn kan het emotioneel brein, onder invloed van adrenaline, het cognitieve gaan overheersen, waardoor deze laatste zijn vermogen het gedrag te sturen verliest, waardoor reflexen en instinctieve handelingen vrij spel krijgen. Vroeger was dit systeem van essentieel belang in het leven van elke dag. Vandaag maakt dit controle-verlies ons onbekwaam te ageren in functie van het meest aangepaste gedrag. De " te gevoelige", "prikkelbare" of "overwerkte" aard van sommigen komt met deze psychische toestand overeen. Daarbij verstoort de overmaatse beïnvloeding door het emotioneel brein alle andere lichaamsfuncties met palpitaties, zweten, bevingen, en krampen... als gevolg. Onder invloed van adrenaline, is het cognitief brein onbekwaam een samenhangend antwoord te formuleren op deze situatie. Wat kan leiden tot paniektoestanden...

 

Daartegenover kan een overdreven controle van emoties leiden tot de ontwikkeling van een " te weinig gevoelige" natuur. Een te belangrijke invloed van het cognitief brein op emoties kan eindigen in het verlies van het contact met het emotioneel brein. Emoties zijn nu eenmaal nodig voor het sturen van het gedrag. Daar het lichaam het voornaamste invloedsgebied is voor het emotioneel brein, kan een dusdanige neiging tot het onderdrukken van emoties leiden tot fysische klachten : onverklaarbare vermoeidheid, arteriële hypertensie, verkoudheden en andere steeds terugkerende infecties, hartklachten, darmklachten (diarree...), huidproblemen (allergie, eczeem, psoriasis...)...

 

 

Genetische factoren :

 

De genetische invloed kan zich al dan niet uiten, gedeeltelijk of niet, variërend in functie van bepaalde factoren waaronder externe voorbeschikte factoren. Er is geen echte systematische genetische voorbeschiktheid,  men spreekt hier beter van "zwakte".  Vooral bij kinderen (3 - 5 jaar) is de genetische aanleg erg belangrijk. Tot de leeftijd van ongeveer 12 jaar neemt de invloed van genetische aanleg af, terwijl de wereld waarin het kind opgroeit belangrijker wordt.

 

 

Immuunfactoren : de ontstekingsroute

 

Een depressie vertaalt zich dikwijls in een wijziging van de immuunfunctie, vooral thv de T-lymfocyten en bepaalde cytokines (IL-1, IL-6 en TNF-alfa). Deze pro-inflammatoire cytokines kunnen de omzetting van tryptofaan naar serotonine blokkeren (zie ook "Immuunrespons"), zodat minder van dit gelukshormoon in de hersenen beschikbaar is. Zo zouden inflammatoire cytokines vrijgesteld door mastocyten (mestcellen - aangeboren immuniteit) leiden tot een vermindering van de synthese van serotonine en van het aanbod van tryptofaan ter hoogte van het zenuwstelsel. In plaats van gebruikt te worden in de synthese van serotonine, zorgt de afbraak van tryptofaan door de lever voor hoge spiegels neurotoxische afgeleiden zoals quinolinezuur (quinolaat), een metaboliet in de kynurenine-pathway (macrofagen) waarbij tryptofaan omgezet wordt naar NAD+ .

 

Door de vrijstelling van inflammatoire cytokines worden de microglia in de hersenen geactiveerd, waardoor het enzym indoleamine 2,3-dioxygenase (IDO) de omzetting van "tryptofaan naar serotonine en melatonine" afleidt naar de omzetting van "tryptofaan naar quinolinezuur (een NMDA-agonist)" wat angst en agitatie uitlokt.

 

Tergelijkertijd vermindert de gevoeligheid aan cortisol, een hormoon dat juist een ontstekingsreactie dient te bufferen...

 

Verder vertoont 50 à 60% van de depressies een inflammatoire component door een verhoogd gehalte aan COX-2 (zie "Inflammatie-reactie"), en anti-inflammatoire middelen (NSAIDs) zouden een antidepressief effect vertonen . Recent werd ook bewezen dat alle antidepressiva anti-inflammatoire eigenschappen bezitten (ketamine...), onafhankelijk of ze de depressie opklaren of niet...

 

Tot kort volgde men de hypothese dat het immuunsysteem in de hersenen het voordeel had onafhankelijk van het perifeer immuunsysteem te functioneren, dankzij het bestaan van de bloed-hersenbarrière. Maar in een recente studie (2015) gepubliceerd in Nature  wordt de ontdekking van een lymfedrainagesysteem in het centraal zenuwstelsel bekend gemaakt, waardoor storingen van het perifeer immuunsysteem rechtstreeks de plasticiteit van onze hersenen  kunnen beïnvloeden. Zo werd aangetoond dat cytokines die tgv een ontstekingsreactie perifeer werden vrijgesteld onze hersenstructuren kunnen bereiken en daar de werking verstoren van neurotransmitters die een rol spelen in het ontstaan van een depressie zoals serotonine, dopamine en glutamaat. Psychische stoornissen zijn daarom niet langer hersenziekten, maar aandoeningen van heel het organisme!

 

De perifere cytokines die geactiveerd worden door de ontstekingsreactie kunnen dus interageren met het CZS. Inflammatoire tekenen kunnen uiteenlopend zijn : virale infecties, bacteriële infecties, chronische stress, degeneratieve aandoeningen, auto-immuunziekten, kanker, obesitas...

 

Parasieten, bacteriën en virussen die mensen infecteren hebben een invloed op het emotionele gedrag. Verbanden tussen een parasiet en depressie zijn een aantal keren aangetoond. Het spectrum van organismen die in het spijsverteringskanaal leven, heeft impact op gedrag. Dat probiotica ontstekingsmerkers in het bloed en neurotransmitters in de hersenen kunnen wijzigen, is daar een bewijs van .

 

De relatie tussen Leaky gut en depressie is een andere illustratie. Het "Leaky Gut Syndrome (LGS)" syndroom (zie "Voedselabsorptie" en "Maag- en darmaandoeningen") laat de passage in het bloed van gram (-) bacteriën toe, wat ook leidt tot een overproductie van inflammatoire cytokines en oxidatieve stress .

 

Het immuunsysteem, met als zetel de dunne darm, vormt het eerste verdedigingssysteem tegen inflammatie. Wanneer pasgeborenen en jonge kinderen tijdens hun ontwikkeling onvoldoende aan bacteriën worden blootgesteld ontwikkelen zij een zwak immuunsysteem. Chronische blootstelling aan inflammatie-toestanden waardoor het immuunsysteem overactief wordt, zijn niet alleen de oorzaak van latere hart- en vaatziekten en diabetes (autoimmuunziekte), maar ook van depressie. Gluten bv., maar ook gelijk welk industrieel bewerkt voedingsmiddel, kan chronische lage graad inflammatie uitlokken in de darm, en dus ook in de hersenen...

 

De oorzaak kan naast glutenintolerantie, ook schildklierstoornis (hypothyroïdie), anemie, infectie, ziekte van Lyme of CVS... zijn. Depressie is dan een symptoom, geen ziekte!

 

Onderzoeken wijzen op een link tussen hersenstoornissen zoals depressie en autisme, en darmstoornissen . Zo ook komt glutenintolerantie frequent voor bij autisten en helpt een glutenvrij dieet bij veel autistische kinderen.

 

Probiotica zoals fermentatieproducten (lassi (indische yoghurt), natto (gefermenteerde soja), gefermenteerde groenten (kolen, rapen, aubergines, komkommer, uien...),  kefir (gefermenteerde melk)...) of als voedingssupplement oefenen bij hen meestal ook een weldoende werking uit (levende bacteriën vindt men uitsluitend in verse gefermenteerde voeding, droge probiotica kunnen deze niet vervangen, zie ook : "Voedselontaarding").

 

Zo zorgt een goede darmflora voor een stevige darmwandbarrière, een optimale serotonine-functie, en voor voldoende productie van dopamine en GABA.

 

Probiotica de nieuwe Prozac°?

 

 

Omgevingsfactoren :

 

Externe voorbeschikte factoren (gebeurtenissen in het leven, psychische kwetsbaarheid, leeftijd, geslacht en levensstijl) komen voor een belangrijk deel tussen. Affectieve eenzaamheid (weduwschap, echtscheiding, scheiding) vertegenwoordigt een bezwarende factor, zoals ook het bestaan van een organische ziekte, van stressvolle situaties (overbelasting, verhuis, dop, familiespanningen...), van de afwezigheid van sociale integratie of van bijzondere levensmomenten zoals adolescentie, zwangerschap en bevalling.

 

Nochtans is onze wereld objectief gezien de beste om in te leven, we hebben het nog nooit zo goed gehad. Toch zijn veel mensen ontevreden en ongelukkig :

 

        • door al onze communicatiemiddelen verschralen onze contacten, we "zien" elkaar niet meer. Veel emoties zijn waarneembaar in de manier van zijn : gelaatsuitdrukking, houding, ogen... Velen raken vervreemd in de moderne wereld waarin we zogenaamd 24 uren per dag met elkaar zijn verbonden. Diep van binnen zijn ze hevig op zoek naar affectie en nabijheid.

 

        • omdat mensen steeds hogere prestaties moeten leveren en steeds moeten "winnen". Vroeger moest men de beste zijn van z'n dorp, nu moet men door massacommunicatie de beste van de wereld zijn. Als alle respect uitgaat naar de winnaars blijft er voor veel gewone mensen weinig waardering over. Gewone arbeid wordt te weinig gerespecteerd.

 

        • omdat tegenwoordig "economie" staat voor zoveel mogelijk geld verdienen. Daar lijdt de kwaliteit van ons werk onder. Deze drang naar rendement maakt ons leven kapot. We boeten in aan levenskwaliteit : want om te "leven" hebben we juist tijd, ruimte en belangeloosheid nodig. Maar onze omgang met tijd en ruimte zijn compleet veranderd : de ruimte werd kleiner en de tijd versnelde. De technologische revolutie zorgde voor deze subjectieve of beleefde versnelling : steeds sneller informatie versturen, vooruitgaan en werken, constant innoveren... Tegenwoordig heeft een man van 35, door te veranderen van job, partner en verblijfplaats, reeds 3x zoveel beleefd als zijn grootvader in heel zijn leven Hartmut Rosa in zijn boek : "Beschleunigung – Die Veränderung der Zeitstrukturen in der Moderne" (2012).  !

 

        • door de evolutie naar meer individualisme en persoonlijke verantwoordelijkheid... met een verhoogd risico op persoonlijk falen.

 

        • door de toenemende medicalisering/therapeutisering van onze leefwereld en onze emoties : de grenzen tussen wat normale emoties en ernstige psychische emoties zijn, vervagen (zie ook : Ziekten, hun nomenclatuur").

         

        • autonomie leidt tot eenzaamheid... Mannen en vrouwen willen allen autonoom zijn! Autonoom zijn is nu het ideaal, autonomie is voor hen als een deugd. Maar een deugd die een probleem kan worden zodra zich een romantische relatie vormt! Want de definitie van een romantische relatie is net het tegengestelde van deze van autonomie : een relatie gaat over wederzijdse afhankelijkheid, over de behoefte om door de andere erkend te worden... Dat maakt een relatie nu complex. Daarnaast bestaat vooral bij mannen bindingsangst : twijfelen, niet kunnen kiezen, bang een betere opportuniteit te missen... Liefde is voor hen geen passie meer maar een manier van relaties managen : de rationalisering van romantische liefde (Why love hurts, Eva Illouz)!

 

        • ...

 

Meerdere studies hebben aangetoond dat, naast persoonlijke oorzaken, maatschappelijke verhoudingen, zoals discriminatie, achterstelling, interpersoonlijke conflicten en eenzaamheid, aan de basis liggen van deze psychische klachten. Als depressieve gevoelens maatschappelijke oorzaken hebben, dan kunnen maatschappelijke veranderingen ook zorgen voor een toename of afname ervan.

 

In ieder geval neemt het aantal depressies niet toe, maar wel het ongenoegen, de ontevredenheid over het eigen leven en de wereld. Veel mensen zijn verbitterd. Dit is niet te behandelen met antidepressiva maar met een maatschappelijk debat.

 

Geneesmiddelen :

 

Opioïde analgetica (narcotische pijnstillers zoals morfine, codeïne, oxycodon, hydrocodon, fentanyl...) stillen niet alleen de pijn maar leiden tot gewenning en verhogen sterk het risico op depressie . Maar ook drugs zoals cannabis, ecstasy, heroïne en alcohol werken in op het gemoed en het gedrag. Het langdurig gebruik van benzodiazepines (kalmeermiddelen, anxiolytica, slaapmiddelen...) zouden het risico op dementie tot met 60% verhogen ...

 

 

Ontwikkeling van depressieve toestanden :

 

Gebeurtenissen in het leven die de gewoonten of de sociale ritmen verstoren kunnen de endogene 24 uur-ritmen (circadiaans) verstoren (zie : "Bioritme") bij alle individuen. Deze veranderingen worden ervaren als somatische (lichamelijke) symptomen.

 

Levensgebeurtenissen

      • verstoring van de sociale synchronisatoren

        • verstoring van de stabiliteit van de sociale ritmen

          • verstoring van de stabiliteit van de biologische ritmen

            • veranderingen in de lichamelijke symptomen

              • ziekelijke afwijking van de biologische ritmen

                • depressie, bipolaire stoornis...

 

 

Hormonale factoren :

 

Biochemisch vertaald :

      • langdurige blootstelling aan stress, onmacht... dwingt het organisme tot rust

        • lukt dat niet (meer), dan probeert het hormoonsysteem te compenseren met cortisol

          • blijft dit duren : de as hypothalamus-hypofyse-bijnier raakt verstoord ---> gespannenheid

            • blijft dit duren : de neurotransmitters serotonine, noradrenaline en dopamine raken ontregeld

              • blijft dit duren : negatief effect op stimulerende banen in ons brein

                • blijft dit duren : aandacht en concentratiestoornissen ---> nog meer stress

                  • blijft dit duren : gedragsverandering (zich isoleren om de dagelijkse routine te doorbreken)

                    • blijft dit duren : negatieve spiraal met disfuncties

 

Daarnaast, in de premenstruele periode bv., door een onevenwicht tussen oestrogenen/progesteron waardoor de precursor van serotonine, het tryptofaan, overmatig door de lever wordt verbruikt. Dit fenomeen leidt tot een vermindering van de synthese van serotonine en van het aanbod van tryptofaan ter hoogte van het zenuwstelsel. In plaats van gebruikt te worden in de synthese van serotonine, zorgt de afbraak van tryptofaan door de lever voor hoge spiegels neurotoxische afgeleiden zoals quinolinezuur (quinolaat), een metaboliet in de kynurenine-pathway waarbij tryptofaan omgezet wordt naar NAD+. De conversie Tryptofaan > Quinolinezuur wordt door oestrogenen onderdrukt.

 

Maar ook het nemen van de anticonceptie-pil speelt een niet onbelangrijke rol : de mogelijke effecten van natuurlijke/kunstmatige gestagenen op het gemoed van de vrouw zijn al langer bekend, en de pil verlaagt daarbij nog het libido... Door de pil te nemen, maak je je organisme wijs dat je zwanger bent, waardoor je minder gevoelig wordt aan feromonen en minder testosteron aanmaakt. Vrouwen die de pil nemen in combinatie met antidepressiva zullen het nog moeilijker krijgen... .

 

Hetzelfde probleem stelt zich bij de menopauze : wanneer de gehaltes oestrogenen/progesteron of oestrogenen/testosteron uit evenwicht geraken : te lage oestrogeenspiegels (vrouw) en testosteronspiegels (man) leiden tot prikkelbaarheid, emotionele onstabiliteit en depressie , zwakke progesteronniveaus creëren bij de vrouw irrationele gedachten en soms agressie met angstgevoelens.

 

Een tekort aan cortisol kan leiden tot mentale confusie, flauwte bij de minste stress, claustrofobie.

 

Te weinig DHEA schijnt prikkelbaarheid en zenuwachtigheid, angst en libidoverlies uit te lokken.

 

Een verlaging van de activiteit van BDNF (Brain derived neurotrophic factor, een essentiële factor bij de overleving en de differentiatie van neuronen in het perifeer zenuwstelsel tijdens de ontwikkeling) door bv. overmatig suikergebruik werd gezien bij depressieve personen , maar ook bij andere mentale stoornissen. Daar tegenover staat dat bewegen haar productie zal versterken...

 

En thyroïdhormonen spelen ook een rol :

 

      • een tekort aan schildklierhormonen remt de aanmaak in de hersenen van noradrenaline, de neurotransmitter die positief inwerkt op het humeur. Hypothyroïdie veroorzaakt hierdoor een verhoging van het aantal en de activiteit van de alfa-adrenerge receptoren, wat leidt tot depressie.

      • anderzijds verlaagt hypothyroïdie het aantal béta-adrenerge receptoren, waardoor een overwicht aan alfa-adrenerge receptoren ontstaat. Dit leidt tot het afremmen van het celmetabolisme.

      • de hoeveelheid geproduceerde en gebonden serotonine is verlaagd bij depressie : hypothyroïdie kan de oorzaak zijn omdat hypothyroïdie ook de bindingscapaciteit van serotonine reduceert : de schildklierdeficiëntie moet dus eerst verholpen worden vooraleer SSRI worden ingezet voor het normaliseren van de serotoninebindingscapaciteit. Ook cholesteroltekort kan leiden tot een laag serotonine-gehalte.

      • MAO enzymen verplaatsen het noradrenaline van zijn receptoren. De activiteit van MAO wordt echter verhoogd bij hypothyroïdie waardoor meer noradrenaline wordt afgebroken en het humeur verslechtert. MAOI worden gebruikt om die afbraak te remmen : de schildklierdeficiëntie moet dus eerst verholpen worden vooraleer MAOI worden ingezet.

      • een deficit aan schildklierhormonen bevordert ook cognitief verlies, geheugenverlies, concentratieverlies,  ... die ook dikwijls worden gezien bij depressie : de onderliggende schildklierdeficiëntie moet dus ook verholpen worden.

 

Depressie zou dan ook een weerspiegeling kunnen zijn van deze hormonale verstoringen. Het volstaat soms deze te corrigeren om significante resultaten te bereiken zonder de inname van medicatie.

 

Als je daarbij weet dat glutenintolerantie en coeliakie geassocieerd zijn met een verhoogd risico op ziekten van de schildklier en de nieren, en op kanker (non hodgkinlymfoom )... is de link tussen voeding en depressie meteen gelegd .

 

 

Voedingsfactoren :

 

Depressie is een frequente multifactoriële aandoening waarvan het opduiken van symptomen vaak gelinkt is aan de levenswijze van de patiënten. Onder deze factoren schijnt voeding een overheersende rol te spelen. Studies waarbij de kwaliteit van de voeding werd ingeschat met behulp van de "Alternative Healthy Eating Index (AHEI)"-schaal (zie ook "Voedingspiramide") wezen uit dat een verbetering of een handhaving van de score op de AHEI-schaal bij de deelneemsters over de 10 jaar dat ze gevolgd werden, het risico op het ontwikkelen van terugkerende depressieve symptomen met 65% vermindert ten opzichte van vrouwen met een lage score . Bij mannen werd deze relatie niet teruggevonden.

 

   Te lage productie van dopamine :

 

    • De inname van te veel suikers (bij ontbijt bv.) : de hierop volgende insulinesecretiestijging vertaalt zich in de opname van tyrosine thv de perifere weefsels ten nadele van het centraal zenuwstelsel : hierdoor minder tyrosine voor de synthese van dopamine en catecholamines. The Sugar Blues!

 

Een Britse studie wees uit dat wie veel verwerkte producten eet een groter risico lijkt te hebben op de ontwikkeling van depressiesymptomen !

 

 

Symptomen :

 

        • algemene en cognitieve vertraging

        • vermoeidheid

        • geheugenproblemen

        • concentratieproblemen

        • geen toekomstperspectief

        • wanhoop

        • sociaal isolement

        • ...

 

 

   Te lage productie van serotonine :

 

    • Serotonine wordt aangemaakt in de hersenen uit tryptofaan (Try), een essentieel aminozuur. De intensiteit van de haar synthese hangt af van de accumulatie van tryptofaan ten opzichte van andere neutrale aminozuren (fenylalanine, tyrosine, valine, leucine en isoleucine : 5 aminozuren waarvan het gebruik in de spieren afhankelijk is van de aanwezigheid van insuline). Inderdaad, het transport van tryptofaan doorheen de bloed-hersenbarrière maakt gebruik van een actief transportmechanisme dat ook gebruikt wordt door andere neutrale aminozuren. De verhouding in het plasma van Try / Phe Tyr Val Leu Iso bedraagt normaal 0.08 à 0.16.

 

Deze verhouding verhoogt na inname van gluciden (door de vrijstelling van insuline die het verbruik in de spieren van neutrale aminozuren toelaat) en vermindert door de inname van proteïnen die de hoeveelheid neutrale aminozuren gaat verhogen (vandaar het voedingsgedrag met drang naar suikers, trek in suikergoed, tussendoortjes en polyfagie bij vasten).

 

Een maaltijd rijk aan proteïnen stimuleert de synthese van nieuwe proteïnen en onthoudt de serotoninerge neuronen hun basismaterie : het is dus beter proteïnerijke maaltijden eerder 's morgens en 's middags te plannen, en de koolhydraatrijke 's avonds. Voor serotonine, als precursor van melatonine, riskeert elk tryptofaan-arm regime niet alleen het uitlokken van depressieve toestanden maar ook van slaapstoornissen...

 

Neurotransmitters zoals serotonine worden ook gevonden in de darm : de grootste hoeveelheid serotonine in het organisme zit in de darmen en niet in de hersenen. Een verstoring van de darmflora (zoals het "Leaky Gut Syndrome (LGS)" syndroom) kan aldus een belangrijke impact hebben op het humeur, de psychische gezondheid en het welzijn. Het is algemeen bekend dat het centraal zenuwbrein en het enterisch zenuwstelsel (darmbrein) via de nervus vagus met elkaar in verbinding staan (zie  "Voedselabsorptie").

 

 

    • Het is ook belangrijk te wijzen op de rol van omega3 vetzuren :

      • de neurotransmissie maakt immers meermaals gebruik van de dubbele fosfolipidenlaag ter hoogte van de synapsmembranen. Wanneer de blaasjes vol met neuromediatoren (serotonine) komen versmelten met de presynaptische membraan voor de vrijstelling van de neurotransmitter in de synaptische spleet, bepaalt de vloeibaarheid van de membranen de efficiëntie en de snelheid van het proces. Deze fluïditeit hangt vooral af van de concentratie aan poly-onverzadigde vetzuren in de membraan-fosfolipiden (vooral DHA). Dus, hoe meer DHA in de hersenen, hoe meer serotonine.

      • omega3-vetzuren helpen het transport van glucose, de brandstof van de hersenen.

      • hoe hoger de concentratie van EPA in het bloed, hoe zwakker de depressieve symptomen en hoe hoger de verhouding omega3/omega6, hoe lichter de symptomen (depressieve, humeur...) Rizzo AM, Corsetto PA, Montorfano G, Opizzi A, Faliva M, Giacosa A, Ricevuti G, Berra B, Rondanelli M, Pelucchi C. Comparison between the AA/EPA ratio in depressed and non depressed elderly females: omega-3 fatty acid supplementation correlates with improved symptoms but does not change immunological parameters. Nutr J. 2012 Oct 10;11(1):82..

 

    • Het metabolisme van monoaminen (serotonine, noradrenaline...) omvat methylatie-reacties. Een deficit aan vit B9 (foliumzuur, best onder vorm van het natuurlijke methylfolaat) werd vastgesteld bij een derde van de depressieve patiënten. Foliumzuur is essentieel voor de hermethylatie van homocysteïne, nodig voor het behoud van voldoende concentraties aan SAM, de universele donor van methyl-groepen. Elk tekort aan SAM veroorzaakt aldus een verstoring van de synthese van de neurotransmitters betrokken bij de emotie en bij de ontwikkeling van een depressie. Een hyperhomocysteïnemie bij depressieve patiënten kan worden behandeld met supplementen op basis van vit B6, B9, B12 en andere cofactoren zoals Mg, voor het optimaliseren van de methylatie-reactie .

 

    • Een tekort aan ijzer (ferritine < 50ng/ml) en zink.

 

Symptomen :

 

        • moeilijk inslapen en 's nachts wakker worden

        • drang naar suikers

        • gemoedsstoornissen soms met agressiviteit en prikkelbaarheid

        • intolerantie tegenover frustratiegevoelens

        • karakter afhankelijk van het seizoen

        • ...

 

   

Verhoogde productie van noradrenaline :

 

    • Noradrenaline is waarschijnlijk ook betrokken bij depressie. Een correctie van de serotonine/noradrenaline balans in de hersenen draagt bij tot de behandeling van sommige vormen van depressie, die gekenmerkt worden door sterke emotionaliteit, afhankelijkheid aan anderen, constante nood aan goedkeuring en aandacht, angstig en opgewonden, slapeloosheid in het begin en op het einde van de nacht...

 

Klassieke behandeling :             

 

Ons brein bestaat uit 3 lagen :

 

    • oudste laag : het onderste centraal gelegen reptielenbrein stuurt onze basisfuncties en verzekert de homeostase : ademhaling, hartslag, lichaamstemperatuur, honger- en dorstgevoel...

    • middenlaag : rond de hersenkern zit het limbisch brein dat al onze emoties stuurt.

    • recentste laag : het hogere zoogdierenbrein (neocortex) bevat de "edelste" menselijke functies : taal, zelfbewustzijn, denkvermogen...

 

Het brein van een depressieve persoon werkt niet normaal. Het limbisch brein overreageert en stuurt teveel signalen naar de neocortex. Uiteindelijk kan die niet meer volgen en crasht, waardoor hij te traag begint te werken. Als oorzaak of als gevolg van dit fenomeen worden een aantal neurotransmitters in te lage concentraties afgescheiden. En dat veroorzaakt de lichamelijke en psychische symptomen eigen aan depressie.

 

Behandelingen tegen depressie werken van beneden naar boven (bottom-up) of van boven naar beneden (top-down). Antidepressiva werken vanuit het reptielenbrein terwijl hun effecten voelbaar zijn tot in de cortex. Terwijl psychotherapie vooral de neocortex beïnvloedt (omdat ze een beroep doet op ons taal- en denkvermogen). De neocortex kan vervolgens inwerken op het limbisch brein. Beide behandelwijzen vullen elkaar aan en versterken elkaar.

 

Er is een hoge nood aan psychologische begeleiding voor mensen met psychische problemen, maar mensen vinden helaas hun weg niet naar de psycholoog. In tegenstelling tot de lichamelijke gezondheidszorg, missen we in België een goed werkende eerstelijn om mensen met psychische klachten op te vangen Koen Lowet, sector verantwoordelijke klinische psychologie, Belgische Federatie van psychologen (Belga).. Waar voor lichamelijke problematieken de huisarts het gros van de problemen opvangt, missen we voor de geestelijke gezondheidszorg een gelijkaardige zorgverstrekker.

 

Het einddoel bij elke behandeling is de genezing.

 

Bij depressie, wordt een patiënt in remissie beschouwd wanneer hij geen symptomen van depressie meer vertoont en normaal functioneert in zijn professioneel, persoonlijk en sociaal leven. Alhoewel de afwezigheid van symptomen niet noodzakelijk wijst op een goede geestelijke gezondheid.

 

Daarbij geraakt 1 patiënt op 2, behandeld met antidepressiva al dan niet samen met psychotherapie, nooit in remissie. In realiteit wordt te weinig beroep gedaan op psychotherapie : te veel pillen, te weinig therapie!

 

De patiënten die de minste kans hebben een toestand van remissie te bereiken zijn de wat oudere personen (> 50 jaar), met somatische en/of angstige co-morbiditeiten, alleen levend en zonder werk.

 

Andere factoren die tussen komen en die in duidelijke mate het aantal remissies beïnvloeden zijn  : de manier waarop de diagnose wordt gesteld, de initiële diepte van de depressie en het aantal terugvallen.

 

Patiënten die geen remissie-toestand bereiken blijven residuele symptomen behouden, maar ook een belangrijke functionele beperking, zowel op het persoonlijk als op het sociale en professionele vlak, en vertonen een hoger risico op terugval. Ook bestaat een belangrijk risico op de evolutie van een oorspronkelijk unipolaire depressie naar een bipolaire (komt voor bij 25% van de volwassenen en bij 25 tot 50% van de kinderen behandeld met SSRI).

 

Het is belangrijk de patiënt er op te wijzen dat de behandeling niet direct effect schoort maar progressief optreedt. Vooral omdat het meestal de ongewenste effecten van de behandeling met een antidepressivum zijn die zich eerst laten gevoelen (met SSRI vooral thv van de maag-darm tractus met braakneigingen en diarree, die meestal verdwijnen na een week behandeling). Vervolgens werkt het geneesmiddel in op de angstgevoelens, en pas na enkele weken, op de gemoedstoestand. Wanneer de patiënt zich dan beter voelt, mag hij niet zomaar de behandeling onderbreken, gezien het risico op hervallen...

 

Zoals alle geneesmiddelen vertonen antidepressiva ook ongewenste nevenwerkingen. Maar het gebruik van antidepressiva (waaronder SSRI) werd in verband gebracht met ernstige effecten zoals zelfmoord, manie, psychose en overdadige vormen van geweld en moorden : zie "SSRI stories". Het innemen van antidepressiva tijdens de zwangerschap zou het risico op een autistisch kind verhogen... .

 

Waarschuwing : plots stoppen met een antidepressiva-behandeling kan gevaarlijker zijn dan de behandeling voortzetten. Een behandeling met antidepressiva moet geleidelijk worden afgebouwd onder toezicht van een gekwalificeerde arts. Voor het afbouwen van antidepressiva bestaan in sommige landen vloeibare vormen van alle antidepressiva op de markt (VK) of taperingstrips (pillen in strips met steeds lagere dosissen, in NL)...

 

OPGELET : NSAID (niet steroïde anti-inflammatoire middelen, ontstekingsremmers zoals ibuprofen, naproxen en aspirine) zouden de werking van SSRI tegengaan. Bejaarden nemen dikwijls beide types geneesmiddelen.

 

De behandeling van depressie is niet enkel een zaak van medicamenten. Meer nog, het werkingsmechanisme van SSRI is niet gekend en de theorie van een chemisch onevenwicht in de hersenen is niet meer dan een hypothese & .

 

Antidepressiva alleen volstaan vaak niet omdat zij enkel de symptomen behandelen en niet de ziekte zelf. Psychisch lijden heeft immers een luisterend oor nodig : cognitieve gedragstherapie Wiles N, Thomas L, Abel A, et al. Cognitive behavioural therapy as an adjunct to pharmacotherapy for primary care based patients with treatment resistant depression: results of the CoBalT randomised controlled trial. The Lancet. 2012;doi:10.1016/S0140-6736(12)61552-9. , interpersoonlijke psychotherapie en psychodynamische psychotherapie, zoals de psychanalyse. Zij steunt op de opvatting dat het niet de andere mensen of situaties, maar eerder onze eigen gedachten zijn die bepalen hoe we ons voelen. Zelfs al blijft een ongewenste situatie voortduren (verlies partner, verlies werk, trauma...), het blijft steeds mogelijk de benadering ervan te veranderen. Psychotherapie is echter geen positieve wetenschap zoals fysica of scheikunde. Het is niet zoals bij een fysische ziekte waarbij een diagnose wordt gesteld waarop de behandeling aansluit. Ieder heeft zijn eigen persoonlijk verhaal, vanwaar uit de psychotherapeut tracht te vertrekken of toe te komen. Om tot dat unieke verhaal te komen moet eerst een vertrouwensband groeien tussen patiënt en therapeut...

 

Het effect van antidepressiva op de emoties is slecht gekend, ook door de voorschrijvers ervan. Toch schrijven de meeste psychiaters veel medicamenten voor : hun werkzaamheid is nochtans enkel bewezen bij ernstige depressie. De arts, en vooral de psychiater, moeten hun patiënten leren vertrouwen hebben en erin geloven dat zij ook kunnen genezen zonder de hulp van de chemie. Dat veronderstelt wel dat zij zich interesseren aan gevoelens van empathie, aan de chronobiologie, aan bioritmen, aan de manipulatie van ritmen met de hulp van licht, aan antropologie (de leer van de verschillende mensenrassen), aan het placebo-effect, aan de capaciteit van ieder individu therapeutische stoffen vrij te stellen. Niet alleen medicamenten helpen. Zij moeten ook oog hebben voor het gevoel van eigenwaarde en voor het gevoel zijn leven te beheersen, wat geen enkel medicament kan bijbrengen.

 

Doch opgelet, psychotherapie kan, net zoals farmaca, schadelijke effecten vertonen bij sommige patiënten : verergering van de toestand van de patiënt, afhankelijkheid van de therapeut en tijdsverspilling als de behandeling niet werkt. Een kleine minderheid onder de therapeuten zou ook de kwetsbare patiënt emotioneel, financieel en seksueel uitbuiten, wat in enkele gevallen kan leiden tot zelfmoord van de patiënt.

 

Het gebruik van de elektroconvulsie therapie (ECT, elektrochocks) onder algemene verdoving (ECT is pijnloos maar kan hevige spiersamentrekkingen veroorzaken zodat een spierverslappend middel nodig is) kan nodig blijken, daar waar antidepressiva en psychotherapie mislukken, in het bijzonder bij een verhoogd risico op zelfmoord. Vooral in de behandeling ven ernstige "biologische" depressie (met verlies van psychomotoriek) wordt met ECT in 80% van de gevallen volledig "herstel" gezien. Terwijl het met medicatie gaat over 50% "verbetering". Hoe ernstiger de depressie, hoe beter de soms spectaculaire resultaten met ECT. Tijdelijke problemen met het korte termijngeheugen zijn frequent na ECT. Het hervalpercentage is niet anders dan na een kuur met antdepressiva.

 

Actuele situatie :            

 

Het palmares van de klassieke geneeskunde is ongeëvenaard voor de behandeling van acute ziekten zoals bacteriële infecties, maar voor chronische ziekten ziet het plaatje er heel anders uit. Bij depressie wordt aan de patiënten verteld dat de oorzaak een stofje in hun lichaam is. Dat de oorzaak biologisch is. Dan is het inderdaad niet meer hun schuld dat ze depressief zijn, maar wel indien ze depressief blijven. Het geloof in de biologische behandeling is zodanig groot dat overige therapieën vaak bijkomstig lijken. Alles wordt verklaard vanuit een verstoring van de stofwisseling in je brein. En dat terwijl de menselijke psyche heel wat complexer is. Nochtans is de serotonine-hypothese niet meer dan een hypothese en zelfs een die momenteel op zijn retour is.

 

Volgens de Welshe psychiater David Healy is er geen bewijs dat de behandeling met antidepressiva ook maar iets corrigeert. Deze mythe werd overgenomen door psychologen en kranten, maar ook door artsen en patiënten. Voor artsen biedt de mythe een gemakkelijke snelkoppeling om te communiceren met de patiënt. Voor de patiënt  is het idee om een anomalie, een ‘chemisch onevenwicht’ te corrigeren zeer nuttig, en het helpt om de scrupules van sommige mensen om een kalmeringsmiddel te nemen te overwinnen, vooral als het gepaard gaat met het aantrekkelijke idee dat depressie geen zwakte is . Volgens hem is het inwerken op serotonine niet per se irrelevant, maar slechts gebaseerd op een epidemiologische en biologische mogelijkheid...

 

Er zijn ook geen goede biomarkers : biologische parameters waarmee je de werkzaamheid van een behandeling kunt afmeten, zoals leverenzymen bij een leververvetting. Als die enzymen verbeteren dan weet je dat de ziekte geneest. Met psychofarmaca zit er als het ware een "zwarte doos" tussen de behandeling met deze geneesmiddelen en zijn effect op de ziekte...

 

50 tot 75% van alle depressieve klachten zijn gegroeid uit "stress". Het belang van de verstoringen door stress, zoals depressie en angstgevoelens, is wel bekend. Stress put de neurotransmitters uit, door een te grote prestatiedruk, steeds beter, steeds rapper... De meeste gebruikte medicatie is er ten andere opgericht die problemen te behandelen : antidepressiva, anxiolytica, slaapmiddelen, antiacida, middelen tegen maagulcera, antihypertensiva, analgetica... In termen van mortaliteit vertegenwoordigt  stress de meest ernstige risicofactor, zelfs boven tabak.

 

Allen beleefden wij meerdere traumatische ervaringen (vernedering, jobverlies, echtscheiding, ongeval, misval, verlies van een naaste...) die diep in ons geheugen sporen nalieten, in ons emotioneel brein. Het  emotioneel brein vergeet immers nooit. Littekens kunnen aanwezig blijven gedurende jaren, steeds gereed terug actief te worden zodra de waakzaamheid van het cognitief brein verslapt, bv. onder invloed van alcohol. Onze emoties blijven verankerd aan het verleden alhoewel ondertussen onze rationele benadering van de situatie evolueerde.

 

Nochtans ontwikkelden wij, meestal toch, geen "post-traumatisch syndroom". Het zenuwstelsel heeft zeker wat tijd nodig om het evenwicht te herstellen (homeostase), de tijd om de nuttige informatie ("de les") er uit te trekken en de emoties, de gedachten en de fysiologische activatie, die niet meer nuttig zijn eenmaal het gebeuren tot het verleden behoort, te verwerken. Gedurende deze rouwperiode, is het zenuwstelsel tijdelijk verstoord.

 

In bepaalde omstandigheden echter, wanneer het trauma te sterk is of wanneer wij bijzonder kwetsbaar zijn, kan dit systeem overbelast geraken. Of het nu komt door de intensiteit van het trauma of door onze eigen kwetsbaarheid, het pijnlijk gebeuren evolueert naar een traumatische ervaring. In plaats van te worden verwerkt, wordt de informatie over het trauma (beelden, geluiden, gedachten, emoties, lichamelijke gevoelens...) geblokkeerd in het zenuwstelsel, onder zijn oorspronkelijke vorm, waarna het trauma een eigen leven gaat leiden, los van alle rationele bevindingen.

 

Door de machteloosheid daar niets aan te kunnen doen en het isolement in onze maatschappij genereert angst zich uiteindelijk zelf...

 

In de behandeling van emoties echter volstaan psychotherapie en antidepressieve medicamenten niet meer ; de psychotherapie verliest terrein (door een tekort aan bewezen werkzaamheid) en de antidepressiva behandelen enkel de symptomen. Daarbij slagen deze behandelingen er niet in het hervallen te beheersen : bij veel patiënten wordt de depressie dan chronisch. In het algemeen, zijn enkel 25% van de patiënten echt geholpen met een medicamenteuze behandeling en/of met psychotherapie. Omdat depressie geen op zichzelf bestaande ziekte zoals een griepje maar te maken heeft wat de persoon heeft "meegemaakt" (verleden en heden).

 

Nochtans moet men zich hoeden voor de farmacologisering van depressie. Dat de traditionele psychotherapie niet meer voldoende helpt is waar, haar methoden moeten worden herzien. Omdat actieve placebo's bijna evengoed blijken te werken als antidepressiva (TCA, SSRI...). De positieve ingesteldheid van de zieke (van binnenuit) en van de zorgverstrekker (van buitenuit) kan immers helpen de ziekte te bestrijden.  

 

Nieuwe benaderingen :            

 

Onderzoekers hebben ontdekt dat mensen die depressiegevoelig zijn, over andere darmflora beschikken dan mensen die die gevoeligheid niet hebben. Daaruit kunnen we concluderen dat depressie niet louter een psychologische aandoening is in ons brein, en dat onze darmen veel impact hebben op wat er gebeurt in onze hersenen.

 

Daarom is het essentieel om de behandeling van zulke ziektebeelden op een holistische manier aan te pakken. Om een depressie te behandelen moeten we niet alleen cognitieve therapie gaan toepassen, maar ook lichaamsgerichte en lichaamsmanuele therapie, om ook op dat vlak ondersteuning te bieden. We moeten dus naar het volledige plaatje kijken.

 

De volgende behandelingsmethoden ondersteunen, elk op hun eigen manier, de inspanning van het organisme en van de hersenen voor het herstellen van de harmonie (homeostase, een systeem van zelfgenezing). De patiënt en zijn kracht centraal stellen, met de nadruk op het herstel en minder op de ziekte!

 

 

Daarbij treden de verschillende benaderingen op in synergie via :

 

 

Een cerebro-cardiale as :

 

 

Van de hersenen naar het hart :

 

    • Het autonoom zenuwstelsel speelt, onder de verschillende mechanismen die het hart met de hersenen verbinden, een zeer belangrijke rol. Dit zenuwstelsel bestaat uit drie takken die elk een groep organen bezenuwen vanuit het emotioneel brein :

 

      • de "sympathische" tak stelt adrenaline en noradrenaline vrij : deze neurotransmitters versnellen het hartritme, activeren het emotioneel brein en controleren de reacties van vluchten/vechten (actie). Al de symptomen van bv angstgevoelens vinden hun oorsprong in de overmatige activatie van de sympatische tak : droge mond, versnelling van het hartritme, zweten, beven, verhoging van de bloeddruk...

 

      • de andere tak, de "parasympathische" stelt acetylcholine vrij : deze neurotransmitter leidt toestanden van kalmte in (relaxatie).

 

---> deze twee takken worden constant in een subtiel evenwicht gehouden. De zenuwimpulsen door de 2 takken zijn constant bezig het hartritme te versnellen of af te remmen (actie/relaxatie). Hierdoor is de interval tussen 2 hartslagen nooit identiek...  

 

      • (de derde tak, het enterisch zenuwstelsel (EZS), controleert het verteringssysteem (de peristaltiek en de secreties). Alhoewel deze derde tak in relatie staat met de andere takken van het AZS, treedt het EZS (of buikbrein) nogal onafhankelijk op.)

 

 

Van het hart naar de hersenen :

 

    • Het hart beschikt over zijn eigen netwerk neuronen en stelt ook adrenaline vrij, indien maximale hartcapaciteit is vereist. Het scheidt ook andere hormonen af, zoals het ANF (de Atrial Natriuretic Factor, die de bloeddruk regelt) en het ocytocine (hormoon dat o.a. tussen komt bij de gehechtheid van de moeder en haar kind na de geboorte). Al deze hormonen ageren rechtstreeks op het emotioneel brein.

 

    • Wanneer het hart ontregeld geraakt, sleurt het onvermijdelijk ook het emotioneel brein met zich mee, en omgekeerd.

 

 

In toestanden van stress, angst, depressie, woede, verdriet... wordt de variatie tussen 2 hartslagen onregelmatig. In toestanden van goed gevoel, van medeleven... wordt de afwisseling tussen versnellingen en vertragingen van het hartritme regelmatig.

 

    • Meestal zijn de variaties zwak en chaotisch. Nochtans, wanneer de variatie van de hartslagen fors en gezond is, tonen de opeenvolgende fasen van versnelling en vertraging een snelle en regelmatige wisseling. Een daling van de bestendigheid (variabiliteit) wordt geassocieerd met een geheel van problemen die gelinkt zijn aan stress en veroudering : hypertensie, hartfalen, myocard infarct, plotse dood...

 

    • Verschillende studies toonden aan dat het juist de negatieve emoties zijn zoals woede, angst, verdriet, die de cardiale variabiliteit het meest doen verminderen en aldus chaos veroorzaken ; de opstapeling van chaotische passages verstoren uiteindelijk het emotioneel evenwicht ; anderzijds versterken positieve emoties de coherentie.  

 

Daarbij oefent de toestand van hartcoherentie ook invloed uit op de andere fysiologische ritmen. De natuurlijke variabiliteit van de bloeddruk en van de ademhaling conformeren zich en gaan zich snel synchroniseren. De totale coherentie van deze 3 systemen betekent voor het organisme een echte besparing op energetisch vlak : wij voelen dat aan als een toestand waarbij onze ideeën vanzelf en zonder inspanning ontstaan, omdat onze fysiologie zich in een optimale evenwichtstoestand bevindt. Zelfs het immuunsysteem profiteert mee van deze hartcoherentie en wordt aldus versterkt.

 

Het versterken van de hartcoherentie :

 

Het eenvoudig oproepen van een positieve emotie (herinnering, glimlach, tederheid...) induceert zeer snel een verschuiving van de hartvariabiliteit in de richting van coherentie.  

 

      • deze verbeterde coherentie van het hartritme laat zich rap gevoelen in het emotioneel brein, waar het de stabiliteit verhoogt.

      • het emotioneel brein beantwoordt deze positieve beïnvloeding door het verder versterken van de hartcoherentie.

 

Met een beetje oefening (HCT of Heart Coherence Training) is het mogelijk deze staat van coherentie even te bestendigen, zodat ook het autonoom zenuwstelsel tot rust komt (sympathische =  parasympathische invloed) met simultane toegang tot intuïtie (emotioneel brein) en tot reflectie en planning (cognitief brein). Hartcoherentie is een techniek afgeleid van yoga-technieken.

 

Sommige patiënten hebben hiervoor iemand naast hun nodig die een gevoel van stabiliteit en veiligheid geeft. Iemand met een positieve ingesteldheid die als voorbeeld kan dienen. Iemand op wie ze kunnen rekenen. Alhoewel zo'n situatie hard kan zijn en een sterke morele ingesteldheid vereist van de helpende persoon. Vermijden dat de depressie overgaat op de andere persoon. Het is een strijd van elke dag, die veel energie opeist...

 

Alhoewel coherentie innerlijke rust inleidt, is het geen relaxatie-methode : integendeel, het is eerder een actie-methode, die in elke levenssituatie bruikbaar is. Zich goed in zijn vel voelen is vooral een kwestie van goede stressbestendigheid, van goed emotiebeheer...

 

Hartcoherentie aanleren kan in 7 tot 10 dagen. Je kan starten met de hulp van een therapeut of beroep doen op een ademhalingondersteunend computerprogramma (Stress Pilot). Wil je effect bereiken dan zijn 3 behandelingsmomenten per dag nodig van telkens 5 minuten hartcoherentie : 1 x 's morgens, 1 x 's middags en 1 x 's avonds. Na een week met regelmatig oefenen worden de eerste resultaten voelbaar.

 

Bij hartcoherentie treden een aantal wetenschappelijk bewezen biochemische processen op : zo zakt het gehalte cortisol (stresshormoon), terwijl het gehalte van sommige neurotransmitters (dopamine, sérotonine, ocytocine) eerder stijgt. Ook de ratio tussen de hormonen leptine (pro-inflammatoir)/adinopectine (anti-inflammatoir) wordt positief beïnvloed door hartcoherentie en yoga . Een gevoel van rust, loslaten en welbevinden treedt vrijwel onmiddellijk op en kan meerdere uren aanhouden.

 

Resultaten met verbeterde coherentie tonen zich vooral op het vlak van de controle van angst en depressie, van de arteriële bloeddruk en van de stimulatie van het immuunsysteem.

 

 

Een cerebro-omgevings-as :

 

 

Zonlicht :

 

      • Het zonlicht beïnvloedt rechtstreeks meerdere essentiële functies van het emotioneel brein. Via de hypothalamus controleert het licht het merendeel van de vitale instincten zoals eetlust, libido, cycli (slaap, menstruele...), temperatuurregeling, vetmetabolisatie, secretie van bepaalde hormonen en van bv. maagsappen maar ook van de stemming en van de energetische tonus. Verder worden al deze ritmen op elkaar afgestemd.

 

Het zonlicht bespeelt dus al onze bioritmen, waaronder ook deze van het emotionele brein. Door zijn sterke lichtgevoeligheid is de hypothalamus biologisch geschikt voor het sturen van het organisme en het brein op het ritme van de dagen en de seizoenen, volgens het verlengen of het verkorten van de dagduur (synchronisatie). Bij een goede blootstelling aan licht is haar controle op de secretie van bepaalde hormonen en neurotransmitters heel precies.

 

Daarenboven blijkt uit studies dat mensen die meer tijd in de natuur (en in haar licht) doorbrengen, meer zelfvertrouwen hebben en zich verbonden voelen met de groene omgeving, wat opnieuw wordt geassocieerd met een positief denkbeeld . Een tekort aan natuurervaringen kan leiden tot NDD (Nature Deficit Disorder)... . Naar buiten moet je, elke dag, en wat "vitamine N" opdoen...

 

      • Elke verstoring van dit biologisch ritme-systeem kan symptomen van depressie veroorzaken. Een verstoring van de slaapcyclus bv., dikwijls nog verergerd door het bruuske ontwaken door het aflopen van de wekker, kan hierdoor symptomen van vermoeidheid, van concentratieverlies en van stemmingsverandering uitlokken. Deze symptomen zijn meestal fysisch van aard, daar zij meer het gevolg zijn van een verandering in de bioritmen dan van een emotionele pijn.

 

      • Zich progressief laten ontwaken door een artificiële simulatie van het ochtendgloren, zelfs met gesloten ogen maar waarneembaar door het brein, kan mirakels doen. Via dit signaal van een nieuwe dageraad krijgt de hypothalamus het bericht het ontwaken te organiseren. Hierdoor :

 

        • gebeurt het ontwaken op een natuurlijke en progressieve wijze, waarbij een droom de tijd krijgt uit zichzelf te eindigen

        • wordt de secretie van cortisol geactiveerd

        • verhoogt de lichaamstemperatuur

        • glijdt de diepe slaap over een lichtere naar het volledig ontwaken

 

      • Alleen bij het blootstellen van onze huid aan de zon wordt vitamine D sulfaat gevormd. Te lage vitamine D spiegels in het bloed zijn in verband gebracht met de ontwikkeling van depressie . Vitamine D-tekort wordt gekenmerkt door een chronische inflammatietoestand met verhoogde waarden van TNF-alfa, een ontstekingsmarker. Chronische blootstelling aan inflammatie-toestanden zijn niet alleen de oorzaak van latere hart- en vaatziekten en diabetes (autoimmuunziekte), maar ook van depressie.

 

De weldadige invloed van deze luminotherapie (zie Praktisch) beperkt zich niet enkel tot een verbetering van depressie, elk van ons kan er goed bij varen!

 

 

Hyperthermie :

 

      • Elke hersenstreek wordt gebruikt voor meerdere taken, wat de "regel" is in het centraal zenuwstelsel. Sommige zones spelen zowel mee bij het regelen van de lichaamstemperatuur als bij het regelen van de gemoedsstemming, getuige waarvan de lichte veranderingen bij patiënten met een depressie.

       

      • In een studie werd met behulp van een toestel dat de lichaamstemperatuur verhoogt (via IR-straling) de lichaamstemperatuur bij patiënten in een majeure depressie-episode (16 op schaal van Hamilton) tot ongeveer 38.5°C gebracht.

       

      • Zestien patiënten kregen de echte behandeling en 14 patiënten een nepbehandeling. Na een follow-up van 6 weken kon een snel en duurzaam effect op de depressieve symptomen worden vastgesteld te oordelen naar de evolutie van de HDRS-score: één week na de sessie was de score gemiddeld 6,53 punten lager in de behandelde groep dan in de controlegroep (95% BI 3,16-9,90) en na 6 weken was de score 4,27 punten lager (95% BI 0,61-7,94). De bijwerkingen waren identiek in de twee groepen.

 

 

EMDR :

 

      • In klare taal staat EMDR voor : "Eye Movement Desensibilization and Reprocessing" (oogbewegingstherapie), wat werd vertaald in  "desensibilisatie en herprogrammering met behulp van oogbewegingen". Het betreft hier een nieuwe psychotherapeutische behandelingsmethode van vroegere trauma's met oogbewegingen (trauma-therapie). Haar toepassing is dan ook enkel beperkt tot gekwalificeerde en gecertificeerde psychiaters, psychologen, psychoanalytici of psychotherapeuten.

 

Het principe :

        • alle traumatische ervaringen laten in het emotioneel geheugen onuitwisbare sporen na, die zich op gelijk welk moment in het leven kunnen reactiveren. Traumatische ervaringen laten te heldere herinneringen na, veel te helder dan goed voor hen is. Als de pijn van een ervaring iemands normale functioneren in de weg komt te staan, als iemand geplaagd blijft door beelden die een rol spelen in het onderhouden van een stoornis, dan is EMDR zinvol.

        • EMDR maakt gebruik van "imagination deflation" : het werkgeheugen (het geheugen waarin je een herinnering kunt ophalen) is beperkt. Er past eigenlijk niet veel in. Ruimtegebrek in dat werkgeheugen ontstaat als je tijdens het ophalen van een herinnering het werkgeheugen voldoende belast met nog een taak, zoals bv. het van links naar rechts volgen van iemands vinger met de ogen. Het mag ook iets anders zijn, zolang je maar tijdens de uitvoering hiervan iets anders niét kunt doen. Bv. hoofdrekenen, een tekst herhalen... Mensen met talent voor multitasken hebben vaak meer tijd en intensiviteit nodig voor het gewenste effect intreedt...

        • vertrekkend van het traumatisch beeld, wordt een protocol ingesteld met als doel de patiënt zo dicht mogelijk bij haar traumatisch ervaring te leiden, eenmaal dit stadium bereikt kan gestart worden met de oogbewegingen. De 2 taken gaan dan een gevecht aan dat het beeld neutraler maakt, minder levendig. Met het herhalen van dit protocol (ophalen van het nare beeld + oogbewegingen) wordt het beeld steeds vager, niet alleen bij het bovenhalen tijdens de behandeling, maar ook later .

        • toepassingsgebieden van EMDR : laag-zelfbeeldproblemen, enkelvoudige en ingewikkelde trauma's, fobieën, depressies, rouw, paniek- en angststoornissen (ook voor de toekomst : prospective memory voor bv. een bevalling, voor controleverlies, iets niet aan te kunnen...), post traumatisch angstsyndroom... alsook in het kader van een sexotherapie in geval van vaginisme, erectiele dysfunctie, voortijdige zaadlozing...

 

De oogbewegingen, die verband zouden kunnen houden met de paradoxale slaap (REM), helpen de knopen in het emotioneel brein te ontwarren en bij het verwerken van de traumatische ervaring. EMDR zou hetzelfde type reorganisatie van het geheugen uitlokken als gebeurt tijdens de droomfasen van de paradoxale slaap (zie ook : "Slaapstoornissen").

 

Initieel bestond de techniek uit het lateraal stimuleren van de ogen met behulp van een staafje of een simpele vulpen dat de therapeut van rechts naar links en omgekeerd deed bewegen, een beweging die de patiënt alléén met de ogen dient te volgen. Ondertussen evolueerde de techniek waarbij werd vastgesteld dat andere bilaterale stimulatievormen tot dezelfde resultaten kunnen leiden : bv door taping (waarbij bv. de therapeut alternerende de knieën aantikt) of met geluid (waarbij een geluidsignaal via een hoofdtelefoon alternerend naar het ene of het andere oor wordt gestuurd).

 

In alle gevallen weten we dat de neurologische stimulatie de productie van de neurotransmitter acetylcholine stimuleert, wat leidt tot minder angst en inwendige spanning.

 

Algemeen mag men stellen dat EMDR bijdraagt in de behandeling en het verwerken van een traumatische ervaring. Elke sessie duurt 60 tot 90 minuten (de duur hangt af van de intensiteit van het initiële trauma).

 

Opgelet : opdat EMDR slaagt zonder het trauma te reactiveren, mogen enkel gespecialiseerde zorgverstrekkers deze toepassen.

 

Zie ook :

 

 

Mindfulness Based Cognitive Therapy (MBCT) :

 

Bij patiënten die reeds minstens 3 depressieve episodes doormaakten, gaf een Mindfulness-behandeling een minstens even goed resultaat als een medicamenteuze antidepressieve behandeling in de preventie van thymische stoornissen . Het risico op herval binnen de 2 jaar is echter even hoog : bijna 50%...

 

      • Mindfulness, een belangrijk onderdeel van het boeddhistische pad naar verlichting, diende als uitgangspunt voor de ontwikkeling van een klinisch toepasbare vorm MBCT. Deze werd ontwikkeld voor de specifieke toepassing bij depressies, vooral om de kwetsbaarheid voor een nieuwe depressie te verminderen.

 

Hoe meer depressieve episodes iemand meegemaakt heeft, hoe groter de kans op terugval. Uiteindelijk kan een lichte stressor, een kleine tegenslag, al volstaan om negatieve ideeën over zichzelf uit te lokken. Men gaat dan eindeloos en ongecontroleerd focusseren, men geraakt niet meer los van zijn negatieve gedachten.

 

Om de gevoeligheid voor depressieterugval te verbeteren wordt MBCT gebruikt : met deze therapie de relatie die mensen met cognitieve functies hebben veranderen, in plaats van de cognitieve functies zelf proberen te veranderen.

 

Een variante ervan (Mindfulness Based Stress Reduction (MBSR)) wordt gebruikt bij het leren beheersen van stress, pijn of ziekte. Mindfulness doet daarnaast de IL-6-spiegel dalen (een pro-inflammatoir cytokine) . Zo beïnvloedt Mindfulness de werking van de hersenen en oefent invloed uit op het vermogen van de hersenen om neuronale netwerken te creëren of te reorganiseren, waardoor de hersenen stress en de gevolgen ervan zoals inflammatoire problemen beter kunnen verwerken .

 

      • Mindfulness leert rustige aandacht te hebben en bewuster te worden van alles wat er NU gebeurt binnen en buiten ons. "Being in the moment", ontwaken uit zijn automatische piloot, iets met alle zintuigen verkennen : in zijn omgeving, in zijn lichaam (fysieke gewaarwordingen en functies zoals ademhaling of opkomende adrenaline), en in zijn eigen zijn (gedachten en emoties). Het gaat in de eerste plaats over het bewuster worden van gedachten, reacties, emoties, gewaarwordingen, afleidingen...

 

Zie ook : www.openfocus.com en "Het Open-Focus Brein, de kracht van aandacht om lichaam en geest te helen" (The Open Focus Brain, harnessing the power of attention to heal mind and body - Jim Robbins en Les Fehmi, PhD, 2007).

 

      • MBCT is een training die mensen leert hun aandacht op een heel specifieke manier te gebruiken. MBCT begint met oefeningen voor "gerichte" aandacht : aandachtsoefeningen waarbij men zichzelf losmaakt van dingen die afleiden en steeds terugkeert naar hetzelfde punt, bv. zijn ademhaling. De instructie is: volg je ademhaling, en als je afdwaalt, keer er dan naar terug. Dat kan, jij zit aan het stuur.

 

Zo oefenen kwetsbare mensen het manipuleren van hun aandacht. Vervolgens wordt er geleidelijk gewerkt naar "open aandacht", waarbij men niet meer focust op één bepaald iets, maar vooral leert om bewust stimuli en ervaringen, of die nu positief of negatief zijn, waar te nemen zonder daar onmiddellijk op te reageren : geconcentreerd waarnemen en loslaten. Zo geraken kwetsbare mensen uit de vicieuze cirkel. De vraag is: hoe ga je hiermee om? Gewoon al die vraag stellen, zorgt ervoor dat je aan het stuur zit... Maar soms doet mindfulness pijn of is het lastig.

 

Noot :

Meditatie in het algemeen oefent een positieve invloed uit op de hersenen : meditatie bevordert het ontstaan van positieve emoties en stimuleert het immuunsysteem. Mediteren helpt gedachten autoreguleren, hen niet laten spoken in alle richtingen, wat onvermijdelijk tot stress leidt. Zijn gedachten beheersen is zich niet meer vastpinnen op het idee dat de gedachten bederft, maar integendeel, het loslaten. Mediteren verhindert zo te denken aan zijn angsten. Meditatie kan een therapeutisch hulpmiddel zijn dat beroep doet op het potentieel van het individu. Het vraagt immers een inspanning van de patiënt. Maar vooral, het gaat in tegen het zoeken naar een oplossing "buiten" zichzelf. Meditatie en Mindfulness hebben niets met ontspanning te maken, maar gaan over aandacht hebben voor wat er werkelijk aan de hand is. Mindfulness is de bereidheid om naar de werkelijkheid te kijken. De ogen niet te sluiten voor wat er aan de hand is, ook niet voor pijn, voor rouw, voor beschadigingen...' (Edel Maex).

 

 

      • Mindfulness wordt nu ook preventief gebruikt bij jongeren (de leeftijd waarop mensen voor het eerst een depressie krijgen ligt vandaag tussen het 14de en 20ste levensjaar). Immers, hoe meer mogelijkheden het leven biedt, hoe moeilijker het is om keuzes te maken (keuzestress). Mindfulness kan jonge mensen helpen tot het vergroten van hun weerbaarheid en veerkracht, en het verminderen van de kans op (herval in) depressie Prof Dr. Filip Raes, Katholieke Universiteit Leuven, Centrum voor Leerpsychologie en Experimentele Psychopathologie, in "Stress de baas".:

        • Door de toenemende individualisering dient men steeds meer te steunen op eigen ideeën, op eigen waarden, eigen verwachtingen en doelen, dient men steeds opnieuw eigen keuzes te maken. Dit vereist een bepaald inzicht en beheer van zijn emoties, en vormt de "emotionele intelligentie", onmisbaar voor de persoonlijke ontwikkeling.

        • Steeds keuzes moeten maken is een emotionele belasting en kan leiden tot angst. De kunst zijn emoties te beheersen kan op elke leeftijd worden betracht : het is nooit te laat om dit vermogen (verder) te ontwikkelen, in relatie tot zijn medemens.

        • Het hoge aantal zelfdodingen bij jongeren in België (en vooral in Vlaanderen) wijst op een uiterst hoog psychisch leed en op nood aan emotionele begeleiding. Op school kan Mindfulness naast LO zorgen voor een hoger mentaal en lichamelijk welzijn Prof Dr. Filip Raes, Katholieke Universiteit Leuven, Centrum voor Leerpsychologie en Experimentele Psychopathologie, in "Stress de baas".. Lichaam en geest zijn immers één : je bent steeds gezond of ziek van lichaam én van geest (zie hoger : "Emotiebeheer"). Wat niet willen zeggen dat zij nooit in conflikt met elkaar kunnen liggen...

        • Mindfulness-studies met Filip Raes (KUL) bij jongeren met depressie hadden een positiever resultaat dan verwacht . Niet alleen de jongeren met depressieve klachten gingen gemiddeld beter, maar de anderen gingen ook minder vergelijkbare ongemakken ontwikkelen. Mindfulness-oefeningen starten daarom zo vroeg mogelijk op de lagere school (KiddyMinds) .

 

De bedoeling van Mindfulness is niet je gedachten en gevoelens te negeren, maar verhinderen dat je er verder over gaat piekeren. Je leert de negatieve gedachte opmerken, ze laten voor wat ze is, en verder gaan met wat je bezig was. Je moet leren beseffen : het zijn maar gedachten. Zo kan je er afstand van nemen, en je gedachten observeren in plaats van erin mee te gaan. De negatieve gedachten zullen dan meestal sneller voorbij gaan...

 

Zie ook : "Ga voor geluk, preventie van depressie en suïcide".

 

Al wat je wilt weten over Mindfulness : Mindfulnet.org (Mark Williams, Oxford University, UK)

 

 

Transcraniële magnetische stimulatie (TMS) :

 

      • TMS zou een veelbelovende niet-invasieve behandelingsmanier betekenen wanneer antidepressiva alleen helemaal niet voldoen. Men denkt dat opgewekte inductiestroom de neuronen zou kunnen depolariseren, een soort van "reset" waardoor de vroegere depressiestaat wordt uitgeveegd Allan C et coll. : Transcranial stimulation in depression. Br J Psychiatry, 2012 ; 200 : 10-11. Psychiater Chris Baeken (UZ Gent) slaagde met onverhoopt resultaat bij 40% van de chronisch depressieve patiënten door hen te behandelen met een intensieve (5x per dag gedurende 4 dagen) magneettherapie . Het probleem van de behandeling is dat er enorme verschillen bestaan in de effecten van de behandeling. Sommige patiënten hebben er absoluut baat bij, terwijl het voor anderen totaal niet helpt. Zie ook "magnetisme.nu".

 

 

Elektrische stimulatie van de nervus vagus (hersenzenuw die langs de hals loopt) :

 

      • Het doel is diepere systemen in het brein weer goed te krijgen. Er bestaat letterlijk een hersen-darm-as in ons lichaam. De nervus vagus, een hoofdzenuw die vanuit de hersenstam vertrekt, verbindt de hersenen met alle organen in ons lichaam, dus ook met ons darmstelsel. Iedereen heeft het al eens meegemaakt: stress voelen opkomen en naar het toilet moeten spurten. Maar doorgaans werkt het omgekeerd. 90 procent van wat er in onze darmen gebeurt heeft invloed op onze hersenwerking. In onze darmen zijn er namelijk goede en slechte bacteriën. Die bacteriën geven stofjes af, waaronder die fameuze neurotransmitters. Die feel good-stofjes, dopamine en serotonine, worden gelinkt aan depressie.

      • Mensen die depressiegevoelig zijn, beschikken over andere darmflora dan mensen die die gevoeligheid niet hebben. Daaruit kunnen we concluderen dat depressie niet louter een psychologische aandoening is in ons brein, en dat onze darmen veel impact hebben op wat er gebeurt in onze hersenen.

 

 

Een cerebro-immunitaire as :

 

Wij weten dat het mogelijk is het eigen hartritme te vertragen door de activiteit van de nervus vagus (de parasympatische uit de hersenen afdalende bezenuwing behorende tot het autonoom zenuwstelsel) te moduleren. Verder bestaat er een echt verband tussen de hersenen en het immuunsysteem. Immers, via dezelfde nervus vagus kunnen de hersenen een ontstekingsreactie stillen. Wanneer een inflammatiereactie zich dreigt uit te breiden komen de hersenen normaal tussen door het vrijstellen van neurotransmitters die op hun beurt de vrijstelling van inflammatoire moleculen (prostaglandines) gaan beletten.

 

Waarschijnlijk is depressie ook een ontstekingsziekte. Studies wijzen op het bestaan van een chronische immuunreactie bij meer dan de helft van de depressie-gevallen. Daarbij is het mogelijk dat de ontsteking de oorzaak vormt van het ontstaan van bv. depressie-symptomen, die meestal de diagnose van een ziekte voorafgaan. De perifere cytokines ontstaan uit de ontstekingsreactie, lokken verschillende biochemische signalen uit, waardoor een directe relatie tot stand komt met de hersenen. Een niet-gecontroleerde ontsteking kan dus interageren met het centraal zenuwstelsel en kan betrokken zijn bij de ontwikkeling van depressie en chronische vermoeidheid. Bij alle fysische ziekten met een ontstekingscomponent (infecties, CVA, infarct, auto-immuunziekten...) duiken ten andere dergelijke depressie-symptomen op.

 

Het sleutel-symptoom van zo'n inflammatie is vermoeidheid. Een depressie is dan eerder een lichamelijke reactie, een ziekte van het organisme.

 

Indien de activiteit van de nervus vagus gemoduleerd kon worden, dan zou het mogelijk zijn de hersenen te bevelen een ontsteking, zelfs een chronische, te onderdrukken en dus ook de ziekten die er uit voortvloeien. Het verminderen van de stress zou een van de maatregelen kunnen zijn, naast de verhoogde aanvoer van omega3 essentiële vetzuren (met antioxidantia) die de verschillende synthese-wegen van inflammatoire prostaglandines kunnen beïnvloeden. Een tekort aan omega3 vetzuren kan aan de basis liggen van het ontstaan van unipolaire en bipolaire depressieve storingen. Zij komen tussen in de vloeibaarheid van de celmembranen en verbeteren hierdoor de verspreiding van de "welzijn" hormonen (serotonine...).  

 

Een ketogeen dieet, rijk aan gezonde vetten en arm aan suikers, werkt ontstekingswerend (daling van CRP-waarden, van IL-6 cytokinespiegels...). Met vooral dierlijke omega3-vetzuren (vette vis, krill) en wat plantaardige zoals noten (ALA is hier moeilijker omzetbaar naar DHA, dat belangrijk is voor de hersenen).

 

Verder kunnen positieve gedachten en optimisme ook een rol spelen op onszelf en op onze gezondheid : dit komt overeen met de holistische benadering, waarbij geest en lichaam als een geheel worden beschouwd. "There is nothing good or bad, but thinking make it so" (uit Hamlet van W. Shakespeare).

 

 

Een cerebro-intestinale as :

 

Het erkennen van het bestaan van een cerebro-intestinale as is van enorm belang in de benadering van chronische inflammatoire darmaandoeningen en van het Prikkelbare Darm Syndroom (PDS). Bij 60 tot 85% van die patiënten wordt immers een onderliggende psychiatrische aandoening (angst, depressie...) gezien.

 

Zie ook : "De voedselabsorptie, Het buikbrein".

 

Darmbacteriën en hun metabolieten zouden sommige emotionele gedragingen beïnvloeden. De impact van probiotica en/of bacteriën (zoals Akkermansia muciniphila?) wordt daarom bij sommige psychiatrische aandoeningen onderzocht.

 

Zie ook : "Microbioot".

 

Praktisch :            

 

Preventie van depressie en depressieve gevoelens

 

Bewegen, bewegen, bewegen :

 

De personen die regelmatig bewegen (vooral duursporten) :

 

    • vertonen een grotere variabiliteit van het hartritme met meer coherentie tegenover zij die niet bewegen

    • verbeteren hun immuunsysteem door activatie van de NK cellen (natural killer), waardoor ook de stressbestendigheid verhoogt

    • verhogen de secretie van endorfinen die bijdragen tot het gevoel van welzijn en van voldoening

    • genieten van een betere doorbloeding in de hersenen en van een plaatselijke productieverhoging van serotonine

 

Bewegingscoaches van het project "Bewegen op voorschrift" (Wachtpost huisartsen Leuven) schrijven "wandelen in de natuur" voor aan hun patiënten, als therapeutisch complement in de behandeling van meerdere aandoeningen. Uit grootschalige studies blijkt dat "bosbaden" aanzienlijke gezondheidsvoordelen met zich meebrengt : naast een lagere kans op type 2-diabetes, hart- en vaatziekten leidt een leven in of dichtbij de natuur tot meer slaap en minder kans op hoge bloeddruk en stress .

 

De stimulerende invloed van bosbaden (sylvotherapie) wijst in de richting van Phytoncides, organische stoffen met antibacteriële eigenschappen die door bomen worden afgegeven. Mensen die dichtbij groen wonen hebben meer kans op fysieke activiteit en sociale omgang. De blootstelling aan diverse bacteriën in een natuurlijke omgeving kan ook voordelen hebben voor het immuunsysteem en de kans op ontstekingen verminderen .

 

Fysische beweging kan het psychisch profiel (de eigenwaarde) verbeteren bij matige gevallen van depressie, en het "alleen op de wereld gevoel" dat weegt op een depressie, verzachten. Bewegen helpt ook de schildklieractiviteit verhogen.

 

Opgelet : personen met een zware depressie hebben na een inspanning meer recuperatietijd nodig dan gezonde personen. Zo neemt het terug bereiken van een normaal hartritme na een inspanning bij hen meer tijd, waarschijnlijk door een reactiestoring op stresssituaties .

 

Zie ook : "Bewegen, bewegen, bewegen" en "Start to run" voor de absolute beginners.

 

 

Positief denken is gezond :

 

Fysiek spanningen en emoties afwerpen is dus essentieel voor de emotionele gezondheid. Optimisten zijn minder gevoelig aan spanningen dan mensen die meer bezorgd door het leven gaan. Optimisten hebben ook minder last van fysieke kwaaltjes en slapen beter. Always look on the bright side of life...

 

Er zijn zoveel positieve instellingen die helpen : een doel hebben in het leven en er voor gaan, vertrouwen in de toekomst, gevoelig zijn voor kleine dingen in het leven, lachen en een goed humeur, zich niet laten inpalmen door negatieve gevoelens, zijn hart volgen...

 

Zie ook : "Gezond van geest én lichaam" : de piramide van Maslow.

 

 

Anders eten :

 

Onderzoek suggereert dat veranderingen in de voeding de voorbije 50 jaren een belangrijke factor kunnen zijn in de toename van geestesziekten . We eten minder voedzame, verse producten en meer verzadigde vetten en suikers. Gedeeltelijk door de manier waarop voedsel wordt geproduceerd, krijgen we minder vitaminen en mineralen binnen. Nieuwe substanties als pesticiden, additieven en transvetten deden hun intrede. Alleen of samen kunnen ze de goede werking van de hersenen belemmeren. Britse vorsers vonden dat een voeding rijk aan bewerkte voedingsmiddelen (frituur, wit brood, gesuikerde nagerechten, bewerkte vleessoorten...) het risico op depressie verhoogden met 58% Akbaraly TN, Brunner EJ et al. Dietary pattern and depressive symptoms in middle age, Br J Psychiatry. 2009 Nov;195(5):408-13 .

 

Het effect van medicatie zal juist versterkt worden door een aangepaste voeding : de juiste voeding kan de aanmaak van neurotransmitters verhogen, terwijl antidepressiva de afbraak van neurotransmitters in de zenuwcellen kunnen afremmen.

 

Hoe tussenkomen ?

 

    • Door het bijstellen van het serotonine-tekort :

 

      • als ontbijt en middagmaal : kiezen voor een proteïnerijk (tyrosine-rijk) : volkoren of meergranen brood, belegen met hesp of kaas, of eieren ; fruit als appelen, peren, appelsienen, rode vruchten, pompelmoes, perzik...

 

      • 's avonds bij voorkeur complexe suikers (omdat we zo de synthese van serotonine en de productie van melatonine bevorderen). Voedingstoffen rijk aan tryptofaan versterken de synthese van serotonine (zie ook : "Onze type levensstijl").

        • supplementen of voedingsmiddelen rijk aan tryptofaan (precursor van serotonine)... : noten, bananen, ananas, pompelmoes, kiwi, pruimen, chocolade, tomaat, melkwei van koeien (alfa-lactalbumine)...

        • opgelet : tryptofaanrijke supplementen of voedingsmiddelen best niet te gebruiken samen met een proteïne-rijke maaltijd.

        • vit PP (nicotinamide) : suppletie met vit PP verhindert dat de lever tryptofaan gebruikt voor de aanmaak van vit PP.

 

      • andere betrokken aminozuren :

        • glutamine : wordt gedeeltelijk omgezet in glutaminezuur, een precursor van GABA.

        • taurine :

          • hersenneuromediator met een remmende activiteit, zoals GABA

          • stabiliseert de celmembraan en verlaagt de hyperprikkelbaarheid wat haar antistress- en anticonvulsie-effecten verklaard

          • angstwerende en relaxerende activiteit, door het remmen van de vrijstelling van noradrenaline

       

      • cofactoren betrokken in de conversie van tryptofaan naar serotonine : Fe, Zn, vit B2, B3, B6, B9, B12. Vooral de vitaminen B zouden het beste scoren in de strijd tegen stress en angstgevoelens Sara-Jayne Long, David Benton. Effects of Vitamin and Mineral Supplementation on Stress, Mild Psychiatric Symptoms, and Mood in Nonclinical Samples: A Meta-Analysis. Psychosom Med PSY.0b013e31827d5fbd; published ahead of print January 29, 2013.

 

      • koolhydraten als tussendoortje (vers fruit, gedroogd fruit, zwarte chocolade, noten, boterham met confituur of honing...) : verbeteren de centrale secretie van serotonine... : de consumptie van een suikerbevattend voedingsmiddel, zoals fruit, zal de "insuline-afhankelijke" beschikbaarheid van tryptofaan voor het CZS bevorderen (anderzijds, zullen proteïnen de serotonine-spiegels in het organisme negatief beïnvloeden...).

 

      • St-Jans kruid : is een natuurlijke remmer van de monoamine oxydasen (MAO), evenwaardig aan de synthetische MAO-remmers (zie verder).

 

Meer weten? Meer lezen : "Eet puur geluk : kook je gelukshormonen weer op peil" (Dymphina Jooren).

 

 

    • Door het bijstellen van een dopamine-tekort :

 

      • inname van voedingsmiddelen rijk aan proteïnen (zoals vlees, vis, eieren, kazen...)  (bron van neutrale AZ).

 

      • mijden van suikerrijke voedingsmiddelen om het perifeer gebruik van tyrosine te mijden : wit brood, stokbrood, sandwiches, croissants en andere koeken... ; zoet beleg, fruitsoorten zoals bananen, opgelegd fruit, watermeloen, meloen, abrikoos, ananas, (niet vers geperst) fruitsap...

 

      • cofactoren bij de synthese van catecholamines : optimisatie met vit B2, B3, B6, B9, B12, vit C, Fe, Zn, Mg, Cu.

 

Meer weten? Meer lezen : "Eet puur geluk : kook je gelukshormonen weer op peil" (Dymphina Jooren).

 

 

    • Door het bijstellen van een acetylcholine-tekort :

 

      • acetylcholine wordt gevormd uit fosfatidylcholine (of uit fosfatidylserine) en L-acetylcarnitine. Acetyl-L-carnitine wordt gemakkelijker opgenomen door de hersenen dan carnitine: 1000mg L-carnitine = 500mg acetyl-L-carnitine : daarom meer geïndiceerd om het cognitief vermogen te stimuleren en bij depressieve symptomen . Een tekort aan acetylcarnitine werd gezien bij patiënten met depressieve stoornis .

 

 

    • Door een gerichte antioxidatieve behandeling :

 

      • met zink , taurine, vit C, vit E,  ... : zouden een rol kunnen spelen bij het beperken van oxidatieve schade in de hersenen.  Zie ook "Stress-profiel".

 

 

Zie ook : Florian Ferreri en Franck Grison, Le régime anti-déprime, Odile Jacob, 2014.

 

Tot slot dringt het ook in de psychiatrie door dat er een duidelijke invloed uitgaat van de voeding op de samenstelling van het darmmicrobioot. Onderzoekers vonden evidentie over de inwerking van de darmflora op de hersenfunctie, met name op het ontstaan van stoornissen zoals stress en bipolariteit. Een van de beste manieren om een voldoende diverse bacteriële samenstelling van de darmflora te behouden is een gevariëerde voeding, op basis van plantaardige producten.

 

Zie ook de SMILES-study : depression and nutrition.

 

Uit verschillende meta-analyses blijkt nu duidelijk dat het eten van fruit, groenten en het mediterrane dieet zowel een preventief als een curatief effect heeft op angst en depressie, evenals lichaamsbeweging.

 

Andere voedingswijzen worden ook genoemd, zoals afwisselen van eet- en vastenperiodes (tijdens het vasten worden ketonlichamen als energiebron voor de hersenen aangemaakt, zie "Het ketogeen dieet"). Uit studies bleek dat vasten vooral bij patiënten met een bipolair syndroom, tot goede resultaten leidde.

 

Je kan ook vasten op andere gebieden, weg van computer en laptop, van lawaai en pollutie, van werk, van smartphone, van stress en slechte straling...

 

 

Andere :

 

    • luminotherapie of lichttherapie (hersynchronisatie 's morgens, minstens 5 x per week, steeds op hetzelfde uur, meestal 30' voor het normale uur van opstaan) : tekort aan licht beïnvloedt de synthese van serotonine negatief, waardoor seizoensgebonden stemmingsstoornissen ontstaan, tengevolge van een daling van de noradrenerge activiteit... Vooral bij ouderen (die al minder buitenkomen en waarbij sommige functies van de ogen achteruit gaan (bv. door cataract)) zijn minder gebaat met daglicht. Bij hen kan lichttherapie helpen . Synoniemen : fototherapie, luxtherapie.

 

      • deze therapie moet steeds onder toezicht en begeleiding van een arts gebeuren. Verkeerd gebruik (op een verkeerd moment van de dag of te lang) kan immers bestaande depressieve symptomen verergeren en/of slaapstoornissen veroorzaken.

 

      • daglicht is veel sterker dan kunstlicht : binnenhuisverlichting heeft een intensiteit van 200 lux, kantoorlicht al 500 lux, terwijl buitenlicht op een bewolkte dag gemakkelijk 20.000 lux bedraagt, en zonsopgang of zonsondergang 10.000 lux. Een zonnige zomerdag brengt "buiten" tot 100.000 lux op, een zonnige winterdag van 2000 tot 10.000 lux. Bedraagt de lichtintensiteit minder dan 2000 lux dan maakt het lichaam teveel melatonine aan (slaaphormoon), is de lichtintensiteit voldoende dan wordt serotonine vrijgesteld (goed humeur-hormoon)

 

      • buitenlicht verandert ook nog eens de hele dag van kleur, terwijl kantoor licht constant warm wit is.

        • wit licht doet de aanmaak van melatonine stoppen ('s morgens, helder, fitter)

        • geel-blauw licht onderdrukt de aanmaak van melatonine (overdag)

        • rood licht stimuleert de aanmaak van melatonine ('s avonds, gezelliger)

 

      • om binnen buitenlicht zo natuurgetrouw mogelijk na te bootsen, zijn niet alleen de intensiteit van belang, maar ook de kleuren :

        • de intensiteit van kunstlicht is een beperkende factor : optrekken tot 800 lux moet kunnen zonder overmatig energieverbruik

        • de kleuren moeten kunnen inspelen op de activiteiten gedurende de dag :

          • overdag, koel wit licht om zich fit te voelen (en te blijven) : stimulerende en productieve omgeving

          • 's avonds, slap geel licht naar rood : ontspannende en gezellige omgeving.

 

De huidige norm voor verlichtingssterkte op het werk is alleen gebaseerd op visuele criteria : kan men voldoende zien ?. Nochtans is haar intensiteit te zwak en haar kleuren onaangepast om zich blijvend goed te voelen (= om zijn hormoonproductie te beheren).

 

      • iemand die dus de ganse dag binnen werkt krijgt duidelijk niet genoeg licht binnen. Door 's middags een kwartiertje buiten te wandelen, zelfs met slecht weer, krijgt men voldoende daglicht binnen voor een goede nachtrust

 

      • naar het werk lopen of fietsen is nog beter : een flinke hoeveelheid licht aan het begin van de dag zet meteen de biologische klok gelijk (daarom wordt lichttherapie ook bij voorkeur om 9 uur 's morgens gegeven)

 

Noot :

1. De firma Lucimed (Villers-le-Bouillet) in Wallonië maakt de "luminette", een soort bril met ingebouwde lichtbron (2 x 4 dioden) en een hologram die de hoeveelheid licht die door de retina gaat sterk verhoogt. Deze bril wordt overdag op het voorhoofd gedragen en laat het gelijktijdig gebruik van een normale bril toe.

2. Gebruik lichttherapie alleen onder medisch toezicht : lichttherapie is immers tegenaangewezen bij bv. cataract.

 

    • rood licht : zonder dagelijkse blootstelling aan zonlicht kan het menselijk organisme niet leven. Bronnen van rood- en infrarood licht (IR) zorgen voor energie voor de mitochondria, de energiecentrales aanwezig in alle cellen van ons lichaam. De endogene synthese van ATP is immers enkel mogelijk in aanwezigheid van een eiwit, het cytochrome C oxidase, dat zorgt voor de noodzakelijke elektrische stroom voor het opstarten van dit proces. De aanwezig van ijzer en koper in dit eiwit maakt het heel gevoelig voor rood licht. Zichtbare rode en onzichtbare rode (IR) straling zorgen zo voor een stimulerend en revitaliserend effect op de cellen van alle organen : om te herstellen, te helen en te verzachten van o.a. depressieve en angstgevoelens . Maar ook van de ziekte van Parkinson .

 

    • mediteren : meditatie in het algemeen oefent een positieve invloed uit op de hersenen : meditatie bevordert het ontstaan van positieve emoties en stimuleert het immuunsysteem. Mediteren helpt gedachten autoreguleren, hen niet laten spoken in alle richtingen, wat onvermijdelijk tot stress leidt. Zijn gedachten beheersen is zich niet meer vastpinnen op het idee dat de gedachten bederft, maar integendeel, het loslaten. Mediteren verhindert zo te denken aan zijn angsten. Meditatie kan een therapeutisch hulpmiddel zijn dat beroep doet op het potentieel van het individu. Het vraagt immers een inspanning van de patiënt. Maar vooral, het gaat in tegen het zoeken naar een oplossing "buiten" zichzelf.

     

    • loslaten : bewust stilvallen en alleen zijn. Niet evident, want sociale media sturen voortdurend prikkels op ons af die enerzijds onze tijd hypothekeren, maar anderzijds ons ook confronteren met wat we allemaal aan het missen zijn. Laat je FOMO (Fear of Missing Out) los. Voor sommigen is dit moeilijk, want als alle schermen verdwijnen, val je terug op jezelf. Maar dat is net de sleutel van een gelukkig leven: kunnen genieten van tijd met jezelf... Eva Brumagne in "Roadmap voor tijd en balans"
      ISBN 9789461316776
      .

 

    • Computerized Cognitive Behaviour Therapy (CCBP) : een internet-based computerprogramma gesteund op cognitieve therapieën om bij zichzelf depressie te behandelen. Studies tonen aan dat dit type therapie gemakkelijk aanvaard wordt én werkzaam is, zeker bij ontluikende depressies en angstgevoelens. En 24u/24 bereikbaar Kaltenhalter, E., Brazier, J., De Nigris, E., Tumur, I., Ferriter, M., Beverly, C., Parry, G., et al. (2006). Computerised cognitive behaviour therapy for depression and anxiety update: a systematic review and economic evaluation. Heath Technology Assessment, 10(33), 1-186 . Bij chronische depressieve patiënten kan CCBP een aanvulling betekenen op het 2e-lijns behandelaanbod.

 

    • langketen omega3 vetzuren (in koolzaadolie, lijnzaadolie, in vis) : voor het onderhoud van de cognitieve functies en de stressbestendigheid ( DHA voor de fluïditeit van de celmembranen en EPA bij unipolaire depressie en schizofrenie, EPA/DHA bij bipolaire depressie). Dit deficit werd ook gezien bij anorexie-patiënten (zie : "Obesitas").

      • preventief : 1g EPA/dag ; bij neerslachtigheid, 3g/dag in 3 giften bij de maaltijd, gedurende minstens 1 à 3 weken. Van zodra een verbetering wordt vastgesteld mag men progressief terugkeren naar 1g/dag. Een studie met 432 patiënten bevestigt de werkzaamheid van omega3 onder vorm van 1g/d EPA bij patiënten met een ernstige depressie zonder angststoornis (55% van de patiënten) OMEGA-3D study, The journal of clinical psychiatry, juni 2010 (www.jim.fr).

      • opgelet : in geval van een behandeling met anticoagulantia of met aspirine : omega3 vetzuren verminderen ook de plaatsjes-aggregatie.

 

 

    • SAMe, betaïne , vit B6 en vit B12 :

      • SAMe (methylatie) : elk tekort aan SAMe veroorzaakt een verstoring van de synthese van de neurotransmitters betrokken bij de emotie en bij de ontwikkeling van een depressie (400 tot 800mg/d als aanvulling van een behandeling met Sint-Janskruid of Saffraan : zie verder)

      • pyridoxal 5-fosfaat, de actieve vorm van vit B6, is een cofactor in de synthese van serotonine

      • een tekort aan vit B12 is verantwoordelijk voor een neurologisch syndroom dat o.a. depressieve symptomen omvat (bv. bij ouderen)

      • betaïne is ook betrokken bij de omzetting van homocysteïne.

 

    • vit B8 (biotine) : gebrek hieraan kan depressie veroorzaken.

 

    • vit B2 (riboflavine) : werd in verband gebracht met het voorkomen van depressie.

 

    • vit B1 (thiamine) : cofactor van het enzym pyruvaat dehydrogenase (bij de oxidatieve decarboxylatie) ; lage vit B1-spiegels werden gezien bij depressieve patiënten Geng Zhang, Hanqing Ding, Honglei Chen, Xingwang Ye, Huaixing Li, Xu Lin, Zunji Ke. Thiamine Nutritional Status and Depressive Symptoms Are Inversely Associated among Older Chinese Adults. J. Nutr. 2013 jn.112.167007; first published online November 21, 2012. doi:10.3945/jn.112.167007 .

 

    • vitamine D : te lage vitamine D spiegels in het bloed zijn in verband gebracht met de ontwikkeling van depressie, van de ziekte van Alzheimer, van dementie en van kanker ; een controle van het gehalte aan vitamine D in het bloed is aangewezen.

 

    • antioxidantia, om de oxidatie van de omega3 vetzuren in het organisme tegen te gaan : fruit, groenten (flavonoïden) of supplementen met Zn, Se, Cu, Mn, vit E, bèta-caroteen, vit C? ...

 

    • bepaalde probiotica : een microbieel onevenwicht in onze darmen verstoort de controle van de ontstekingsresponsen en zou daarom kunnen betrokken zijn bij de modulatie van ons humeur en gedrag . Het innemen van probiotica kan helpen bij het reduceren van negatieve gedachten, die vaak geassocieerd worden met negatieve gevoelens .

 

    • bio-magnesium (+ vit B6 + taurine voor een betere opname) : voor het verzachten van angst... : 400mg/d in preventie en 800mg/d bij depressieve gevoelens, in 2 giften, 's morgens en 's avonds. De bloedwaarden van Fe en K ook controleren : ijzertekort leidt tot een verlaagde hersenfunctie onder vorm van een dopaminerge depressie.

 

    • stress-beheersing : eventueel met yoga, taï chi ... Zo verhoogt het beoefenen van Assana's (yoga) de GABA-vrijstelling in de hersenen, wat ontspanning brengt en tussenkomt bij de beheersing van angstgevoelens : meditatie verhoogt de activiteit van de hersenzone die geassocieerd wordt met positieve emoties en verlaagt deze van de overeenkomstige stresszone. Vooral voor depressieve individuen die meer last hebben van lichamelijke symptomen dan van stemmingsgebondensymptomen kunnen meditatie- en relaxatietechnieken als aanvulling van een medische behandeling nuttig zijn. Ze kunnen het zelfbeeld verbeteren, het isolement doorbreken en bovenal het gevoel geven dat de patiënt zichzelf helpt, zodat de afhankelijkheid afneemt.

 

Op zoek naar een psychotherapeut? zie PSY.be

 

    • zingen : al zingend doorstappen, zangles volgen, het bespelen van een blaasinstrument, yoga of Qigong, allemaal manieren om de buikademhaling te ontwikkelen. Het diafragma, als sleutelspier van de ademhaling, is verbonden met het vegetatief zenuwstelsel dat de automatische activiteiten controleert. Door bewust in te werken kan het evenwicht herstelt worden en wordt energie herwonnen. Ook bevordert zingen de vrijstelling van endorfinen, hormonen van het "goed gevoel" met natuurlijke pijnstillende en antidepressieve eigenschappen. Zingen is een uitstekende manier voor het uiten van emoties, vooral wanneer dit moeilijk kan met woorden alleen (verlegen, autisme, handicap,...). Zingen verschaft ons een gevoel van zelfzekerheid, geeft ons moed, helpt los te laten... Zingen heeft een positieve invloed op het immuunsysteem en helpt ons bv. beschermen tegen infecties.

 

    • fytotherapie :

 

      • St-Jans kruid : is een natuurlijke remmer van de serotonine-heropname in de synapsen :

        • zoals de synthetische antidepressiva, duurt het wel enkele weken vooraleer resultaat mag verwacht worden ; ook mag men niet zomaar de behandeling onderbreken.

        • opgelet : bepaalde farmaca kunnen interageren met St-Jans kruid : de pil, immunosuppressiva (ciclosporine), anticoagulantia (anti vit K), antiretrovirale middelen, medicamenten op basis van theofylline (astma), de andere antidepressiva.

 

      • Griffonia : 5-HTP is een aminozuur gevormd in het organisme uit tryptofaan, een ander aminozuur dat voorkomt in proteïnerijk voedsel (vlees, gevogelte, vis, melkproducten, peulgroenten en noten). Het komt ook voor in de zaden van de plant Griffonia.  Het opgenomen 5-HTP wordt in het organisme omgezet naar serotonine. Positieve effecten zijn te verwachten na 2 weken behandeling.

 

      • Saffraan (Crocus sativus) : 30mg/dag (enkel mogelijk via voedingssupplement), met antidepressieve effecten. Positieve effecten zijn te verwachten na 2 weken behandeling.

 

      • Passiebloem (Passiflora incarnata) vloeibaar extract : "gelaten angst" bij depressie behandelen met 4 x per dag 10 druppels eventueel samen met Valeriaan ; 40 druppels 's avonds, eventueel samen met Escholtzia.

 

      • Stinkende ballote (Ballota nigra) vloeibaar extract : "hyperactieve angst of stress" bij depressie behandelen met 4 x per dag 10 druppels, eventueel samen met Passiebloem ; 40 druppels 's avonds, eventueel samen met Passiebloem.

 

      • Groene thee (Camelia sinensis) : een hypothese stelt dat de anhedonie (verlies aan belangstelling voor dagelijkse activiteiten) het gevolg zou zijn van een tekort aan dopamine en/of van een verminderde overdracht ervan. EGCG zou dus de overdracht van dopamine in het beloningssysteem beïnvloeden .

       

      • Curcuma (Curcuma longa) : remt de productie van leukotriënen, neutraliseert NO (400mg, 3x/d), remt ook de expressie van NF-kB (zie ook : "Inflammatie-respons"). Vermindert in 4 weken tijd de depressieve symptomen .

       

      • Berberine (Zuurbes, Berberis vulgaris) : kan het enzym AMPK (mTOR) activeren. AMPK is een regulator van het metabolisme en bezit neuroprotectieve capaciteiten.  Berberine vermindert angst- en depressieve symptomen door de vrijstelling van neurotransmitters zoals noradrenaline, serotonine en dopamine te verhogen en de vrijstelling van glutamaat te verlagen .

 

 

    • het onderhoud van de affectieve relaties : het evenwicht van het emotioneel brein hangt ook af van de kwaliteit van al onze affectieve banden (partner, kinderen, familie, vrienden, collega's maar ook huisdieren...)

      • het emotioneel contact is een echte biologische behoefte, absoluut noodzakelijk voor de groei, en zelfs voor de overleving ; geen enkele pil kan deze vitale behoefte dekken.

      • ten andere, wanneer de affectieve relaties afbrokkelen, gaat de fysiologie ook achteruit : wat wordt aangevoeld als een affectieve pijn, even intens als een fysische pijn.

      • waarom geen kat als coach? Een kat leert je communiceren, maakt je tot vriend : al spinnend met ingetrokken nagels onder zacht gesnor... , affectie tonend door te spelen, te likken, te strelen...

 

 

Hoe een depressief persoon helpen :

 

  1.  

    • een luisterend oor (empathie!), een helpende hand, coaching, emotioneel beheer : dit moeten de primaire uitgangspunten vormen. De hulp van een psychotherapeut of psychiater zal waarschijnlijk nodig zijn.

     

    • het heeft geen zin de persoon te willen motiveren ("Herpak je!, Laat je niet gaan!..."). Depressie is een ziekte : het is niet dat de persoon niet wilt beter gaan, hij kan niet. Het is belangrijk dit te begrijpen en niet te denken dat depressie alleen een kwestie is van wilskracht. Wees een luisterend oor... maar neem niet alles op je.

 

    • het is belangrijk te weten dat een behandeling lang kan duren (gemiddeld 6 à 9 maanden) en dus ontmoedigt.

 

    • vermijd, indien mogelijk, het gebruik van antidepressieve geneesmiddelen : deze kunnen ook verterings- en seksuele stoornissen (libidoverlies) uitlokken . Toch kunnen antidepressiva een goede tijdelijke oplossing zijn. Maar het medicaliseren van psychische lijden mag niet verhinderen dieper in te gaan op de onderliggende emotionele problemen om bij zichzelf de krachten te vinden die helpen op te kunnen tegen de uitlokkende gebeurtenissen. Alleen deze weg leidt terug naar autonomie. Maar men kan zich wel laten helpen.

 

    • onderhoud geen schuldgevoelens :

      • het is niet jouw fout dat een van uw naasten depressief is.

      • het is belangrijk een eigen leven te behouden en sociale contacten met anderen (familie, vrienden...) te onderhouden, zonder het minste schuldbesef als de depressieve persoon jou niet wil vergezellen.

      • het is nodig zichzelf te verzorgen om anderen te kunnen helpen.

 

 

 

 

 

 ZOELHO (c) 2006 - 2023, Paul Van Herzele PharmD        Laatste versie : 08-jan-23                     

DisclaimerDisclaimer

 

De lezer dient steeds in acht te houden dat de beschreven curatieve eigenschappen in geen enkel geval het medisch advies vervangen, welke steeds onmisbaar is bij het stellen van een diagnose en bij bepaling van de ernst van de aandoening. Wel wordt de gebruiker gestimuleerd beslissingen met betrekking tot zijn gezondheid te nemen, op basis van eigen research, steeds in samenspraak met een professionele gezondheidswerker.

 

In alle gevallen valt het gebruik van dit programma enkel onder de controle, het beheer, de risico's en de verantwoordelijkheden van de gebruiker.